DEN HAAG - Een dorp binnen de stad, met zijn eigen mores en bewoners van verschillende pluimage. Sommigen staan al generaties lang op de Haagse Markt, anderen komen net kijken. Driss M'hamdi behoort met vijftien jaar op de teller tot de relatieve nieuwkomers.
Een begrip is het: De Haagse Markt, al 88 jaar op dezelfde locatie (Herman Costerstraat). Het is de grootste onoverdekte markt van Nederland en een van de grootste van Europa. De ruim vijfhonderd kramen bieden werk aan meer dan duizend mensen. Wie zijn de gezichten achter de kramen? Dit is een verhaal in onze serie Op De Haagse Markt.
'Ik lustte geen vis, at geen vis, ik viste niet, ik had niks met vis. Dus toen mijn broer belde of ik bij een viskraam wilde gaan werken, heb ik hem uitgelachen. Maar ik heb het toch geprobeerd.'
En geloof het of niet: Driss M'hamdi (48) is nu de trotse eigenaar van een viskraam. Zijn eerste werkgever, daar heeft hij nog steeds contact mee. 'Hij vertelde me op mijn eerste werkdag dat ik betaald werd om te kijken. Dus dat deed ik.'
Driss keek hoe de man werkte, de vis schoonmaakte en hoe hij met zijn klanten omging. 'Hij legde ook van alles uit over de soorten vis en ik kreeg elke dag een visje mee naar huis.'
Hij moest dan zelf uitvogelen hoe die moest worden bereid. 'Bakken was dat meestal. Ik merkte dat de verschillende soorten vis heel verschillend smaakten.'
Het duurde niet lang voordat Driss de vis lekker ging vinden en het werk leuk. 'Ik was op mijn tiende vanuit Marokko naar Nederland gekomen en op school wilde het niet echt lukken.'
Hij ging her en der werken en soms ook even helemaal niet. Maar in de viskraam op de markt, eerst op Rotterdam-Zuid, had hij zijn roeping gevonden. Zoals hij het zelf noemt: 'De kunst om een visje te verkopen.'
Driss spreekt bijna elke voorbijganger aan met de vraag of ze vis willen. Regelmatig heeft hij beet en dan doet hij zijn kunstje. 'Dan leg ik uit hoe de vis moet worden klaargemaakt. Als de mensen terugkomen om te zeggen hoe lekker het was, daar word ik helemaal blij van.'
Begin dertig was Driss toen hij het vak onder de knie kreeg. 'Ik vond het leuk. Je leert snel als je iets leuk vindt. Als je het niet naar je zin hebt dan ga je het ook niet leren.'
Na verloop van tijd verkaste hij naar Den Haag, waar hij ook al woonde. 'Dat is fijner in mijn eigen stad, dat scheelt iets met opstaan.'
Toen Driss een paar jaar op de Haagse markt werkte, kreeg hij het aanbod om een kraam te gaan runnen. 'Op 50-50-basis. Dat heb ik drie jaar gedaan en toen vroeg mijn partner of ik de kraam wilde overnemen.'
Daar heeft hij geen seconde over na hoeven denken. 'Ik ben met niks gekomen, dus ik heb niks te verliezen.' Dat was in 2021, middenin de coronacrisis. 'Wij waren gewoon open en het was toen veel drukker op de markt.'
Sinds hij eigen baas is, heeft hij wel meer stress. 'Alles moet worden geregeld en er moet wel vis liggen.' Een jongeman die voorbijloopt, geeft hem een kus op zijn voorhoofd en zegt dat Driss zijn vader is, wat niet zo is.
'Ik heb wel kinderen. Als zij het willen overnemen, dan mag dat. Maar ik zal ze niet dwingen. Ze moeten het leuk vinden, anders werkt het niet.'
Meer verhalen uit onze serie 'Op de Haagse Markt' lees je hier
Source: Omroep West Den Haag