Drijvende woningen zijn de toekomst van de Nederlandse woningbouw, ook in de sociale huursector, denken de broers Vroegindeweij. ‘Wij behoren tot de mensen die alvast beginnen met het veranderen van de wereld.’
is economieredacteur voor de Volkskrant en schrijft regelmatig over de woningmarkt.
Sociale huurwoningen op het water? Dat kan volgens de broers Marius (38) en Maarten (40) Vroegindeweij, oprichters van bouwbedrijf Domera. Sterker nog, drijvende woningen zijn de toekomst in de gehele Nederlandse woningbouw, als het aan hen ligt.
Op hun werksteiger aan de Hollandsche IJssel, aan de rand van Gouda, vertellen zij over de drie drijvende woningen die daar worden afgebouwd. Nee, noem ze geen woonarken. Dat houdt wonen op het water te veel in die oude hoek, die van de vrijbuiters aan de rand van de stad, van woonschepen die min of meer toevallig in de steden zijn beland. Spreek liever over een drijvende woning, vinden zij, want dan plaats je deze woonvorm waar het hoort: in de algemene woonsector.
Aan hun werksteiger liggen drie drijvende woningen afgemeerd, alle drie in de afbouwfase. Een vierde is onderweg naar Amsterdam. Daar zal het gevaarte worden afgemeerd naast twee andere waterwoningen, ook gebouwd op deze werf. De bewoners krijgen vanaf hun drie etages met terrassen een ruim uitzicht op het Amsterdamse IJ.
De broers bouwen nu nog zo’n zes van zulke drijvende woningen per jaar, die in prijs uiteenlopen van ruim 500 duizend tot 1,5 miljoen euro. Natuurlijk willen zij doorgaan met bouwen voor hun meer gefortuneerde clientèle. ‘Dat is niet alleen goed voor onze bedrijfszekerheid’, aldus Maarten. ‘We leren ook veel van onze opdrachtgevers. Dat zijn vaak mensen met interessante eigen ideeën, van indeling tot materiaalgebruik. Het is altijd maatwerk.’
Maar daar moet binnenkort dus nog iets bij komen - een sprong naar betaalbaar wonen op de Nederlandse wateren. ‘Drijvende villa’s bouwen is leuk’, zegt zijn broer Marius op de werksteiger. ‘Maar maatschappelijke impact maken is nog veel leuker.’ Maarten: ‘Wij weten zeker dat het mogelijk is om een drijvend segment van sociale huur en betaalbare koop te realiseren.’
De broers groeiden op in het waterrijke Reeuwijk. Marius werd aannemer in de woningbouw, Maarten is medeoprichter van een ingenieursbureau. Toen de laatste in 2017 in Dordrecht een waterkavel kocht, een plek om een woonark of -schip af te meren, stelde het bestaande aanbod van drijvende woningen teleur. Dus bouwden ze die waterwoning zelf maar.
De ligplaats bleek meteen de hoogste eisen te stellen. De Oude Maas kent daar een getijdenverschil van twee tot drie meter. Ook passeert er veel zwaar vrachtverkeer, met dito golfslag. ‘Alles beweegt constant op en neer langs de aanmeerpalen, van de brug tot de leidingen’, vertelt Maarten. ‘Dat brengt allerlei problemen met zich mee. Neem alleen al het geluid, van dat schuren langs de palen. Alleen al dat gepiep reduceren, was een superingewikkelde.’
Het eindresultaat, een bijna energieneutrale waterwoning met een hoge, schuin geplaatste glazen achtergevel, werd meteen uitgeroepen tot ‘Woonboot van het Jaar 2018’. Dat was een aanmoediging om te beginnen met een eigen bouwbedrijf in drijvende woningen.
In Nederland wordt al decennialang gepraat over nut en noodzaak van drijvende woningen, ziet Maarten. Maar de conservatieve bouwsector staat steeds op de rem. ‘Projectontwikkelaars houden niet van onzekerheid in een bouwproces. Dus doen ze niets waarmee ze geen ervaring hebben. Terwijl we weten dat de Nederlandse waterbeheersing niet genoeg zal zijn om de gevolgen van klimaatverandering op te vangen. Je kunt de dijken blijven verhogen, maar het water komt ook een keer van onderaf.’
Inmiddels is er een samenwerking met enkele projectontwikkelaars, bijvoorbeeld voor een drijvende wijk met dertig watervilla’s op de Oosterhoutse Plas in Nijmegen. De echte doorbraak zou moeten plaatsvinden in Oudewater, op zo'n 14 kilometer van de werf, met een drijvende woonwijk met 24 sociale huurwoningen, 32 middenhuurwoningen en 20 koopwoningen. Een lokale woningcorporatie is al geïnteresseerd.
‘We hebben de productie van onze huidige woningen inmiddels goed op de rit’, vertelt aannemer Marius. ‘Zowel constructief als wat betreft kosten. De betonnen bakken laten we sowieso elders maken, de woningen moeten uiteindelijk uit een woningfabriek komen, om de kosten zo laag mogelijk te houden.’
Mocht het project in Oudewater doorgaan, op boerenland dat onder water wordt gezet, dan krijgt ieder huis zijn eigen betonnen bak. Maarten: ‘Al zou het goedkoper zijn om de 24 sociale woningen op één grote bak te zetten. Maar voor de hypotheek moet iedere woning een apart drijvend onderpand zijn.’
Door de bakken aan elkaar te koppelen kan vervolgens wel worden bespaard op de aanmeerpalen. Ingenieur Maarten: ‘Op die plek zijn twee palen per twaalf woningen genoeg. En per twaalf woningen heb je ook maar één rioleringspomp nodig. Dat zijn allemaal manieren om die woningen betaalbaar te houden.’
Overheden luisteren niet zomaar naar twee broers met een baanbrekend plan, merkten ze al. Daarom zijn ze blij dat ze steun hebben gekregen van Jan Rotmans, de bekende hoogleraar duurzaamheid. Maarten: ‘Wij behoren tot de onderstroom, zoals hij het noemt. Dat zijn de mensen die niet wachten op toestemming, maar alvast beginnen met het veranderen van de wereld. Hij behoort tot de bovenstroom, die wel het oor heeft van overheden en beslissers.’
Drie maanden geleden brachten zij hun ideeën al onder de aandacht van grote projectontwikkelaars op vastgoedbeurs Provada. Marius: ‘Die zijn bijvoorbeeld in veel woningbouwplannen verplicht om een waterberging te maken, om overvloedige regenval op te vangen. Zo’n berging brengt hen in principe geen geld op. En juist daar zouden drijvende woningen kunnen komen. Ook sociale, zodat ze in hun project makkelijk aan het verplichte percentage betaalbare woningen kunnen komen.’
Geef ons dat water, dan zorgen wij voor drijvende sociale huurwoningen en drijvende wegen, was de boodschap. Marius: ‘Ja, ook drijvende wegen. Dan kijken ze je ongelovig aan. Tot je het laat zien; een weg van 6 meter breed op drijvers, met 4 meter wegdek, een voetpad en groen. Als ze zien dat het kan, dan valt het kwartje wel.’
Al hun technische oplossingen voor woningbouw op het water willen zij graag delen met andere bouwers, zeggen ze. Marius: ‘Of je beschermt je techniek en houdt de markt klein, of je werkt samen en laat de markt voor drijvende woningen zo hard mogelijk groeien. Als wij daar 10 procent van zouden kunnen bouwen, dan is dat zat. Er komt zoveel werk aan, dat kan uiteindelijk toch niemand aan.’
De onderneming: Domera
Waar: Gouda
Opgericht: 2019
Omzet 2025: 4,1 miljoen euro
Werknemers: 15
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant