Home

Opinie: AI heeft van fraudebestrijding aan de universiteit een catch 22 gemaakt

Fraude in scripties bestrijden is essentieel voor de ontwikkeling van de student zelf en het rechtvaardigheidsgevoel van studenten die hun werk wél eerlijk zelf doen. Maar een recente uitspraak van de Raad van State maakt het wel heel lastig om AI-gebruik af te straffen.

Met vertwijfeling lazen wij onlangs een uitspraak van de Raad van State in een zaak tussen een economiestudent en de Rijksuniversiteit Groningen. De student had zijn bronnenlijst laten opmaken door generatieve AI, waardoor er niet-bestaande bronnen in terecht waren gekomen. Hij was door de examencommissie van fraude beticht, maar dat was volgens de Raad van State onterecht.

De zaak is exemplarisch voor een groot dilemma waarvoor examencommissies zich momenteel gesteld zien. Door generatieve AI brengen fraudezaken een onacceptabel risico op onrecht en schade met zich mee, ongeacht de uitkomst. Het recht kan niet meer zegevieren en daar heeft iedereen last van.

Daphne Brandenburg is universitair docent ethiek en voorzitter van de Examencommissie Wijsbegeerte aan Rijksuniversiteit Groningen. Laura Burgers is universitair docent rechten aan de Universiteit van Amsterdam.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Dit probleem ontstaat omdat ‘buiten redelijke twijfel vast moet komen te staan dat de student heeft gefraudeerd’. Dat is terecht. Het gaat immers om een beschamend oordeel, waarop sancties staan, zoals het uitgesloten worden van tentamenkansen. Daar moet voldoende bewijs voor zijn.

Grotere schaal

Maar door generatieve AI is fraude veel moeilijker ‘buiten redelijke twijfel’ te detecteren. Plagiaatmachines die simpelweg controleren of stukjes tekst zijn overgeschreven werken tegenwoordig niet meer – AI bedenkt voor elke gebruiker nieuwe teksten. AI-detectiesoftware is te duur en onbetrouwbaar. Tegelijkertijd wordt door generatieve AI op veel grotere schaal gefraudeerd dan voorheen. Gelegenheid maakt immers de dief.

Als resultaat komen examencommissies in een frustrerende morele spagaat. Aan de ene kant kunnen ze wantrouwender worden. Maar het is nu minder duidelijk wie wel en niet fraudeert, al helemaal omdat er een grijs gebied is tussen geoorloofd en ongeoorloofd AI-gebruik. Het risico van onterechte beschuldiging wordt groter. En daarmee ook het risico op een beroep en eventuele proceskosten, omdat vaker niet ‘voldoende aannemelijk’ wordt dat er echt sprake is van fraude.

Aan de andere kant kunnen examencommissies goed van vertrouwen zijn. Maar dit zet de deur open voor misbruik en uitbuiting van dat vertrouwen. Er zullen altijd studenten zijn die proberen een voldoende te halen zonder daarvoor ook daadwerkelijk (genoeg) te leren. Dit bestrijden is essentieel voor de ontwikkeling van de student zelf, voor toekomstige werkgevers en vanwege de rechtvaardigheid richting de studenten die hun werk wél eerlijk zelf doen. Onderzoek wijst uit dat die eerlijke studenten weliswaar meer leren, maar lager scoren dan medestudenten die hun toevlucht tot AI nemen.

Hoge werkdruk

Deze catch 22 vergroot de toch al hoge werkdruk aan universiteiten, vooral bij examencommissies, die ondertussen bezwijken onder het stijgende aantal klachten en beroepen. De Raad van State overweegt in zijn uitspraak dat diverse niet-bestaande bronnen uit de lijst van de student bestaande evenknieën hebben, die de rechters al vonden ‘na een eenvoudige zoekopdracht’. Daaruit zou blijken dat de student wel degelijk zelfstandig onderzoek had gedaan, en dat AI louter zijn bronnen had verhaspeld.

Vanwege deze redenering moeten examencommissies en docenten nu dus niet alleen de door de student opgegeven bronnen natrekken, maar ook nog zoeken naar een bron die misschien wél aansluit bij wat de student opschrijft.

Hoe kunnen we met dit dilemma omgaan? Uit wanhoop wordt getracht fraude überhaupt onmogelijk te maken. Kleine schrijfopdrachten worden veelal alleen nog gegeven op door surveillanten bewaakte tentamenlocaties. Sommigen willen het scriptietraject maar helemaal afschaffen; op andere plekken moet de scribent al diens bronnen in een map uploaden en delen met de scriptiebegeleider om te bewijzen dat ze echt bestaan, een ander oppert omkering van de bewijslast: studenten moeten actief bewijzen dat ze géén AI gebruikt hebben.

Institutioneel wantrouwen

Kortom, deze ‘oplossingen’ bestaan uit het afschaffen van een sleuteldeel van de opleiding, het creëren van institutioneel wantrouwen en stomvervelende extra taken, zoals surveilleren, zoeken naar bestaande spiegelbeelden van niet-bestaande bronnen of mapjes met pdf's controleren.

Het is het zoveelste voorbeeld van hoe generatieve AI haar belofte niet inlost om de mens efficiënter te maken en werk te ontnemen. Integendeel, voor docenten en examencommissies creëert zij een moreel dilemma, verhoogt zij de werkdruk, verslechtert relaties, en tevens is zij schadelijk voor de kwaliteit van het onderwijs. En de studenten? Welwillend of niet, zij zijn hier de dupe van – met alle gevolgen van dien voor hun eigen toekomstige maatschappij.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next