De anders zo groene Bourgogne ziet geel. De weilanden zijn als zandvlaktes en de koeien zoeken vergeefs groene sprietjes of blaadjes om toch te kunnen doen waarvoor ze op aarde zijn: eten. De boeren voeren ze bij met grote balen hooi uit de wintervoorraad die toch al gering is, want veel hooien was er niet bij deze kurkdroge zomer.
En niet alleen de velden zien er miezerig uit: overal staan bomen die deels of helemaal bruin zijn, sommige zijn duidelijk al dood. Volgend voorjaar zal het bos beslist minder vol zijn, er zullen lege plekken in zijn die al of niet weer begroeid raken. Wat als de zomers steeds vaker zo droog en heet zijn? Hoe moet het dan met de koeien? Hoe met de mensen, die voor hun voortbestaan toch echt van bomen en bossen afhankelijk zijn, al kan de stervende kersenboom in de tuin van het huurhuis misschien wel gemist worden (maar niet voor het genoegen dat aan de tuin beleefd wordt)?
Je hoeft niet een erge zwartkijker te zijn om hier toch wel zwart te kijken. Het stuk van klimaatjournalist Paul Luttikhuis van 4 september, waarin hij na 25 jaar de balans opmaakte, wil me maar niet loslaten. Eigenlijk wist je alles al wat erin stond, maar zo op een rijtje gezet is het toch weer enorm bedrukkend – al die niet-genomen maatregelen, het uitstel, het ongeloof, het kortetermijndenken. ‘De’ mensheid bestaat alleen als je die van buiten de aarde beziet, hier op aarde bestaan duizenden verschillende soorten mensen die zich lang niet allemaal onderdeel voelen van een soort die in haar bestaan bedreigd kan worden door klimaatverandering. Mensen die geloven dat het zo’n vaart niet zal lopen. Of dat ‘wij’ geen maatregelen kunnen nemen die de ramp afwenden. Of dat het heel belangrijk is dat ik goed kan blijven leven.
We hebben net een nieuwe auto gekocht, een elektrische. We hadden er al eentje, een oudere met een nogal kleine actieradius waar we toch heel vaak mee reden, want als je op het platteland woont moet je erg vaak kleine eindjes rijden: twintig kilometer naar de stad, dertig naar vrienden. Op het dak liggen zonnepanelen, het huis is geïsoleerd, vlees eten we nauwelijks, de kleren zijn voornamelijk tweedehands, afval wordt gesorteerd, ach we zijn zo braaf bezig.
Geloof ik dat het helpt? Mmm. Maar ik geloof wel in massa. Hoe meer mensen de moed niet opgeven, wat dat dan ook voor moed mag zijn, hoe groter de kans dat er toch nog iets gebeurt. Uiteindelijk is het misschien inderdaad een geloof, of een levenshouding: je wilt iemand zijn die bereid is een paar minieme druppeltjes op die enorme gloeiende plaat bij te dragen, die niet lusteloos zegt: laat alles dan maar naar de verdommenis gaan.
Laat staan dat je er somber achteraan zou zeggen: dat gaat het toch wel, want kijk naar de griezelige ontwikkelingen bij AI, luister naar de idiote praatjes van mensen die het over ‘volksgenoten’ hebben, kijk naar de oorlogsvoering met drones. En waar je tot voor kort jezelf af kon leiden door gewoon voor je voet te kijken, zie je nu dor gras.
Nou zeg. Hier past een flinke ruk aan de eigen haren om weer uit het drooggevallen moeras te komen. De buurman ruimt de stenen op die uit de muur gevallen zijn, de buurvrouw maakt een praatje over wat er vannacht gebeurde: Léon is gevallen en door een ambulance opgehaald, ah! tot zo, nu eerst even brood halen.
We leven.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie