Luuk de Vries heeft tijdens het vijfde raceweekend van de Moto4 European Cup op het Circuit Ricardo Tormo in Valencia opnieuw duidelijke progressie laten zien. De jonge Nederlander knokte zich zondagochtend na een moeizame start van de Last Chance Race terug naar de zevende plaats. Dat resultaat was echter niet voldoende om zich alsnog te plaatsen voor de hoofdraces.
Luuk de Vries begon het weekend vrijdag met twee vrije trainingen. Daarbij kon hij voortbouwen op de test die hij een week eerder met het team op hetzelfde circuit had afgewerkt. De basis was goed en gedurende de eerste dag werd duidelijk waar nog tijd te winnen viel.
Zaterdagochtend zette De Vries tijdens de Practice opnieuw een stap vooruit. Verdere verbetering bleef vervolgens uit, waardoor hij later op de dag via Q1 moest proberen een plaats in Q2 af te dwingen. Ook daarin liet de Nederlander zien dat zijn snelheid steeds beter werd. Het vinden van een goede positie op de baan bleek echter lastig, omdat weinig rijders bereid waren het kopwerk te doen. Tot twee keer toe zag De Vries een snelle ronde verloren gaan doordat een rijder vlak voor hem het gas dichtdraaide.
Daarmee gingen niet alleen twee potentiële snelle rondetijden verloren, maar ook zijn kansen om door te stromen naar Q2. De teleurstelling was groot, maar er resteerde zondag nog één mogelijkheid om een startbewijs voor de hoofdraces te bemachtigen: de Last Chance Race.
Vanaf de zesde startpositie kende De Vries geen goede openingsfase. Na de eerste ronde kwam hij als tiende door en had hij vier posities verloren. Daarna volgde een sterke reactie. De Nederlander werkte zich op eigen kracht stap voor stap naar voren en wist zich na drie ronden los te rijden van de groep achter hem. Vervolgens begon hij het gat naar de volgende groep dicht te rijden.
Dat moest De Vries grotendeels zonder hulp van een slipstream doen. Op de rechte stukken liepen zijn concurrenten telkens weer iets bij hem weg, waardoor hij vooral in de bochten het verschil moest maken. Met een hoge bochtensnelheid, goede exits en sterk remwerk wist hij desondanks steeds meer terrein goed te maken. Ook zijn snelste ronde reed De Vries grotendeels op eigen kracht. Het tempo dat hij daarbij liet zien, zou volgens het team goed zijn geweest voor een positie in de top tien van de hoofdraces.
Uiteindelijk kwam De Vries als zevende over de finish. Een sterke comeback, maar niet voldoende om zich alsnog voor de hoofdraces te kwalificeren.
Ondanks het missen van de hoofdraces kijkt De Vries samen met zijn team positief terug op het weekend. Gedurende de drie dagen werd opnieuw veel geleerd en ging het tempo steeds verder omhoog. Tegelijkertijd zijn de onderlinge verschillen in de Moto4 European Cup klein. Om zich structureel tussen de snelste rijders te kunnen mengen, zal De Vries de progressie die hij nu gedurende een weekend maakt eerder moeten zien te vinden.
“We zijn ontzettend trots op De Vries en op het werk dat hij dit weekend heeft verricht. Het niveau in de Moto4 European Cup is ongelooflijk hoog en daardoor moet alles kloppen. We zien dat de snelheid er is en dat De Vries iedere sessie leert en stappen maakt. Nu is het zaak om die stappen eerder in het weekend te zetten en alle goede dingen aan elkaar te knopen.”
“We zijn ontzettend trots op De Vries en op het werk dat hij dit weekend heeft verricht. Het niveau in de Moto4 European Cup is ongelooflijk hoog en daardoor moet alles kloppen. We zien dat de snelheid er is en dat De Vries iedere sessie leert en stappen maakt. Nu is het zaak om die stappen eerder in het weekend te zetten en alle goede dingen aan elkaar te knopen.”
De Vries blijft de komende dagen in Spanje om samen met zijn trainer verder te werken. Volgende week keert hij terug naar het Circuit Ricardo Tormo, waar hij met het MIR Racing Aspar Team deelneemt aan het ESBK kampioenschap. Daarmee krijgt de Nederlander meteen een nieuwe kans om de lessen van dit weekend in de praktijk te brengen.