Westnijlvirus In Nederland werd dit jaar al bij 88 paarden een besmetting met het westnijlvirus vastgesteld – het topje van de ijsberg, volgens experts. De dieren kunnen ernstige neurologische verschijnselen krijgen. Vaccinatie verkleint het risico daarop, maar de dierenarts waarschuwt: dure en trage testen laten „soms wel drie weken” op zich wachten, wat de meldingsbereidheid ondermijnt.
Dierenarts Vivianne van Leeuwen doet voor hoe ze de paarden controleert op symptomen van het westnijlvirus.
‘Alsof mieren z’n neus binnenkruipen, zo reageert een paard.” Dierenarts Vivianne van Leeuwen kan zich levendig voorstellen hoe het voor een paard moet voelen wanneer de eerste neurologische symptomen zich voordoen van een ernstige besmetting met het westnijlvirus.
In 2025 raakten slechts drie paarden besmet met dat virus, dit jaar bedraagt het aantal officieel gemelde gevallen al 88. De eerste infecties werden bovendien al vroeg in het seizoen gemeld, op 4 augustus bij een paard in Zuid-Holland. Inmiddels is de infectie uitgebreid, met meldingen uit Zuid-Holland, Noord-Holland, Utrecht, Gelderland en Noord-Brabant.
Hand over hand neemt ook het aantal besmette mensen toe, tot dusver 28. Met voor het eerst ook dodelijke slachtoffers: in Nederland overleden vier mensen aan de westnijlkoorts. Een van hen had in het ziekenhuis besmet bloed ontvangen. Bloedbank Sanquin had al eerder ontdekt dat bloeddonoren soms zonder het te beseffen besmet waren geraakt met het virus. Om alle risico’s af te dekken, screent Sanquin sinds vorige week al het bloed op het westnijlvirus.
Het westnijlvirus wordt overdragen door gewone steekmuggen. Die krijgen het van wilde vogels, aangezien het virus zich alleen in die dieren zo goed vermenigvuldigt, dat het door muggen met ‘een bloedmaaltijd’ wordt opgepikt. Geïnfecteerde paarden en mensen hebben daarvoor te weinig virus in hun bloed.
Wetenschappers verwachten al jaren dat het westnijlvirus zich in Nederland gaat vestigen. Vanuit Zuid-Europa rukt het steeds verder op naar het noorden, waarbij klimaatverandering de condities voor verspreiding alsmaar gunstiger maakt.
In 2018 is een interdisciplinaire werkgroep van wetenschappers opgericht om de opmars in de gaten te houden. Al in 2020 troffen de onderzoekers het westnijlvirus voor het eerst aan in Nederland bij een grasmus bij Haarzuilens. In oktober van dat jaar werd in dezelfde regio een besmetting bij een man ontdekt, die daar weinig hinder van ondervond. Daarna bleef het een aantal jaren stil, totdat vorig jaar drie besmettingen bij paarden werden vastgesteld.
Een andere dierenarts – in Nieuwerkerk aan de IJssel – met een vaccin tegen het virus.
Een inenting tegen het westnijlvirus verkleint het risico op ernstige ziekte en neurologische verschijnselen.
Een paard is gevoeliger voor het virus dan een mens. Waar 1 procent van de besmette mensen ernstige klachten krijgt, loopt dat bij paarden op tot zeker 10 procent. Dat merkt Van Leeuwen ook in haar praktijk Oude Rijn Paardenartsen in Woerden.
Als dierenarts ziet ze het topje van de ijsberg, vertelt ze in de keuken van haar woonboerderij. „Bij 90 procent merk je niets, misschien een halve graad koorts, maar dat ga je niet zomaar meten. Bij tien van de honderd paarden treden neurologische verschijnselen op – met een grote variatie in de ernst – als gevolg van hersenontsteking. En ook de gezonde, volwassen exemplaren krijgen die ernstige vorm, in tegenstelling tot mensen, waar vooral ouderen of degenen met een verlaagde weerstand serieuze klachten krijgen.”
Van Leeuwen laat een filmpje zien van een paard met westnijlkoorts. Het dier klappert met de neusvleugels, laat de lippen hangen. „Daar begint het vaak mee”, zegt ze. „Later zie je spiertrekkingen op de schouder en de flanken. Je kunt die ook voelen.” Het paard op het filmpje raakt uit balans en leunt tegen de achterwand van de stal. Zijn tred wordt onzeker. „Paarden die gaan liggen, kunnen soms niet meer overeind komen, dan moet de brandweer ze met een takel weer op de benen hijsen.”
De dierenarts kan de paarden nauwelijks behandelen. „Ik kan ontstekingsremmers voorschrijven, we kunnen de stal aanpassen, zodat ze zacht vallen. Verder is het een kwestie van uitzieken. Sommige paarden overlijden, andere moeten met euthanasie uit hun lijden worden verlost.”
Bij de Universiteitskliniek voor paarden in Utrecht werden tot nu toe vijf à tien ernstig zieke dieren binnengebracht met de verdenking van westnijlkoorts, vertelt Robin van den Boom, specialist bij de afdeling Inwendige ziekten. „Een gerichte behandeling ontbreekt, maar in de kliniek kunnen studenten en medewerkers de paarden in de gaten houden en verzorgen. Als een dier te ziek is, kan in overleg met de eigenaar besloten worden tot euthanasie.”
Van Leeuwen doet een belrondje om te horen hoe het met haar ‘westnijlpatiënten’ gaat. Ze heeft een paard moeten laten inslapen, maar de andere dieren van de eigenaar in kwestie herstellen. De meeste paarden blijken aan de beterende hand. Toch kan volledig herstel „maanden tot wel een jaar” duren, weet Van Leeuwen. „Na zo’n ziekte zijn ze hun hele conditie kwijt. Het paard hier uit de buurt dat vorig jaar westnijl kreeg, kon pas na een halfjaar weer worden bereden.”
