Met steun van werknemers wist het 138-jarige ingenieursbureau Arcadis een ‘vriendelijke’ overname door Canadese concurrent WSP af te wenden. Voor nu, althans. Er is werk aan de winkel voor de ‘Arcadianen’, en CEO Heather Polinsky weet het.
Als een afgewezen vrijer keerde WSP Global dinsdag branchegenoot Arcadis de rug toe. Het Canadese ingenieursbureau ‘houdt de overtuiging’ dat het ‘voordelig zou uitpakken’ voor aandeelhouders, cliënten en medewerkers van beide bedrijven als zij ‘een combinatie’ zouden vormen. Maar als Arcadis weigert ‘een betekenisvolle verbinding aan te gaan’, houdt het op, schreef WSP-topman Alexandre L’Heureux in een verklaring.
Zo krijgt de leiding van de Nederlandse multinational dus haar zin. De 34 duizend ‘Arcadianen’ die in dertig verschillende landen actief zijn, hoeven zich geen zorgen te maken over de reorganisatie en cultuurschok die de top voorzag bij een inlijving door het veel grotere WSP. Tegelijkertijd zal dit schot voor de boeg nog wel even nagalmen bij Arcadis. En blijft de vraag of het gevaar nu definitief is geweken.
Aan het werk zal het niet liggen. WSP en Arcadis zitten in een branche waarin ook de komende decennia volop geld te verdienen is. Bedrijven en overheden huren de ingenieurs van de bedrijven in om de oplossingen te bedenken in een wereld van groeiende steden, klimaatverandering en energietransitie.
Tegelijkertijd zijn dat ook diensten waarbij schaalvoordelen groot zijn. Bij complexe opdrachten zoals het bouwen van nieuwe eilanden, metrolijnen of windmolenparken is een breed palet aan ingenieursdiensten en lokale kennis nodig. Het loont om dat allemaal in eigen huis te hebben.
Beide bedrijven hebben om die reden de afgelopen jaren al veel buitenlandse concurrenten overgenomen, waarbij de Canadezen duidelijk overtoepten. Met zo’n 83 duizend werknemers in 150 landen is WSP de grootste leverancier van ingenieursdiensten ter wereld.
En daar stopt het wat de leiding van het bedrijf betreft dus niet. In juli deed WSP achter elkaar twee keer een publiek bod op alle aandelen van Arcadis: eerst van 48,50 euro per aandeel en enkele weken later van 51,50 euro.
Het ging, zo schreef WSP, om een ‘vriendelijk bod’, deels in cash en deels in aandelen. Maar de dit jaar aangestelde Arcadis-topvrouw Heather Polinsky zag die vriendelijkheid niet en noemde de actie van WSP ‘een beetje agressief’. Het bestuur van Arcadis had de voorstellen van WSP bestudeerd, maar was niet enthousiast en wilde op eigen kracht de winstgevendheid verbeteren. Met behoud van de eigen cultuur. Arcadis weigerde daarop verder met de Canadezen in gesprek te gaan.
Bij zo’n patstelling schrijven de wetten van de Nederlandse beurshandel voor dat WSP half oktober moest beslissen of het bod in stand zou blijven, om vervolgens te bezien of voldoende aandeelhouders ermee akkoord gaan om de overname door te zetten.
Daar leek WSP op het eerste gezicht sterk te staan; het bod was aanzienlijk hoger dan de beurskoers van Arcadis. Toch was direct duidelijk dat de praktijk weerbarstiger was. De Canadezen zouden vooral een zware dobber hebben aan de vier stichtingen die fungeren als beschermingsconstructie tegen vijandige overnames.
Met name Stichting Lovinklaan – genoemd naar de vestiging van het oude hoofdkantoor in Arnhem – leek daarin belangrijk. Die stichting, geheel bestuurd door personeel van Arcadis, bezit ruim 20 procent van de aandelen en moet het belang van Arcadis en ‘Arcadianen’ (werknemers) verdedigen. Lovinklaan gaf half september een wat cryptische verklaring af die werd uitgelegd als een steunbetuiging voor de top van het bedrijf.
Het duurde nog een week voor WSP de witte vlag hees.
Nu WSP is afgehaakt, doet Stichting Lovinklaan er verder het zwijgen toe. Arcadis-topvrouw Polinksy gaf wel een verklaring uit. Daarin spreekt zij haar ‘dankbaarheid’ uit voor de ‘waardevolle en inspirerende feedback’ die ze de afgelopen maanden kreeg van ‘aandeelhouders, cliënten en Arcadianen’. Ze belooft voort te bouwen op wat de bedrijfscultuur ‘typisch Arcadis’ maakt en stelt dat de prestaties flink zullen verbeteren.
Dat laatste valt echt te hopen, vindt adjunct-directeur Errol Keyner van de Vereniging van Effectenbezitters. Hij is al lange tijd kritisch op wat hij ‘de toch wat ambtelijke cultuur’ van Arcadis noemt. Keyner zag met lede ogen aan dat de Arcadis-top niet serieus met WSP in gesprek ging. ‘Daar kun je in Nederland dankzij beschermingsconstructies heel lang mee wegkomen, zoals nu weer gebleken is’, zegt Keyner met groot ongenoegen. ‘Maar uiteindelijk winnen economische wetten het meestal toch van juridische wetten.’
Op de Amsterdamse beurs sloot het aandeel Arcadis woensdag 3 procent lager.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant