Home

De rijkste man van Afrika brengt zijn olieraffinaderij naar de beurs, in de hoop dat gewone Nigerianen aandelen kopen

De beurs in Nigeria staat normaal niet bekend om haar levendige handel, maar sinds een week heerst er aandelenkoopwoede. Olieraffinaderij Dangote is naar de beurs gegaan. Eigenaar Aliko Dangote, de rijkste man van Afrika, wil dat ‘gewone Nigerianen’ zijn aandelen kopen.

is Afrika-correspondent voor de Volkskrant. Ze woont in Naïrobi.

Dangote, de eerste commerciële olieraffinaderij van het land, ging vorige week maandag naar de Nigeriaanse beurs. De verkoop van de aandelen moet minstens 1,6 miljard dollar opleveren. Algemeen wordt de Dangote-beursgang gezien als de grootste ooit op het Afrikaanse continent.

‘Blijvende welvaart’

Aliko Dangote, 69, stelt dat deze beursgang voor ‘het volk’ is. ‘Onze koks, onze bedienden, onze managers, iedereen moet de gelegenheid hebben om een aandeel in de raffinaderij te kopen’, zei hij bij de beursintroductie. Hij hoopt dat de aandelenverkoop voor ‘miljoenen Nigerianen en Afrikanen’ ‘blijvende welvaart’ oplevert, zegt hij tegen de online-krant Ripples Nigeria.

Dangote-aandelen zijn spotgoedkoop: ongeveer 3 euro voor tien, het minimale pakket. Volgens de Britse omroep BBC is in Nigeria inmiddels sprake van een ‘aandelenkoopwoede’. Weekblad The Economist voorspelt de komende tijd een ‘stadion-achtige sfeer’ op beurzen in Afrika.

In Nigeria, rijk aan grondstoffen, maar waar veel mensen onder de armoedegrens leven, spreekt het tot de verbeelding dat je voor een luttel bedrag mede-eigenaar kan worden van een groot bedrijf. In Lagos, ’s lands grootste stad, plaatsten kersverse aandeelhouders filmpjes op sociale media waarin ze olietankers van Dangote aanspreken: doe voorzichtig met ‘onze bedrijfswagens’ en ‘onze investering’.

Ingrijpende verandering

De enorme Dangote-raffinaderij bij Lagos opende twee jaar geleden, produceert ongeveer 700 duizend vaten per dag en veranderde de Nigeriaanse oliemarkt ingrijpend. Nigeria is weliswaar een olieproducerend land, maar de olie kon decennia niet ter plaatse gebruikt worden, want er was geen deugdelijke raffinaderij.

Gewonnen olie werd noodgedwongen naar het buitenland verscheept om daar te worden bewerkt tot brandstof, om vervolgens voor vele miljarden dollars weer te worden teruggekocht, al dan niet via corrupte tussenpersonen. Gevolg: brandstofschaarste en lange wachtrijen bij de benzinepomp.

Dankzij Dangote veranderde Nigeria van brandstofimporteur plotseling in een belangrijke exporteur. In de eerste helft van dit jaar maakte de raffinaderij circa 1,8 miljard dollar winst. De oorlog tussen de VS en Iran en de sluiting van de Straat van Hormuz, traditioneel een belangrijke zeestraat voor olieschepen, helpt mee.

Nigeria, en dus eigenlijk Dangote, streefde afgelopen zomer zelfs de VS voorbij als belangrijkste leverancier van vliegtuigkerosine aan Europa. Al zijn de kerosinevoorraden bij de raffinaderij tot eind september uitverkocht, waarschuwde Dangote vorige week. ‘We hebben niets meer.’

Snoepverkoper

Aliko Dangote, geboren in een ondernemersfamilie in de Nigeriaanse stad Kano, begon zijn loopbaan met het verkopen van snoep. Hij verwierf welvaart met zijn cementbedrijf, het grootste van Sub-Sahara Afrika. Volgens persbureau Reuters wordt Dangotes fortuin momenteel geschat op zeker 31 miljard dollar.

Dangote presenteerde het plan voor de raffinaderij in 2013, het jaar waarin de Nigeriaanse oliehandel in een crisis belandde. Het land kampte met grootschalige oliediefstal door sabotage van pijpleidingen: zo’n 30 procent van de olie werd illegaal afgetapt. Ruwe Nigeriaanse olie verkocht bovendien moeizaam door de ontdekking van schaliegas in de VS. Shell moest destijds schadevergoeding betalen aan inwoners van Nigeria vanwege grootschalige vervuiling.

Een raffinaderij, redeneerde Dangote, zou betekenen dat de oliewinsten van Nigeria niet langer zouden verdampen door het terugkopen van brandstof. Het duurde tot 2024 voordat de installatie, gebouwd in een drooggelegd moerasgebied, met een eigen zeehaven, operationeel was. De bouwkosten waren hoog, 20 miljard dollar, en de start was moeizaam. Installaties werden gesaboteerd door tegenstanders.

‘Oliemaffia’

Vorig jaar draaide de raffinaderij nog verlies. Het grootste probleem is tegenwerking door wat Dangote omschrijft als de ‘oliemaffia’: een netwerk van brandstofhandelaren en politici die eerder goed verdienden aan de lucratieve olie-import. Nu staat hun verdienmodel onder druk.

Omdat in Nigeria nog steeds volop ruwe olie wordt gestolen, is de binnenlandse olieproductie onvoldoende om de raffinaderij te laten draaien. Dangote importeert daarom noodgedwongen ruwe olie, onder meer uit de VS.

Dangote is bezig met een nieuw miljardenplan: een tweede raffinaderij, ook goed voor 700 duizend vaten per dag, aan de oostkust van Afrika, in Kenia. ‘De plannen met Kenia gaan nu heel snel’, zei Dangote vorige maand tegen de BBC. Hij ziet het project als iets waar de ‘jonge bevolking’ van ‘heel Oost-Afrika’ van zal profiteren.

Het lijkt er niet op dat de beursgang nodig is om investeerders te trekken. The Africa Report schrijft dat zoveel kapitaalverstrekkers zich melden bij de raffinaderij dat Dangote geldschieters moet afwijzen. Wel is de beursintroductie een opsteker voor de krakkemikkige beurs in Nigeria, waar waarschijnlijk nog nooit zoveel aandelen zijn verkocht.

Man van het volk

Aliko Dangote zelf, die regelmatig het verwijt krijgt dat hij een monopolist is die profiteert van goede relaties met de heersende machthebbers in Nigeria, profiteert qua imago: ineens geldt hij als man van het volk.

Muhammadu Sanusi II, de emir, oftewel de hoogste leider van Kano, de geboortestad van Dangote, roept inwoners op om aandelen te kopen. Zo helpen ze Dangote om de economische cultuur van Nigeria te veranderen in een cultuur van ‘wij produceren hier’.

Maar de emir waarschuwt om niet ál het familiespaargeld in aandelen te stoppen. Want dat is het gevaar van deze spectaculaire beursgang in het arme Nigeria: aandelen kunnen hun waarde verliezen. Voor wie van dag tot dag leeft, is zelfs omgerekend 3 euro een aanzienlijk bedrag.

Source: Volkskrant

Previous

Next