Algemene Vergadering Premier Jetten en enkele ministers probeerden de internationale positie van Nederland te versterken bij de VN in New York. Een kwestie van de lange adem, want „diplomatie is voortmodderen en ploeteren”. Na afloop moest Jetten terug naar Nederland om de binnenlandse politieke crisis te bezweren.
Premier Rob Jetten spreekt tijdens de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York.
‘Hoe kun je nou tegen het vervolgen van de allerergste misdaden zijn?” vraagt Rob Jetten (D66) aan de zaal. Het is een retorische uithaal naar de Amerikaanse president Donald Trump en de Nederlandse premier heeft daarvoor het grootste diplomatieke podium ter wereld gekozen: de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties in New York.
Trump dreigt het Internationaal Strafhof in Den Haag te treffen met zware sancties. Tijdens de Algemene Vergadering noemde hij het een „schurken-institutie” en riep hij landen op zich terug te trekken. Jetten: „Ik geloof dat er maar één respons kan zijn: handen af van het Internationaal Strafhof, en al die andere instituties die de internationale rechtsorde beschermen.” In de zaal wordt geapplaudisseerd en gejoeld.
Voor Jetten was dit de eerste Algemene Vergadering, waar alle 193 VN-lidstaten samenkomen. Het was een belangrijke trip voor de internationaal georiënteerde politicus. Hij kon zich voorstellen aan andere leiders, een positie innemen op het wereldtoneel.
Zo ontmoette Jetten de progressieve en populaire New Yorkse burgemeester Zohran Mamdani. En de Oekraïense president Volodymyr Zelensky: zoekende naar steun voor de oorlog tegen Rusland een van de zwaarst belaste leiders bij de Algemene Vergadering. Knikkebollend hoorde Zelensky de steunbetuiging van Jetten aan, in een achterafzaaltje in het VN-gebouw.
Maar terwijl Jetten overzees met de wereldtop sprak, verkeert het minderheidskabinet in Nederland in crisis. Toch bezocht hij de VN drie dagen lang, terwijl de begrotingsonderhandelingen stillagen door Jettens afwezigheid. Wat willen de minister-president en het kabinet in New York?
Jetten had een moordend schema. Hij ontmoette tal van leiders, van de president van Iran tot die van Suriname. Ook ministers Tom Berendsen van Buitenlandse Zaken (CDA), David van Weel van Justitie (VVD) en Sjoerd Sjoerdsma van Buitenlandse Handel en Ontwikkelingssamenwerking (D66) waren present bij bijeenkomsten over allerlei onderwerpen – van Gaza tot het klimaat.
Het VN-gebouw is een logistieke nachtmerrie. Wie waartoe toegang heeft, is goeddeels afhankelijk van welke bewaker waar op welk moment posteert. Die beveiligers komen van over de hele wereld, voor velen is het de eerste keer in het gebouw. Er is een stroom aan miscommunicaties, bezoekers worden naar de verkeerde ruimtes verwezen en intussen schuiven alle agenda’s constant, omdat gesprekken en speeches uitlopen.
Aan het diplomatieke personeel om de Nederlandse delegatie door dit labyrint te loodsen. Het helpt, weten ze, om warme relaties te onderhouden met het VN-personeel. Een van de Nederlanders verstrekt elk jaar met Kerst chocola.
Ministers Sjoerd Sjoerdsma (tweede van links) en rechts naast hem Tom Berendsen luisteren naar premier Jetten.
Het diplomatieke handwerk wordt voornamelijk bedreven in bilats, een-op-eengesprekken van twintig minuten. Ministers spreken elkaar in hokjes gebouwd van grijze schotjes, gemeubileerd met een koffietafel, lamp en twee stoelen voor de ministers, plus zes voor hun ondersteuning. Op de grond ligt de sfeermaker: een Perzisch tapijt.
De eerste bilat van minister Sjoerdsma was ook direct een van de belangrijkste, met de Soedanese minister van Buitenlandse Zaken. Sjoerdsma wil dat de regering humanitaire hulp toelaat voor de tientallen miljoenen slachtoffers van de burgeroorlog in Soedan.
Er moest alleen eerst gekletst worden. Na het handen schudden liet Sjoerdsma vallen dat hijzelf in Soedan had gewerkt. De mensen daar vinden hem lang, zei hij. „Laten we kijken wie langer is”, zegt een van de Soedanese diplomaten. Ze gaan naast elkaar staan. Sjoerdsma steekt een volle kop boven hem uit.