Paarden kunnen tegen ernstige koorts worden beschermd met tijdige vaccinaties. Hoewel een vaccin voor mensen nog niet bestaat, kan voor de paarden uit drie soorten worden gekozen. Alleen, gezien westnijlkoorts tot nu toe geen serieuze dreiging was, is slechts een fractie van de naar schatting vierhonderdduizend paarden in Nederland ingeënt. Die kregen twee prikken om de eerste immuniteit te bestendigen, gevolgd door een jaarlijkse herhaalprik.
„In onze praktijk van drieduizend paarden kregen zo’n zeventig tot honderd altijd al een vaccin”, vertelt Van Leeuwen. „Onder andere mijn eigen vier paarden, drie merries en een veulen. Ze zijn misschien wel gebeten door een besmette mug, maar ze hebben geen klachten gehad.”
De vraag naar vaccins is deze zomer „vertienvoudigd” door de plotseling toegenomen infecties in de regio, vertelt ze. „Het begon in de regio Den Haag-Rotterdam, is Gouda nu voorbij en trekt verder op naar Utrecht. We proberen iedereen te helpen. We hebben twaalfhonderd vaccins besteld, dat is genoeg voor zeshonderd paarden.”
Ook in Nederland worden steeds meer besmettingen met het westnijlvirus gemeld.
Van Leeuwen belt een collega die vandaag twintig paarden uit één stal een tweede vaccinatie gaat geven. Over enkele weken zouden deze dieren beschermd moeten zijn tegen het virus. „De verwachting is dat het aantal ziektegevallen komende weken verder toeneemt”, zegt Van Leeuwen. „Wanneer de muggenactiviteit afneemt als gevolg van dalende temperaturen, neemt ook de kans op verdere virusverspreiding af. We hopen dat het tegen november of december wel klaar is met de besmettingen.” En dan volgt in het voorjaar weer een nieuwe vaccinatieronde.
Vanzelfsprekend is dat niet, want het vaccin is relatief duur en vanwege de coronapandemie kijken sommige paardeneigenaren flink anders naar vaccinaties, constateert Van Leeuwen. „Op sociale media gaan spookverhalen rond over ‘de muggen van Bill Gates’ en dat ‘infectie 3 procent toxische belasting zou geven en vaccinatie 100 procent’. Maar daarover ga ik nooit in discussie met mijn klanten.”
Westnijlkoorts bij paarden is vanuit Europese wetgeving een meldingsplichtige ziekte. Geïnfecteerde paarden zijn, evenals besmette vogels, een vroeg waarschuwingssignaal dat het virus rondgaat in een gebied. Het melden van zieke paarden heeft daarom een poortwachtersfunctie voor kwetsbare mensen, zegt Van Leeuwen.
Maar de uitslagen laten „soms wel drie weken” op zich wachten, want de testprocedure is omslachtig, vertelt Van Leeuwen. Het bloedmonster stuurt ze naar het Royal GD-laboratorium in Deventer. Na een positieve uitslag volgt een tweede test door het nationaal referentielaboratorium van Wageningen Bioveterinary Research in Lelystad. Een positieve uitslag betekent een daadwerkelijke nieuwe besmetting, die wordt gemeld aan de veterinaire inspectie van de NVWA. Die laat wéér een bloedmonster nemen, dat opnieuw in Lelystad wordt getest. Pas als die uitslag ook positief blijkt, telt het als officiële melding.
Volgens Royal GD is de „doorloopsnelheid” van de testen inmiddels korter dan aan het begin van de uitbraak. De uitslagen zijn nu „binnen een week” bekend.
Dierenarts Vivianne van Leeuwen controleert of het dier onnodig trilt of spiertrillingen vertoont. Die kunnen optreden bij een besmetting met het westnijlvirus.
Maar sinds kort moeten paardeneigenaren de testen zelf bekostigen. De subsidiepot, volgens Royal GD goed voor honderd testen, is leeg. Daardoor dreigt de bereidheid tot testen snel te verdwijnen, waarschuwt Van Leeuwen. „Nu zie ik vaak een andere afweging. Testen kost 140 euro, één keer vaccineren 90 euro. Per saldo leidt het ertoe dat lang niet alle paarden met westnijlvirus in de statistieken komen.”
Een woordvoerder van het ministerie van Landbouw (LVVN) zegt dat de meldplicht voor paardenhouders en dierenartsen van kracht blijft. Ze zijn verplicht een verdenking van westnijlvirus bij de NVWA te melden, maar er is „geen wettelijke verplichting om naar aanleiding van een verdenking maatregelen te nemen of diagnostiek uit te voeren”. De NVWA meldt dat zij geen aanvullend onderzoek meer doen. Na 21 positief bevestigde paarden hebben ze „volgens de internationale dierziektemeldingstandaarden voldoende epidemiologische informatie verkregen dat het westnijlvirus in Nederland aanwezig is”.
Extra overheidssubsidie voor testen komt er dit jaar niet meer. Het onderzoek naar de eerste honderd verdachte paarden is volgens LVVN „op advies van experts ingesteld om tijdig over de risico’s voor de volksgezondheid te kunnen communiceren.” Een woordvoerder van de NVWA zegt dat de meldplicht nog steeds wordt nageleefd. „Er wordt gemeld door paardenhouders en/of paardendierenartsen.”
Maar Van Leeuwen vindt dat de overheid de testen weer gratis moet aanbieden. „Want vanuit de volksgezondheid wil je zo snel mogelijk weten waar paarden besmet werden, want ook mensen in die omgeving zullen gevaar lopen als ze door een besmette mug worden gestoken.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie