Frank Heinen is schrijver en columnist voor de Volkskrant.
‘Vanavond bij mij aan tafel: een gek, een Oekraïne-ontkenner, een klimaatontkenner, twee veroordeelde hooligans en een wethouder uit Oldebroek. Om met u te beginnen, professor doctor Canard: u had het onlangs in uw programma over omvolking, de tamelijk omstreden theorie dat witte mensen worden vervangen door niet-westerse immigranten, als onderdeel van een plan van een perfide elite.’
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
‘Ja?’
‘U neemt daar afstand van?’
‘Nee, hoezo? Het is toch zo?’
‘Die theorie is tamelijk omstreden.’
‘Luistert u nou zo slecht? Ben ik ongehoord?’
‘U neemt daar geen afstand van? Ook niet een beetje, alleen voor nu, even?’
‘Word ik nu weggezet als racist? Ik waarschuw u nu voor de laatste keer. Luister, mevrouwtje, ik vertolk gevoelens en gedachten. Ik vertegenwoordig een substantieel aantal mensen in dit land. Wilt u die allemaal wegzetten als racisten, alleen maar omdat ze niet meer tegen buitenlanders kennen? Ik weet niet of het u is opgevallen, maar het zijn opvallend vaak buitenlanders die ons ‘racisten’ noemen – ik insinueer niks, maar ik laat me niet monddood maken, door geen enkele minderheid.’
‘U mag vinden wat u wil – ik ben niet van de gedachtenpolitie. Ik vraag me alleen wel af of dit soort opvattingen een rol spelen in die geconstateerde ondoelmatige samenwerking op bestuurlijk niveau.’
‘Weet u wie trouwens wél een prima gedachtenpolitie had?’
‘U komt zo aan de beurt, mevrouw Bommelstein, als we het gaan hebben over wat de verkiezingswinst van een charismatische parfumverkoper zegt over de behoefte aan een frisse wind in Duitsland. Even terug naar meneer Canard. Zijn er, procedureel dan wel beleidsmatig, zaken geweest waarvan u achteraf zegt: dat hebben wij, tijdens het uitvoeren van onze publieke taak om vreemdelingenhaat aan te wakkeren, leugens te verspreiden en de journalistiek van binnenuit te slopen, slordig gedaan, dat had zorgvuldiger gekund?’
‘Ik heb geen idee waar u naar op zoek bent.’
‘Naar de juiste toon.’
‘We gaan het straks nog hebben over leesvaardigheid en over Roxy Dekker, maar eerst naar Otichem. Te gast zijn de heren A. en B., die fel gekant zijn tegen de komst van een noodopvang aldaar.’
‘Wij zijn niet per se gekant, het is meer dat we ze niet motten. Pluriformiteit is prachtig, maar je kan ook te ver gaan. Ik ben de woordvoerder en mijn confrère hier neemt de knuppel ter hand. Het is bij ons: A zeggen, en B doen.’
‘De knuppel? Is dat niet… wat… gewelddadig?’
‘Zit jij ons nu te framen? Ik dacht dat journalisten objectief moesten zijn? Leuk omroepje heb je hier – zonde als we daar de kernpunten van de koepelorganisatie op zouden moeten loslaten.’
‘U bent hier ook omdat u een documentaire heeft gemaakt over klimaatverandering, en daarin schildert u een tamelijk rooskleurig toekomstbeeld als we direct weer maximaal Russisch gas gaan verbruiken. Dat staat haaks op veel wetenschappelijke modellen.’
‘Wij hebben onze eigen modellen.’
‘Weet u trouwens wie ook heel verdienstelijk schilderde?’
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.