Gebbetjes als dit horen erbij. Sjoerdsma, niet alleen voormalig diplomaat in Soedan, maar ook in Afghanistan en Palestina, lijkt zich moeiteloos door de rituelen te bewegen. Ministers worden goed voorbereid: voor elke ontmoeting wordt een ‘fiche’ opgesteld, een dossier van de gesprekspartner. Daarop staat een cv, maar bijvoorbeeld ook of diegene fan is van Ajax, houdt van gitaarspelen of lang van stof is.
Tijdens het gesprek was pers niet welkom, na afloop vertelde Sjoerdsma aan NRC dat de Soedanese minister „ontvankelijk” was. Hij had de Nederlandse minister uitgenodigd in Khartoem. Daarmee is een concreet resultaat nog ver weg. Deze ontmoeting, zegt Sjoerdsma, is „het begin van een gesprek”. Goed genoeg voor nu, want: „Diplomatie is voortmodderen, ploeteren, proberen tot je resultaat hebt; je blijft op plekken duwen om te kijken of daar beweging ontstaat.”
Ietsje later was Sjoerdsma in het Hilton Hotel, in een zaaltje met wandspiegels, zwart marmer en felle lampen. Diverse sprekers legden uit hoe vreselijk de humanitaire situatie is op vele plekken in de wereld, hoe hard de VN nodig zijn. Hier sprak Sjoerdsma over een plan om 87 miljoen hulpbehoevenden over de hele wereld van noodhulp te voorzien.
Beslissingen worden hier niet genomen, de feiten zijn bekend. Sjoerdsma: „Iedereen weet natuurlijk van de ellende. Maar je moet daar gewicht aan geven door erbij te zijn.” Oftewel, dat de Nederlandse regering tijd en moeite uittrekt om zich te verbinden aan hulporganisaties, ís het statement. „Zo’n zaaltje is maar een zaaltje, maar daarna kan je mensen bellen en zeggen: weet je nog? In dat zaaltje hebben we wat afgesproken, laten we het daar verder over hebben.”
Hij organiseerde het evenement in het Hilton, een van de belangrijkste gasten was Alexander De Croo, voormalig premier van België, nu hoofd van het UNDP. Wie de blauwdruk van een westerse diplomaat wil zien, hoeft maar naar De Croo en Sjoerdsma te kijken: beiden een blauw pak, verzorgd uiterlijk, slank. Allebei studeerden ze aan topuniversiteiten, Sjoerdsma in het VK, De Croo in de VS. Ze spreken hetzelfde foutloze Engels, ontspannen, met pathos en doordrenkt met het jargon van de internationale gemeenschap. Ze hebben het over de rule of law, the law of the jungle, multilaterale instituties, internationaal humanitair recht.
Deze mannen komen elkaar al jaren tegen in het internationale circuit. Sjoerdsma’s eerste reis als minister was onder meer naar de UNDP in New York en toen De Croo in Den Haag bij Jetten kwam lobbyen, zat Sjoerdsma ook in de kamer. Woensdagochtend zien ze elkaar, wanneer Sjoerdsma 309 miljoen euro toezegt aan de UNDP voor de komende vijf jaar, in een halfvol zaaltje bij de Permanente Vertegenwoordiging van Nederland bij de VN. „Alexander en ik zagen elkaar gisteravond ook al”, zegt Sjoerdsma. „Meer moet je niet vertellen”, grapt De Croo. Sjoerdsma: „We dronken alleen water.”
De humanitaire ambities en het gelikte taalgebruik van de internationale gemeenschap werden dinsdag tijdens de Algemene Vergadering verstoord toen president Trump het podium in de plenaire zaal beklom. Vanaf daar verkondigde hij te overwegen Iran te vernietigen en zei hij dat de VN moeten stoppen met de „uiterst-linkse agenda van onverkozen globalistische bureaucraten” uitrollen.
De Nederlandse delegatie is niet snel meer gechoqueerd door Trump, maar wel urgent was diens houding tegenover het Internationaal Strafhof. Hij zei: „De VS zijn tegen het losgeslagen Internationaal Strafhof. We zullen nooit accepteren dat Amerikaanse militairen of wie dan ook worden onderzocht of een showproces krijgen door een anti-Amerikaans tribunaal zonder jurisdictie over ons.”
Minister van Buitenlandse Zaken Tom Berendsen stond in de Rose Garden, een rozentuin naast het VN-gebouw, de Nederlandse pers te woord na de speech. Volgens Berendsen zei Trump „weinig nieuws”. Berendsen vertelde dat Nederland als gastland het Strafhof zal blijven verdedigen.
