Home

Opinie: Meer investeringen in onderwijs onmisbaar om AI-gevaren in te dammen

Elke euro die we nu in AI-veilig onderwijs investeren, verdienen we in principe ruimschoots terug. Dat is niet noodzakelijk het geval voor die peperdure AI-datacenters.

Voor de doemdenkers was het een goede week. Twee schijnbaar ongerelateerde nieuwsberichten wekken grote zorgen over de toekomst van onze scholieren.

Eerst: de publicatie van de internationale onderzoeksresultaten van Pisa (Programme for International Student Assessment). Daaruit bleek dat de leesvaardigheid van Nederlandse scholieren niet eerder zo laag lag. Bijna 40 procent van onze 15-jarigen voldoet niet aan de normen voor begrijpend lezen. De scores voor wiskunde en wetenschap stagneren. Maar als het een troost mag zijn: dit is geen Nederlands probleem, andere landen die onder de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) vallen, zijn in hetzelfde bedje ziek.

Dan, schokkend nieuws uit de verheven hoogten van de wiskunde: deze zomer hield AI flink huis onder theorema’s en bewijzen die generaties van onze beste wiskundigen hadden weerstaan. Maar deze week ontvingen we een ware beschavingsschokkende mededeling: OpenAI had het ‘blowup-bewijs’ van de Navier-Stokes-vergelijkingen geleverd, een van de Millennium Prize Problems van het CMI (Clay Mathematics Institute).

Indien bevestigd, doet deze mijlpaal vermoeden dat geen menselijke activiteit, hoog of laag, nog veilig is voor AI. Wat rest er over tien jaar nog voor de mensheid?

Over de auteur

Johan Bollen is hoogleraar complexe adaptieve systemen aan de Universiteit van Amsterdam en full professor informatics and cognitive science aan Indiana University. Voorheen was hij onderzoeker aan het Los Alamos National Laboratory.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Uitdaging

De AI-omwenteling vormt in het bijzonder een unieke uitdaging voor onze scholieren. Doorgaans leidt technologische vooruitgang tot een opwaardering van productieve menselijke kwaliteiten zoals inzicht en ervaring in de echte wereld. Rekenmeesters worden boekhouders, boekhouders worden financiële raadgevers. Minder sleurwerk en hogere productiviteit.

Hier wringt echter het schoentje met AI: dat menselijk inzicht en ervaring krijg je niet zomaar, dat moet je eerst ontwikkelen. En AI fnuikt uitgerekend ons leervermogen. Een recente studie uitgevoerd in het Chinese secundaire onderwijs toont hoe dit werkt. Bij 26.800 studenten van 12 tot 18 jaar, dus ook de 15-jarigen vanuit de Pisa-testen, verspreidde het gebruik van AI-chatbots zich snel. Het gevolg: de huiswerkscores stegen met maar liefst 18 procent. Maar zes maanden later stortten hun examencijfers in met 20 procent.

Met andere woorden: AI deed het schoolwerk, maar de studenten leerden niet.

Het nieuws over de dalende Pisa-scores en de AI-successen in de wiskunde lijken losstaande feiten, maar het zijn eigenlijk twee scharenbladen van dezelfde schaar die de toekomstdraad van deze generatie scholieren onherroepelijk dreigen door te knippen. Terwijl de Pisa-scores dalen, belemmert AI hun onderwijs en hun toekomstig werkpotentieel. Je knakt dus een jonge generatie door hun groei én hun toekomst te fnuiken.

Fiasco

Laten we eerst vermijden dat we onder tijdsdruk en technologische tunnelvisie de toestand verergeren, zoals het ‘One Laptop per Child’-fiasco dat in tientallen landen laptops uitdeelde maar de leerprestaties niet verbeterde, en wat China nu doet met een verplicht ‘AI-curriculum’. Tegelijk is business as usual geen optie meer in ons onderwijs; we kijken nu al aan tegen grote kosten om wijdverspreid AI-gebruik aan te pakken.

Gelukkig hebben onderwijsinvesteringen een groot terugverdieneffect. Nobelprijswinnaar James Heckman en collega’s schatten dat voorschools onderwijs voor elke geïnvesteerde dollar maar liefst 7 dollar aan maatschappelijke baten oplevert. De onderwijsuitgaven van 25 EU-landen tonen een hefboom van ruim acht keer (meer dan de gezondheidszorg). Elke euro die we nu in AI-veilig onderwijs investeren, verdienen we in principe ruimschoots terug. Dat is niet noodzakelijk het geval voor die peperdure AI-datacenters.

Ons onderwijs is bovendien een koopje in vergelijking met AI. De ‘big five’-techbedrijven besteden gezamenlijk ongeveer 650 miljard euro per jaar om hun water- en elektriciteitsverslindende systemen draaiende te houden, elf keer meer dan Nederland in een jaar besteedt aan onderwijs (ongeveer 57 miljard euro). En, mensen zijn zeer energie-efficiënt in vergelijking met AI. Het brein van een 15-jarige verbruikt dagelijks slechts 480 wattuur: omgerekend de energiewaarde van een glas frisdrank en een donut met glazuur.

Dure rekeningen

Ter vergelijking: één dag programmeerwerk door AI-agents kost vandaag al snel 1.200 tot 5.900 wattuur. Die dure energie vertaalt zich in dure rekeningen. Als je mensen met AI probeert te vervangen kom je dus snel voor nare verrassingen te staan. Dat hebben ook de CEO’s van onder meer Ford, Uber en Klarna recent ondervonden toen ze hun personeel inruilden voor onbetaalbare AI-rekeningen.

Het pleit is nog lang niet beslecht. Het beste antwoord op de AI-golf is ironisch genoeg niet meer technologie, maar inzetten op ons menselijk potentieel: verstandig groeien en slim investeren in ons onderwijs.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next