Bij een aardbeving in het westen van Colombia zijn tientallen mensen omgekomen. De beving had een kracht van 7,4 en trof onder meer de steden Cali, Pereira, Manizales en Quibdó. Talloze gebouwen zijn ingestort. Een onbekend aantal mensen ligt onder het puin.
is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Eerder was hij correspondent in Oost-Europa en Zuidoost-Azië.
De aardbeving vond plaats om 7.30 uur lokale tijd. Het epicentrum lag bij het dorp San José del Palmar, niet ver van de stad Pereira, en de beving werd zelfs 400 kilometer verderop in de hoofdstad Bogotá gevoeld. In de regio Valle de Cauca, waarin de stad Cali ligt, bedroeg het dodental 47. De burgemeester van Pereira meldde dat in zijn stad zeker 18 doden zijn gevallen. In Manizales, een stad met een half miljoen inwoners, kwamen minstens drie mensen om. Een van de torens van de kathedraal van de stad stortte in en kwam neer in het middenschip.
De gouverneur van de dunbevolkte regio Chocó, Nubia Córdoba, zei dat er in de regionale hoofdstad Quibdó ‘gewonden waren en ernstige schade aan gebouwen’. Meerdere daarvan zouden zijn ingestort. Veel mensen waren hun huizen uit gevlucht en een onbekend aantal mensen zat bekneld tussen de brokstukken.
In het westen van Colombia vinden vaker aardbevingen plaats. De hevigste tot nu toe deed zich voor in 1999, bij de stad Armenia in dezelfde regio, en had een kracht van 6,2. Destijds kwamen meer dan 1.100 mensen om het leven.
Venezuela, de oosterbuur van Colombia, werd eind juni getroffen door twee zware aardschokken, met een kracht van 7,2 en 7,5. Bij die bevingen kwamen meer dan 5.000 mensen om het leven.
Source: Volkskrant