Het is voor Berendsen de eerste keer bij de Algemene Vergadering. Nederland heeft afgelopen jaren „veel gewisseld” van ministers van Buitenlandse Zaken, merkt hij op. Heel ongewoon is dat niet voor democratische landen, waar verkiezingen worden gehouden en regeringen wisselen. Een autocratisch land als Rusland heeft daar geen last van.
De wisselingen van de wacht gingen wel érg snel: sinds 2010 is Berendsen de negende minister van Buitenlandse Zaken die naar de VN werd gestuurd. En Jetten de derde premier sinds 2022. Elke Nederlandse functionaris zegt dat dit de sterke reputatie van het land niet schaadt. Maar, gevraagd of persoonlijke relaties en consistentie belangrijk zijn, zeggen ze toch allemaal ja.
Het beste voorbeeld is oud-premier Mark Rutte (VVD), veertien jaar lang het gezicht van Nederland in het buitenland. Door zijn lange aanwezigheid op het wereldtoneel had Nederland disproportioneel veel invloed. Over de opvolger van Rutte, oud-premier Dick Schoof, heeft niemand het meer.
In een Italiaans restaurant in Manhattan benadrukten zakenmensen tegenover Sjoerdsma het belang van politieke stabiliteit. Sjoerdsma hoorde het aan, terwijl hij Cola dronk met een rietje. Toen hij aan het woord kwam, vertelde hij hoe ingewikkeld consistentie is. Hij heeft nu eenmaal te maken met verkiezingen en „die kun je maar tot op zekere hoogte beïnvloeden”. De aanwezigen vonden het grappig.
Niet alleen Nederland vreest instabiliteit. Trump koerst af op mogelijk rampzalige midterm-verkiezingen. En in Nederland wordt gespannen gekeken naar de buurlanden. In Frankrijk kan, na het aanstaande vertrek van president Emmanuel Macron, het uiterst rechtse Front National aan de macht komen.
Nog veel zorgwekkender voor het kabinet is dat de Duitse Bondskanselier Friedrich Merz (CDU) op omvallen staat, doordat het extreemrechtse en pro-Russische AfD een rits lokale overwinningen heeft geboekt.
Minister van Justitie Van Weel zegt hierover aan de promenade aan de East River naast het VN-gebouw dat „we gezegend zijn dat we in democratieën leven in Europa”. Dan krijg je dus ook weleens een uitslag die „internationale samenwerking moeilijk maakt”. Achter de schermen is de toon veel ernstiger. Nu Duitsland en Frankrijk nog Europees gezind zijn wil het kabinet de positie van Nederland nog zo veel mogelijk veiligstellen.
Nu de VS een onbetrouwbare bondgenoot zijn gebleken, wil Nederland andere partners aantrekken. Berendsen noemde India, Indonesië en de Filippijnen als voorbeelden. Met dat laatste land heeft Berendsen een evenement georganiseerd over een gedeeld belang: maritieme veiligheid en het openhouden van scheepsroutes. Zulke gelegenheidsdiplomatie lijkt het model van de toekomst voor kleinere landen als Nederland. En dus maken de ministers, meer dan anders, tijd voor minder voor de hand liggende landen.
Burgemeester van New York Zohran Mamdani (derde van links) en ernaast premier Rob Jetten brengen een bezoek aan het Lesbian, Gay, Bisexual & Transgender Community Center in New York.
Andere delegaties lijkt het niet op te vallen dat Nederland in een politieke crisis verkeert. Tot nu toe kan het kabinet niet onderhandelen met de oppositie, omdat D66 en CDA botsen met de VVD over of ze rechtse of linkse partijen moeten betrekken.
Voor de Nederlandse delegatie voelde Den Haag heel ver weg in New York. Van Weel maakte een foto van de skyline voor zijn kinderen. En Sjoerdsma, vlak voor het begin van de vergadering, maakte van dichtbij een kiekje van het spreekgestoelte in de plenaire zaal.
Maar donderdagavond moesten ze toch echt met het regeringsvliegtuig terug naar Nederland. Tenminste: Jetten, Berendsen en Sjoerdsma. Van Weel kwam in de politieke problemen en moest voor een spoeddebat over politiecijfers al eerder terug.
Premier Jetten zelf zal bij terugkomst direct aan de slag moeten, om te onderhandelen met de oppositiepartijen. Het handen schudden met Mamdani en Zelensky is voorbij, het koffiedrinken met Joost Eerdmans (JA21) en Jesse Klaver (Pro) gaat beginnen.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie