Home

Opinie: Europa moet zijn verhaal geloofwaardig maken

Europa heeft geen nieuw verhaal nodig. De ingrediënten voor het vertrouwen zijn er nog steeds. De politieke uitdaging is om ze te verbinden aan een toekomst die bereikbaar aanvoelt.

Als Ursula von der Leyen op 16 september haar ‘troonrede’ uitspreekt, doet ze dat op een ongebruikelijk beslissend moment voor Europa. Door geopolitieke onrust – van Poetins oorlog en Trumps Amerika tot de opkomst van China en de chaos in het Midden-Oosten – is de toekomst van Europa een politiek slagveld geworden. Net nu er in Frankrijk, Polen, Italië en Spanje nationale verkiezingen aankomen en in Duitsland grote regionale stembusgangen op stapel staan.

Europese leiders moeten zich dus schrap zetten voor een strijd over de toekomst van Europa. Nieuw onderzoek door ons wijst erop dat zij misschien de aard van die strijd onderschatten: ze miskennen hoezeer Europa centraal staat in de gedachten van de Europeanen en ze hebben geen oog voor een kritisch deel van het electoraat dat zich niet laat indelen in een handig onderscheid tussen pro-Europeanen en eurosceptici.

Over de auteurs

André Wilkens is directeur van de Europese Culturele Stichting (ECF) in Amsterdam. Paweł Zerka is beleidsmedewerker bij de Europese Raad voor Buitenlandse Betrekkingen (ECFR) in Parijs.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Enquête

In mei 2026 hebben we onder bijna zesduizend burgers in Frankrijk, Duitsland, Italië, Nederland, Polen en het Verenigd Koninkrijk een enquête gehouden. Ook vroegen we mensen om in hun eigen woorden te zeggen wat Europa voor hen betekent, hoe Europa ervoor staat en hoe zij verwachten dat Europa er over twintig jaar uitziet.

De resultaten geven een beeld van wat wij ‘de verbeeldingskloof’ van Europa noemen. Het merendeel van de Europeanen is zich inmiddels bewust van de geopolitiek hachelijke situatie waarvoor ze zich gesteld zien. Ze begrijpen dat Amerika onvoorspelbaar is, dat Rusland een bedreiging vormt en dat Europa meer bij machte moet zijn om voor zichzelf op te komen. Maar onderkennen dat Europa sterker of meer verenigd moet worden, is niet hetzelfde als geloven dat het daartoe ook in staat is.

Slechts 12 procent van de geënquêteerden omschreef het Europa van vandaag in termen van ‘ontwaken’ of ‘vernieuwing’. In plaats daarvan had 68 procent het over ‘verslechtering’ en het ‘verlies van normaliteit’. Slechts 20 procent vond dat Europa goed omging met de grootste uitdagingen – terwijl 74 procent kritisch was over hoe Europa het deed.

Twijfelaars

We onderscheidden vier groepen: positief, negatief, afgehaakt en twijfelend – gebaseerd op hoe mensen zich de toekomst van Europa voorstellen. Het opvallendst is een grote groep die we ‘de twijfelaars’ noemen. Die groep vormt ongeveer een derde van de mensen in de betrokken landen. Net als de ‘positieven’ vereenzelvigen ze zich meestal in sterke mate met Europa en velen van hen willen meer Europese eenheid en politieke integratie. Ze hebben er echter moeite mee om te geloven dat het Europa dat zij willen er ook werkelijk zal komen en, net als de ‘negatieven’, denken ze vaak dat de toekomst van Europa in gevaar is.

Een Poolse geënquêteerde, geboren in de jaren zestig van de vorige eeuw, vat hun dilemma mooi samen. Ze stelt zich het Europa van morgen voor als een plek ‘zonder oorlogen, zonder chauvinisme, met vrij verkeer van mensen en goederen, ecologisch bewuster, zonder armoede’. Wordt haar echter gevraagd of zo’n Europa er ook echt zal komen, antwoordt ze: ‘Ik ben bang dat het niet meer is dan een mooi idee waar maar weinig mensen naar zullen streven.’

Dat is een politiek belangrijk onderscheid, omdat de critici van Europa nu al gemakkelijk te begrijpen toekomstperspectieven schetsen. Sommigen beloven herstel van de nationale soevereiniteit, respect voor traditionele waarden en bescherming van de grenzen. Hun programma’s richten zich dan misschien meer op het verleden dan op de toekomst, maar geven wel een richting aan. De tegenstanders van Europa winnen wellicht niet omdat de door hen geschetste toekomst aantrekkelijker is, maar omdat die makkelijker voor te stellen is.

Redenen om te geloven

Het pro-Europese midden reageert te vaak alleen met het verdedigen van de Europese integratie, het waarschuwen voor populisme en het wijzen op de verdiensten van de EU. Daarmee lopen ze het risico dat ze niet het electoraat bereiken dat ze het hardst nodig hebben. De twijfelaars hoeven niet noodzakelijkerwijs te worden overtuigd van de wenselijkheid van Europese samenwerking. Zij hebben redenen nodig om te geloven dat het kan werken.

Het Europese midden kan zich ook niet uit dit probleem redden door beter te communiceren. Europese leiders moeten beslist niet naïef zijn over een zeer reële cultuuroorlog waarin binnenlandse en buitenlandse actoren verhalen over Europese zwakte, schijnheiligheid en verval aanwakkeren. Europese democratieën hebben goede redenen om tevens sociale media minder kwetsbaar te maken voor manipulatie, onafhankelijke media te ondersteunen en beter te worden in het bereiken van een publiek dat buiten de traditionele pro-Europese bubbels valt.

De verbeeldingskloof kan echter niet simpelweg worden gefactcheckt, uitgezocht door influencers of door regulering worden opgelost. De onzekerheid van de twijfelaars is gebaseerd op zaken die zij denken te zien: besluiten die te veel tijd vergen, waarden die inconsequent worden toegepast en een continent dat nog steeds niet in staat blijkt om de eigen veiligheid te garanderen. Het effectiefste tegenargument tegen een verhaal over Europese zwakte is het aantonen van Europese kracht, gezond verstand en integriteit.

Trots

Er is ook reden tot hoop. De twijfelaars zijn geen sluimerende eurosceptici. Gevraagd wat Europees zijn voor hen betekent, noemen ze vaak een gedeelde cultuur, democratie en vrijheid. Dikwijls stellen ze zich een meer verenigd en politiek beter geïntegreerd Europa voor over twintig jaar. En als je ze vraagt op welk moment ze trots waren op Europa, hebben ze meestal levendige herinneringen die ze koesteren, inclusief die aan Europese uitbreiding, de Europese reactie op covid en op de oorlog in Oekraïne; zelfs die aan Eurovisie en Erasmus.

De ingrediënten voor het vertrouwen zijn er nog steeds. De politieke uitdaging is om ze te verbinden aan een toekomst die bereikbaar aanvoelt. Mevrouw de voorzitter, vertel de Europeanen niet alleen welke richting Europa op moet. Laat ze zien dat Europa ervoor zorgt dat het daar ook inderdaad komt.

Vertaling: Leo Reijnen

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next