Met de winter in aantocht kampt Oekraïne met een tekort aan afweerraketten, een gapend gat in de begroting en wankele bondgenoten. Poetin lijkt dat te willen uitbuiten voordat hij overweegt serieus te onderhandelen.
is politiek verslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft over veiligheid, diplomatie en buitenlands beleid.
De laatste tijd is er veel aandacht geweest voor de tegenslag die Rusland ondervindt in de oorlog tegen Oekraïne. Toch lijkt het erop dat CIA-directeur John Ratcliffe nul op het rekest kreeg toen hij onlangs naar Moskou vloog met de boodschap dat de Russische oorlogsinspanning hopeloos is en dat Rusland serieus moet gaan onderhandelen. Hetzelfde geldt voor Donald Trumps vaste gezanten Jared Kushner en Steve Witkoff.
Het tempo en de intensiteit van de luchtaanvallen op Kyiv en andere Oekraïense steden zijn sindsdien verder opgevoerd. En ideeën voor gedeeltelijke de-escalatie, bijvoorbeeld inzake het raken van energie-infrastructuur, zijn terzijde geschoven. President Vladimir Poetins woordvoerder noemt de energiesector Oekraïnes ‘achilleshiel’. Dus nee, bedankt.
Wat Rusland wil, is een ‘permanent akkoord dat helemaal in lijn is met Ruslands belangen’. En die barrage aan luchtaanvallen, zegt een Russische bron tegen The Washington Post, is ‘een signaal dat Rusland niet de behoefte voelt zich flexibeler op te stellen’.
President Trump zou wel een succesje kunnen gebruiken voor de tussentijdse Amerikaanse verkiezingen in november, heet het in Washington. Maar niemand twijfelt eraan dat Poetin deze winter opnieuw wil proberen de Oekraïners zo hard te raken dat hun ‘terroristische’ leiders worden gedwongen tot vergaande concessies.
De Russen kunnen met hun toegenomen arsenaal kruis- en ballistische raketten én hun drones met straalaandrijving nu veel meer civiele infrastructuur bestoken – en raken – dan voorheen, inclusief watervoorzieningen en voedselknooppunten. Daarom bestaat de angst dat ook honger een factor wordt deze winter, naast kou en gebrek aan elektriciteit.
Behalve met het gat in zijn luchtafweer, kampt Oekraïne met een steeds groter gat in zijn begroting. Dit jaar zou het gaan om 23 miljard euro, liet Oekraïne onlangs weten, tot grote schrik van Europese hoofdsteden. Sinds begin vorig jaar draagt Europa de financiële ondersteuning van Oekraïne bijna alleen, en dat begint in veel EU-lidstaten te wringen – waarbij Oekraïense corruptieschandalen de sceptici in de kaart spelen.
Extremistische politieke krachten wachten ook in grote Europese landen in de coulissen op hun moment om de steun aan Oekraïne de nek om te draaien. De gedachte dat met concessies aan Poetin inzake Oekraïne ‘vrede’ kan worden afgekocht voor de rest van Europa, wint aan populariteit. Als Frankrijk volgend jaar een radicaal-rechtse president krijgt, laat het effect zich raden.
Ook als zulke scenario’s uitblijven zal Europa in toenemende mate zuchten onder de financiële lasten van de oorlog. ‘Deze oorlog wordt steeds duurder, vooral door het groeiende belang van drones, luchtafweer, munitie en binnenlandse wapenproductie’, zegt de Oekraïense economist Oleksandra Moskalenko.
‘Rusland heeft zijn economie steeds meer gemilitariseerd en spendeert enorme middelen aan de oorlog. Als Oekraïne niet kan antwoorden op die escalatie, zullen zijn militaire positie en onderhandelingspositie onvermijdelijk verslechteren.’
Tot nu toe weet Oekraïne aan de frontlinie een veel groter leger tegen te houden. Daarbij compenseert het zijn gebrek aan mankracht deels met technologie en innovatie. Maar volgens Google’s oud-CEO Eric Schmidt is dat voordeel ‘snel aan het verminderen’, onder andere door nieuwe, snellere Russische drones. Ook ontwikkelt Rusland alternatieven voor Elon Musks Starlink-systeem, waarop het eerder leunde.
‘Rusland koppelt nu zijn schaalvoordeel aan eigen innovaties’, meent Schmidt. ‘Oekraïne heeft de ingenieurs, de wil en de innovatieve geest om deze totale oorlog te voeren, maar het ontbreekt aan de industriële productie op schaal die alleen westerse partners kunnen leveren.’
Niet iedereen is daar zo pessimistisch over: Oekraïne slaagde er dit jaar elke maand in meer vijandelijke militairen uit te schakelen dan Rusland kan rekruteren. Poetin kan nog olie op het vuur gooien met een nieuwe mobilisatieronde, maar verder heeft hij alle escalatieknoppen al helemaal opengedraaid – behalve de nucleaire.
Dat is niet voor niets: nucleaire dreigementen kunnen effectief zijn, maar daadwerkelijke inzet brengt voor Poetin, naast mondiale pariastatus, zeer grote risico’s met zich mee. Bovendien mag het echt niet van de Chinese president, ‘Grote Broer’ Xi Jinping.
Gemeten naar factoren als economische macht moeten Europese landen zelfs zonder de VS dit lang genoeg kunnen uitzingen: Poetins invasie heeft alles in zich om een mislukking van historische proporties te worden. Maar of ze dat politiek kunnen uithouden en de gelederen gesloten houden, blijft een open vraag.
Daarnaast is er het materiële probleem: de afhankelijkheid van cruciale munitie van de regering-Trump. Die vuurde deze week in één dag maar liefst zo’n zestig geavanceerde Pac-3-onderscheppingsraketten af, als antwoord op een Iraanse aanval met ballistische raketten. De Europese raketexpert Fabian Hoffman verzuchtte dat als de oorlog met Iran voortduurt, ‘de uitputting van het Amerikaanse arsenaal Pac-3 echt nabij kan komen’.
Dat voorspelt weinig goeds voor de Oekraïense campagne om aan driehonderd van die raketten te komen om de winter te overleven, al heeft de EU wel het geld beschikbaar gesteld om ze van de VS te kopen.
Met Rusland en de VS verwikkeld in oorlogen die tegelijkertijd enorme schade veroorzaken en een vorm van strategische zelfverminking zijn, hoopt China hier diplomatiek van te profiteren als ‘wijze derde’, die zijn eigen machtsambities kan maskeren als prediker van stabiliteit en multilateralisme.
Het laat onverlet dat de Chinese opbouw van militaire middelen al veel eerder begon dan de Russische, en dat China’s militaire macht groter is en sneller groeit. Bovendien koestert China zijn eigen territoriale ambities, al zegt het die langs niet-militaire weg te willen bereiken.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant