Op een avond van hoop bood het wervelende doelpunt van Oranje – briljante voorzet van Van Bommel, schitterend afgemaakt door Gakpo – mogelijk een kijkje in de toekomst. Nederland - Duitsland, de debuutwedstrijd van bondscoaches Xavi en Klopp, was een plaatje.
is voetbalverslaggever van de Volkskrant.
Ruben van Bommel denkt altijd in snelheid, zeker als de tijd van een wedstrijd bijna verstreken is, zoals in de 92ste minuut van Nederland - Duitsland in de Nations League. 1-0 achter, opschieten dus.
Hij is net ingevallen voor zijn debuut in het Nederlands elftal en ontfutselt de bal aan de nonchalante Serge Gnabry, rond de middenlijn, helemaal op de linkerflank, met dat lichaam dat na een zware blessure zo sterk is geworden en nog sneller dan voorheen. Het lijf waarmee hij een paar weken eerder op vrijwel dezelfde plek bijna door tegenstander Aaron Bouwman van Ajax heen beukte en woede over zich afriep.
Maar vandaag is hij van de afdeling euforie. Bal afpakken, dat is aanraking één. Direct naar voren. Dribbelen, drijven met de bal op TGV-snelheid, met de buitenkant van de wreef. Sluiks kijken wat er verder gebeurt op het veld, rechts van hem. Eén keer raken, twee keer, drie keer.
Van Bommel heeft intussen Cody Gakpo gezien, en diens opgestoken hand, en sprint op volle kracht. De vierde aanraking na zijn overname van de bal is de voorzet, met de buitenkant van de rechtervoet, met de kromming van een banaan. Niet indraaiend dus, maar wegdraaiend van het doel, langs drie verdedigers, buiten bereik van doelman Marc-André ter Stegen.
De bal draait naar Gakpo toe, zodat die net op tijd komt voor een succesvolle, spectaculaire afronding, na een zweefsprong met volley.
‘De bal moet daar op een manier komen’, zegt Van Bommel na afloop. ‘Ik dacht grotere kans te maken met de buitenkant.’
Ja, een voorzet met links was misschien logischer geweest, maar de actie met de buitenkant was sowieso sneller en verrassender. Er bleef zo ook minder tijd over voor de tegenstander om te hergroeperen. En dan dat effect, waarmee Van Bommel tevens de capaciteiten van Gakpo goed inschat. Zo van: dit kunstje beheerst hij wel.
Want de volley van Gakpo is bijna net zo mooi en moeilijk als de voorzet. ‘Fantastisch doelpunt’, vatte de Duitse bondscoach Jürgen Klopp bondig samen.
Waarom dit stuk na de eerste interland van bondscoach Xavi Hernández in de Nations League zo veel ruimte vrijmaakt voor een doelpunt? Allereerst omdat het een potentieel doelpunt van het jaar is, en dat is bijzonder om te beschrijven.
Het gebeurt bovendien op een avond van hoop. Van gretig voetbal in felle oranje tenues, van vooruit voetballen met pit, lef en creativiteit, vooral bij aanvallers op de flank, ook bij rechtsbuiten Crysencio Summerville.
Het spel is een breuk met het angstige voetbal uit de laatste wedstrijd op het goeddeels mislukte WK tegen Marokko, door vrijwel dezelfde spelers uitgevoerd. Maar goed: Van Bommel was er toen nog niet.
Alles wat Xavi wil zien, zit in deze goal verpakt. De Spanjaard weet dat hij risico’s neemt met zijn speelwijze. Of, zoals Klopp terloops meldt: ‘Heeft Xavi ook gezegd dat wij de counters in de eerste helft beter hadden kunnen benutten?’
Een tevreden Xavi nochtans: ‘Dit spel is onze ambitie, hoge druk, tweede ballen veroveren. De eerste helft was nerveus, misschien ook door de nieuwe coach. Dat is normaal. Maar ik heb persoonlijkheid gezien, winnaarsmentaliteit en een goede houding. Ik vroeg de spelers in de rust om meer agressie te tonen, meer wil. Die tweede helft is een voorbeeld voor de wijze waarop we willen voetballen.’
In dat scenario past een voorzet uit de toverdoos. Als het mislukt, zo’n bal met de buitenkant, zegt iedereen: doe nou maar even normaal. Het gebruik van de buitenkant is voorbehouden aan grootheden; wie het niet beheerst en toch probeert, is al gauw een uitslover. PSV’er Van Bommel kan het en durft het. Vanaf links is het een extra wapen voor een van nature rechtsbenige speler. Het scheelt tijd, en tijd is een sleutel tot succes.
De voorzet van Van Bommel is, ten slotte, een ode aan de pass met de buitenkant van de schoen. Kijk naar wedstrijden van la Naranja Mecánica in 1974. Het is soms alsof ze een wedstrijdje doen wie hem het best beheerst, met Johan Cruijff en Willem van Hanegem als onbetwiste meesters.
Het zijn soms van die traag gegeven ballen, met een tegendraads effect. De voorzet van Van Bommel was keihard. Het oude voetbal was verpakt in moderniteit, in een fel oranje jasje.
Het was mede daarom een fijne avond, qua voetbal, ook omdat twee nieuwe bondscoaches met elan begonnen. Met Nederland als betere ploeg, zeker in de tweede helft. Al is er nog veel te verbeteren voor Oranje, om te beginnen komende zondag in Belgrado tegen Servië.
Klopp zei het treffend: ‘Het leven is niet perfect en het voetbal ook niet. Een trainer heeft meer dan twee dagen nodig om een manier van voetballen te ontwikkelen. Het slechtste zou zijn als dit straks onze beste wedstrijd blijkt te zijn.’
Xavi, die vrijdag spits Joshua Zirkzee opriep als vervanger van de geblesseerde Brian Brobbey: ‘We waren beter dan Duitsland, de tweede helft was echt goed. We hebben onze beoogde manier van spelen laten zien. Ik ben gelukkig voor de debutanten Mexx (Meerdink, red.) en Ruben. Ze toonden persoonlijkheid en wil.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant