De Singaporese premier Lawrence Wong verdient binnenkort 2,4 miljoen euro per jaar. De salarisverhoging gaat naar een goed doel, beloofde ’s werelds best betaalde bestuurder op vaderlijke toon. Wie is deze gitaarspelende technocraat?
is correspondent Zuidoost-Azië van de Volkskrant. Hij woont in Indonesië.
Het is diep kalmerend om te luisteren naar een persconferentie of toespraak van de vorig jaar verkozen premier Lawrence Wong van Singapore. Als een vriendelijke leraar maatschappijleer legt de 52-jarige bestuurder op rustige toon uit wat er allemaal aan de hand is in de wereld, wat daarvan de gevolgen kunnen zijn voor de welvarende stadstaat in Zuidoost-Azië en welke concrete stappen ‘zijn team’ onderneemt om alles weer in goede banen te leiden. Gelukkig maar, denk je dan als opgeluchte toehoorder.
De zakelijke leiderschapsstijl van Wong valt op in een wereld waarin populistische politici veel beweren en beloven aan een ontevreden electoraat, niet gehinderd door enige macro-economische of juridische kennis. Zo niet in Singapore, waar de ruim zes miljoen inwoners sinds de onafhankelijkheid van de Britse kolonisator in 1965 worden geleid door een handvol technocraten die het land razendsnel hebben ontwikkeld van een laag- naar hooginkomensland. Wong is de vierde premier in zestig jaar tijd en een typisch product van de Singaporese bestuurscultuur.
Daar hoort onder meer een riant salaris bij om corruptie te ontmoedigen. Wong was al de best betaalde gekozen leider ter wereld, maar baarde onlangs opzien door zijn salaris royaal op te trekken naar 2,4 miljoen euro per jaar. Ter vergelijking: de Nederlandse premier verdient jaarlijks 211 duizend euro.
Kan niet anders, legde Wong op vaderlijke wijze uit, de beloningen in het openbaar bestuur moeten omhoog willen we toptalent blijven aantrekken. ‘Ik doneer zelf mijn salarisverhoging aan het goede doel. Andere ministers hoeven dat voorbeeld niet te volgen’, zei Wong in het parlement.
In andere landen zou zo’n salarisverhoging tot publieke verontwaardiging leiden. Buurland Indonesië trok in 2025 een extra beloning voor parlementariërs weer in, na gewelddadige rellen in heel het land. In Singapore vond alleen de enige oppositieleider, met 10 van de 97 zetels in het parlement, dat salaris geen grote rol zou moeten spelen voor een openbaar bestuurder. Ook was hij van mening dat de premier toondoof was in een tijd dat het leven steeds duurder wordt voor de gewone Singaporees. Demonstraties bleven uit, zoals gewoonlijk in de stadstaat.
Dat Wong niet toondoof is, blijkt uit zijn donatiegebaar. Hij is de eerste premier die geboren is na de onafhankelijkheid van Singapore. Zijn vader was een handelaar uit China, zijn moeder een onderwijzeres. Hij groeide op in een overheidsflat en studeerde economie en bestuurskunde aan de Universiteit van Michigan en Harvard op een overheidsbeurs.
Als beleidsambtenaar op het ministerie van Handel en Financiën kreeg hij eind jaren negentig te maken met de Aziatische financiële crisis en werd hij uiteindelijk kabinetssecretaris van zijn voorganger premier Lee Hsien Loong. Die overtuigde hem om in 2011 zelf de politiek in te gaan. Wong mocht vervolgens meteen aan de slag als minister van Defensie, gevolgd door onder meer Onderwijs, Cultuur, Nationale Ontwikkeling en Financiën.
Singapore wordt gerund als een bedrijf, met de premier als langzittende bestuursvoorzitter die regelmatig zijn onderdirecteuren verwisselt. Minister Wong bracht lastige klussen tot een goed einde, zoals een stadsvernieuwingsproject of verhoging van de btw, en kreeg tijdens covid nationale bekendheid. Op persconferenties viel hij op door zijn glasheldere uitleg, rustige toon en fraaie Engels. In 2024 volgde Wong zijn mentor Lee op als premier en in 2025 won hij zijn eerste verkiezingen.
‘Dit is mijn belofte aan alle Singaporezen’, begon hij zijn maidenspeech. ‘Ik zal u dienen met heel mijn hart. Ik zal nooit genoegen nemen met de status quo. Ik zal altijd naar betere manieren zoeken om morgen beter te maken dan vandaag.’ Zijn zelfverklaarde missie: ‘kansen blijven trotseren en het wonder Singapore in stand houden’. Twee jaar later steunt 70 procent van de Singaporezen hem nog steeds. Op zijn eigen YouTubekanaal speelt Wong gitaar en legt hij de gevolgen van de Iran-oorlog nog eens rustig uit.
Waarnemers bevestigen dat Singapore een wonder heeft verricht. De eerste premier Lee Kuan Yew en zijn almachtige People’s Action Party veranderden een arm staatje zonder natuurlijke hulpbronnen in een van de rijkste landen ter wereld. Door honderd jaar vooruit te plannen, de bevolking goed op te leiden, buitenlandse investeerders te lokken met uitstekende infrastructuur, heldere regels, betrouwbaar bestuur en brandschone openbare ruimte.
De keerzijde, aldus waarnemers, is dat Singapore veranderde in een autocratische nanny state met weinig ruimte voor vakbonden, persvrijheid of demonstratierecht. Of zoals bewoners het uitleggen: je wordt hier verzorgd van de wieg tot het graf, mits je braaf de regels van de overheid volgt.
‘Hij doet alsof we gek zijn’, moppert Facebookgebruiker Steven Goh onder een zeldzaam kritische post over Wong. ‘Alsof we kinderen zijn die nog op school zitten.’ Vooral jongeren klagen over het gebrek aan burgerrechten in Singapore. De enige oppositiepartij in het parlement, de Workers’ Party, pleit voor meer inclusiviteit, gelijkheid en democratie, en is vooral populair onder twintigers.
Als reactie op deze politieke bedreiging presenteerde Wong eind 2023 het 180 pagina’s tellende rapport Forward Singapore, waarin hij een opfrissing belooft van het sociale pact tussen burgers en overheid. Minder gefocust op de academische en materiële bijdrage van iedere burger, met meer waardering voor traditionele vaardigheden en alternatieve manieren om een betekenisvol leven te leiden.
Of dit de komende jaren zal leiden tot een ander soort Singapore, moet blijken. ‘We moeten Singapore vertrouwd, relevant en veerkrachtig houden’, zei Wong vorige maand in zijn jaarlijkse speech op Onafhankelijkheidsdag. Hij pleitte voor een totale omarming van AI, kondigde extra weken ouderverlof aan en 48 duizend euro financiële steun per kind ter bestrijding van de vergrijzing, minder lange wachttijd voor betaalbare staatswoningen, strengere regels voor arbeidsmigranten en nieuwe kunstmatige eilanden voor de kust voor wonen en werken.
Geen woord over burgerrechten. Maar Wongs beleid voor de komende jaren bevat veel elementen die jongeren raken (betaalbaar wonen, zorg voor kinderen) en die bedoeld lijken om de ontluikende oppositie de wind uit de zeilen te nemen. Natuurlijk allemaal gepresenteerd op kalme en doordachte toon.
• Over zijn eerste baan als beleidsambtenaar: ‘Toen merkte ik hoe groot de kloof was tussen mijn theoretische kennis van de economie en de echte wereld.’
• Over toenemend racisme: ‘Singaporees zijn staat los van ras, taal of religie.’
• Wong speelt gitaar tijdens staatsbezoeken: Eric Clapton met de Filipijnse president Bongbong Marcos en The Beatles met de Thaise premier Anutin Charnvirakul.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant