Home

‘Rechts beleid legde de kiem voor massa-immigratie’

Historicus Leo Lucassen (67) wordt niet moe angstbeelden over migratie te corrigeren. Nu hij met pensioen gaat, wil hij het best nog een keer uitleggen. ‘Nederland islamiseert niet.’ En: ‘Niet links, maar rechts is verantwoordelijk voor de massa-immigratie uit de jaren zeventig.’

Hanneke de Klerck is wetenschapsredacteur van de Volkskrant.

Het is wonderbaarlijk, zegt migratiehistoricus Leo Lucassen (67), hoe goed de kinderen en kleinkinderen van Turkse en Marokkaanse migranten het doen. Die kinderen, voor gezinshereniging naar Nederland gekomen, groeiden in de jaren tachtig op. Juist in de tijd waarin veel van de bedrijven die hun vaders hadden geworven hun poorten sloten en gezinnen veroordeeld waren tot de slechtere wijken van grote steden. ‘En ondanks de beroerde start van het integratieproces, waarbij de ouders bovendien vaak gebrekkig Nederlands spraken en weinig opleiding hadden, doet die generatie het wonderbaarlijk goed.

‘Natuurlijk, er is een deel dat aan de onderkant zit en in de criminaliteit. Maar er is vooral een hele professionele klasse van mensen met Marokkaanse en Turkse roots. Voor veel vluchtelingen, die vaak wat hoger opgeleid zijn, geldt dat nog sterker.

‘Maar dat zijn feiten die nauwelijks doordringen. Er wordt enorm gefocust op wat fout gaat. Het maakt het debat moeizaam, wat ook geldt voor de positie van wetenschappers die onderzoek doen naar migratie en integratie en hun kennis willen laten doordringen.’

Lucassen, tot voor kort directeur van het Internationaal Instituut voor Sociale Geschiedenis (IISG), neemt 28 september afscheid als hoogleraar mondiale arbeids- en migratiegeschiedenis aan de Universiteit Leiden. Zijn pensioen bij beide instellingen betekent niet dat hij geen onderzoek meer zal doen. Hij blijft fellow bij het IISG en voor Yale University Press is hij al een overzichtswerk aan het schrijven over de migratiegeschiedenis wereldwijd, met zijn twaalf jaar oudere broer Jan Lucassen, emeritus hoogleraar internationale en comparatieve sociale geschiedenis. Samen schreven ze eerder onder meer Vijf eeuwen migratie en Migratie als DNA van Amsterdam.

Uw boodschap over migratie is vaak geruststellend.

‘Nou, geruststellend in de zin dat ik reageer op overspannen, soms ronduit apocalyptische beelden. De PVV, Forum, ook JA21, houden ons voor dat we hier een vijfde colonne binnenhalen die, als we niets doen, ervoor zorgt dat we over twintig jaar allemaal verplicht naar de moskee moeten, bij wijze van spreken.

‘Ik stel daar graag de feiten tegenover. Nederland islamiseert niet. Dat 6 procent van de bevolking zichzelf als moslim identificeert, maakt dit nog geen islamitische samenleving.

‘Mijn belangrijkste drijfveer is: laten zien hoe het zit. En daar kun je allerlei politieke conclusies uit trekken. Dus ook met wat wetenschappers aandragen, kan een politicus zeggen: ja, dat kan zo zijn, prima, maar dan nog vind ik dat er te veel migranten zijn.’

Zijn wetenschappers het eens over de feiten?

‘Over veel feiten bestaat consensus. Maar in de politiek zie je nu vaak dat de feiten er niet meer toe doen of worden verdraaid, om electorale redenen. Neem toenmalig minister van Justitie Dilan Yesilgöz (VVD) met haar nareis op nareis in 2023, terwijl dat volgens haar eigen IND in de praktijk nauwelijks voorkomt.

‘We geven als land tientallen miljoenen per jaar uit om gegevens te verzamelen en te analyseren. Keurige instituties zoals het Sociaal en Cultureel Planbureau en het CBS laten zien hoe het met migratie en integratie gaat en daar hoef je niet somber over te zijn.

‘Het is niet zo dat een stelletje linkse wetenschappers de feiten verdraait om hun ideologie door te drukken. Wetenschap is gebonden aan spelregels. Je moet het kunnen bewijzen. En als je redeneerfouten maakt, of eenzijdige bronnen citeert, dan zal iemand anders jou daarop wijzen.

‘In beginsel werkt dat systeem goed. Maar recentelijk is het idee opgekomen van positionaliteit, de opvatting dat je privémeningen, -normen en -waarden bepalen wat jouw wetenschappelijke uitkomst is. Maar als dat het geval is, ben je gewoon een slechte wetenschapper.’

Vindt u het vervelend om als linkse wetenschapper te worden weggezet?

‘Het is een manier om wetenschappers te delegitimeren. En het heeft met die positionaliteit te maken. Omdat je links bent, zul je wel een eenzijdig verhaal hebben. Daar verzet ik me tegen.’

U krijgt bedreigingen omdat uw boodschap mensen niet aanstaat.

‘De eerste keer denk je wel: wat is dit? Ik laat ook weleens mensen van de veiligheid van de universiteit of de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen even meekijken. Wat denk jij? Is dit serieus?’

Maakt het u voorzichtiger?

‘Als het echt serieus zou zijn wel. Maar het gaat om e-mails of stomme briefjes, niets waarvan ik wakker ga liggen. Het helpt dat ik met X ben gestopt.

‘Wat me wel zorgen baart: ik zie nogal wat collega’s terugdeinzen voor alle rotzooi die ze op hun dak krijgen. En met name jonge vrouwelijke wetenschappers krijgen ook nog eens een portie vrouwenhaat en seksisme over zich heen. Intimidatie van wetenschappers belet hen het publieke debat te voeden met feiten.’

De feiten die u geeft, leiden niet tot veel verandering.

‘Ik denk dat veel politici de feiten best kennen. Maar meegaan in het pessimistische verhaal en migranten gebruiken als zondebok levert electoraal veel meer op. Frits Bolkestein (VVD) is daar in de jaren negentig al mee begonnen. Voor politici die de neoliberale ideologie aanhangen, met als kern het terugdringen van publieke voorzieningen en veel meer overlaten aan de markt, is het verleidelijk migranten aan te wijzen als oorzaak van maatschappelijke misstanden, zoals de woningnood.

‘Dat terugverlangen naar vroeger, toen er nog geen migranten waren – een periode die er overigens nooit is geweest – is voor veel politici, zeker aan de rechterkant, een ideaal middel om in te zetten, omdat ze daarmee buiten schot blijven en geen rekenschap hoeven te geven van wat ze zelf hebben gedaan.’

En aan de linkerkant?

‘Al in de jaren negentig is het idee ontstaan dat ‘de linkse kerk’ verantwoordelijk is voor de sterke stijging van het aantal migranten na de Tweede Wereldoorlog. Maar het waren werkgevers, gesteund door de VVD en de middenpartijen, die voor een gastarbeidersprogramma pleitten. Al vroeg in het proces hebben met name de christelijke partijen gepleit voor de mogelijkheid partners toe te laten. Zo zetten ze de deur open voor de latere gezinshereniging. De werkgevers dachten: laten we het niet te moeilijk maken, anders gaan ze in Duitsland werken. Vervolgens heeft men zich niet goed gerealiseerd dat gastarbeiders hier verblijfsrechten opbouwden, maar ook sociale rechten, waarvoor ze premies betaalden.

‘Vakbonden en de linkse partijen waren juist kritisch op de komst van gastarbeiders, omdat ze er uitbuiting door kapitalisten in zagen. Dus in de kern hebben rechtse partijen de kiem gelegd voor wat later massa-immigratie is gaan heten.

‘En natuurlijk hebben weinigen voorzien dat mensen zouden blijven toen aan de naoorlogse jaren van voorspoed met de oliecrisis van de jaren zeventig een einde kwam en de grens sloot. Maar ook dat was een gevolg van rechts beleid. Doordat veel gastarbeiders zich realiseerden dat, als ze weg zouden gaan, ze hun opgebouwde rechten opgaven en echt never nooit meer binnen zouden komen.

‘Datzelfde mechanisme leidt er nu toe dat wie zonder visum Europa weet binnen te komen niet meer vertrekt. Want dan geef je alles op. Het sluiten van grenzen houdt geen mensen tegen, maar sluit mensen op.’

Waarom profiteert links niet van zulke inzichten?

‘Je ziet dat ook linkse politici, met name van de Partij van de Arbeid (inmiddels opgegaan in Pro, red.) zijn gaan geloven in het frame dat links achter de massa-immigratie zit. Met het hardnekkige misverstand dat ze hun traditionele achterban in de steek hebben gelaten, verklaart dat waarom velen in de problematisering van migratie zijn meegegaan. Waar je van links tegengas zou verwachten tegen de migratieobsessie van rechts, in elk geval van de sociaaldemocraten, is dat daardoor lange tijd nauwelijks van de grond gekomen.’

Er wordt tegenwoordig over ‘omvolking’ en ‘remigratie’ gepraat alsof dat geen racistische termen zijn. Waarom was zoiets in de jaren zeventig of tachtig ondenkbaar?

‘Daar heeft ontegenzeggelijk de bewustwording over de Holocaust in de jaren zestig een rol in gespeeld. Die heeft een enorme indruk gemaakt, als het ultieme gevolg van het stigmatiseren van minderheden. Daardoor zijn politici zich gaan realiseren dat je erg moet uitkijken, zeker als je de politieke macht hebt, om dit soort sentimenten te voeden.

‘Maar in de loop van de jaren tachtig begint die morele positie af te brokkelen. De Rushdie-affaire in 1989 speelde daarin een cruciale rol. Salman Rushdie werd met de dood bedreigd en duizenden moslimdemonstranten eisten een verbod op zijn roman De duivelsverzen omdat ze die blasfemisch vonden. Als reactie daarop werd het voor het eerst in lange tijd maatschappelijk geaccepteerd om openlijk kritiek te hebben op een specifieke bevolkingsgroep.

‘Direct daarna volgt de val van het communisme. En dan heb je 9/11, en in Nederland de moorden op Pim Fortuyn, waar trouwens geen moslim aan te pas kwam, en Theo van Gogh. Van de Amerikaanse politicoloog Samuel Huntington verscheen The Clash of Civilisations, dat het idee verbreidde dat de islam de nieuwe ideologische mondiale vijand vormt.

‘Mede door die omslag wordt migratie sinds de jaren negentig steeds meer als een cruciaal probleem gezien. Omdat migranten geld zouden kosten – waarbij uit het oog wordt verloren hoeveel geld ze opleveren, zeker als je ziet hoezeer ze worden uitgebuit –, maar met name omdat ze ‘onze’ waarden en normen zouden bedreigen. Daar bouwt de omvolkingscomplottheorie op voort, met zogenaamde ‘globalistische elites’ die de immigratie zouden aanwakkeren.

‘Je ziet dat het principiële verzet tegen zo’n racistische ideologie tamelijk dun is, ook bij middenpartijen. Een derde van het electoraat stemt op partijen die in meer of mindere mate dit soort ideeën aanhangen. We hebben weinig geleerd van de geschiedenis, zou je kunnen zeggen.’

U blijft u in het debat mengen.

‘Het gaat er niet alleen om mensen die er anders over denken hun mening te laten herzien. Het gaat er vooral om de veel grotere middengroep te voeden die niet precies weet hoe het zit en blij is als ze feiten aangereikt krijgen. Ik geef veel lezingen en dan hoor ik vaak: goh, wat fijn dat ik het nu eens een keer zo op een rij krijg. Want dit wist ik helemaal niet.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next