Een caleidoscopisch mozaïek van geweld, onderdrukking en vernedering, dat is waar deze nadrukkelijk vanuit Palestijns perspectief gedraaide ensemblefilm op uitloopt. Uiteindelijk vindt Palestine 36 vaste grond door zich wél op één gebeurtenis te concentreren.
schrijft voor de Volkskrant over film, met speciale aandacht voor filmmuziek en horror.
‘Ik vraag u erop te vertrouwen dat Arabieren en Joden kunnen samenleven en dienen. Samen kunnen we een heilig land creëren, verenigd in vrede.’ Generaal Arthur Wauchope, commissaris van het Britse gezag in mandaatgebied Palestina, lijkt het zelf nauwelijks te geloven. Het voelt alsof hij een tekstje opdreunt dat op dat moment, in de lente van 1936, al lang niets meer met de realiteit te maken heeft.
Het historische epos Palestine 36, over de oorsprong van de Palestijnse vrijheidsstrijd, doet niet mee aan de illusies. Op de woorden van Wauchope (Jeremy Irons) volgen archiefbeelden uit de jaren dertig, die tonen hoe de ene na de andere Palestijn op straat wordt aangehouden. Hoe de avondklok wordt ingesteld om de Arabisch-Palestijnse opstand tegen het Britse bewind te smoren. Een bioscoopjournaal doet verslag van de commissie-Peel, die zich zal buigen over de escalerende spanning tussen de Palestijnen en de vanuit Europa toestromende Joodse vluchtelingen.
Het is een terugkerend motief in Palestine 36. Telkens doorspekt de Palestijnse cineast Annemarie Jacir (Wajib) de scènes met ingekleurd archiefmateriaal, om cruciale wendingen in de recente geschiedenis tastbaar te maken. Een caleidoscopisch mozaïek van geweld, onderdrukking en vernedering, dat is waar deze nadrukkelijk vanuit Palestijns perspectief gedraaide ensemblefilm op uitloopt. Jacirs woede over het lot van haar volk is voortdurend voelbaar.
Wat niet wil zeggen dat die woede ook meteen overtuigt. Palestine 36 struikelt constant over de vele verhaallijnen, van vrijheidsstrijder Khalid (Saleh Bakri) tot journalist Khouloud (Yasmine Al Massri) en het gezin van de oude dorpsvrouw Hanan (Hiam Abbass). Een scène van amper twee minuten moet verduidelijken waarom een vredelievende jongeman als Yusuf (Karim Daoud Anaya) zich bij het gewapende verzet aansluit, en zo vinkt de film allerlei verplichte nummers af.
Storend zijn de didactische dialogen en de platte personages. Iedereen blijft steken in stereotypen. De Joodse kolonisten worden van grote afstand getoond, als een anonieme, bedreigende massa, maar de onversneden filmslechteriken zijn de Britten – en dan met name Robert Aramayo als de sadistische politieofficier Wingate. Zijn geschmier haalt de angel uit veel scènes.
Uiteindelijk vindt Palestine 36 vaste grond door zich op één gebeurtenis te concentreren. Climax is de slachtpartij die de Britten aanrichten in het dorp van de hoofdpersonages, scènes gebaseerd op het Bloedbad van al-Bassa van 6 september 1938. Hier lukt het Jacir eindelijk om evenwichtig te schakelen tussen de afzonderlijke verhalen en het grotere geheel.
Zo maakt de film toch nog indruk, waar die verder vooral een akelige onverschilligheid oproept.
Drama
★★★☆☆
Regie Annemarie Jacir
Met Saleh Bakri, Karim Daoud Anaya, Yasmine Al Massri, Hiam Abbass, Robert Aramayo
119 min., in 53 zalen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant