Home

Van Weel wijt verschil van inzicht over onbehandelde aangiften aan onderzoeksmethode

Minister David van Weel (Justitie en Veiligheid) bestrijdt de bevindingen van de Algemene Rekenkamer waaruit zou blijken dat over het jaar 2024 met tienduizend aangiften niets is gedaan. De VVD-minister wijt de verschillen van inzicht aan het gebruik van een andere onderzoeksmethode die de Rekenkamer hanteert.

is politiek verslaggever van de Volkskrant.

‘De methodieken van de politie en de Algemene Rekenkamer verschillen’, schrijft Van Weel donderdagochtend, voorafgaand aan het spoeddebat waarin hij zich later op de dag tegenover een ontstemde Tweede Kamer moet verantwoorden. Waar de Rekenkamer werkt met het optellen van aangiften en deze met behulp van de ‘Crime Harm Index’ (CHI) categoriseert als zware misdrijven, stelt Van Weel dat de politie niet werkt met deze methode. ‘Hierdoor zit er verschil in de uitkomsten van de analyses.’

Van Weel en de Rekenkamer botsten eerder deze week over de uitleg van de onbehandelde aangiften. Deze aangiften van high impact crimes, misdaden die een grote maatschappelijke impact hebben, zouden als gevolg van beleidskeuzes en capaciteitstekorten niet behandeld worden. Volgens de minister schetste de Rekenkamer een vertekend beeld, omdat naast aangiften ook meldingen waren meegenomen in de telling.

Daarbij wekte Van Weel de suggestie dat het in meer dan de helft van de gevallen om meldingen zou gaan, terwijl het volgens de Rekenkamer juist in 90 procent van de gevallen om aangiften ging. ‘Daarmee zet de minister de Tweede Kamer op het verkeerde been’, was de niet mis te verstane reactie van de rekenmeesters.

Van Weel schrijft nu dat hij dat verschil niet kan plaatsen, omdat de onderzoeksmethoden niet op elkaar aansluiten. ‘Omdat de methodieken van de politie en de Algemene Rekenkamer verschillen, kan ik dit percentage momenteel niet herleiden naar politiecijfers’, aldus Van Weel. ‘Ik betwist deze uitspraak niet, maar kan deze ook niet verifiëren op basis van de mij beschikbare gegevens.’

Onvoldoende aanknopingspunten

Verder schrijft Van Weel dat de meeste aangiften niet behandeld zijn, omdat er simpelweg onvoldoende aanknopingspunten voor verder onderzoek en opsporing voorhanden waren. ‘Dat geldt niet voor alle zaken, dus het is terecht dat de Rekenkamer ook aandacht vraagt voor deze categorie.’ Daarnaast kan Van Weel zich niet aansluiten bij de conclusie dat het in deze tienduizend gevallen allemaal om high impact crimes zou gaan, omdat justitie niet werkt met de CHI.

Van Weel benadrukt in de brief het onderzoek van de Rekenkamer te waarderen. ‘Ik houd continu voor ogen dat achter alle cijfers en feiten, verhalen en slachtoffers van serieuze misdrijven zitten’, aldus Van Weel. ‘Het is daarom niet de bedoeling dat verschillende methodieken voor het in kaart brengen van de prioritering van de opsporing tot discussie leiden.’ Hij wil samen met de Rekenkamer in gesprek om te kijken hoe zij ‘de cijfermatige beelden kunnen harmoniseren.’

Opheldering

Donderdagavond zal blijken of de Kamer genoegen neemt met deze uitleg. Een van de vragen waar Van Weel een duidelijk antwoord op moet hebben is waarom hij deze uitleg niet eerder met de Kamer had gedeeld. Niet alleen oppositiepartijen, maar ook de coalitie wil opheldering.

Voor het kabinet is Van Weel hiermee de eerste minister die in de problemen komt. Waar de coalitie voorheen om een kabinetslid in het nauw heen kon staan, is Van Weel overgeleverd aan het oordeel van de oppositie. JA21 schermt al met een motie van wantrouwen.

De Algemene Rekenkamer wil op dit moment niet reageren op de uitleg en de brief.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next