Wetenschappelijke publicaties Nederlandse onderzoekers publiceren veel wetenschappelijke artikelen, die ook nog eens vaker worden geciteerd. Maar „zonder aanhoudende investeringen wordt het lastig voor Nederland om deze positie vast te houden.”
Een toxicologisch laboratorium in Rotterdam.
Nederlandse onderzoekers produceren naar verhouding meer wetenschappelijke artikelen dan hun buitenlandse collega’s. Nederland behoort daarnaast tot de internationale top bij het aantal keren dat publicaties worden geciteerd in andere artikelen.
Dit blijkt uit vorige week gepubliceerde cijfers van het Rathenau Instituut, dat onderzoek doet naar de effecten van wetenschap, technologie en innovatie op de samenleving. „Nederland doet het met zijn wetenschappelijke publicaties heel goed”, zegt onderzoekscoördinator Alexandra Vennekens van het Rathenau Instituut. „De hoeveelheid publicaties is groot en, wat ik nog belangrijker vind, de wetenschappelijke kwaliteit ervan is hoog.”
In absolute aantallen blijft Nederland met een kleine 50.000 papers in 2025 ver achter bij China (bijna een miljoen), de Verenigde Staten (bijna een half miljoen) of zelfs het Verenigd Koninkrijk (bijna 150.000). Kijk je naar het aantal publicaties per honderd voltijds onderzoeksbanen, dan is Nederland de mondiale nummer één (143 publicaties), ruim voor de VS (119), het VK (81) en China (67).
Het verschil met nummer twee Zwitserland (142) is overigens minimaal. „Zwitserland heeft in het verleden ook wel hoger gestaan dan Nederland, net als Denemarken”, zegt Vennekens: „Het is een beetje stuivertje wisselen.” Met zo’n twintigduizend publicaties (86 per honderd onderzoek-fte’s) begint ook stadsstaat Singapore (6 miljoen inwoners) een speler van formaat te worden, ziet Vennekens: „Dat land is de laatste jaren echt heel sterk opgekomen.”
De opmars van Singapore is nog beter te zien aan de citatiescores. Het aantal malen dat een publicatie wordt geciteerd in andere artikelen is een maatstaf voor de kwaliteit ervan. Liefst 17 procent van de Singaporese papers behoort tot de 10 procent meest geciteerde artikelen ter wereld. Nederland staat bij deze impactscores op de vierde plek, met 14 procent bij deze impactscores.
De impactscores verschillen wel per onderzoeksgebied. Nederland staat op de eerste plaats bij sociale wetenschappen en landbouwwetenschap (vooral dankzij Wageningen Universiteit), op de tweede plek bij gezondheidswetenschappen en op de vierde plek bij natuurwetenschappen. Bij techniek, waar Singapore op eenzame hoogte staat, haalt Nederland niet de top-5 (plek 7). Toch ligt de Nederlandse citatiescore bij techniek nog altijd 20 procent boven het wereldgemiddelde en zijn de verschillen met de drie onderste landen in de top-5 klein.
Nederland heeft in de techniek – en de natuurwetenschappen – ook nog steeds een klein aantal publicaties, in vergelijking met bijvoorbeeld gezondheidswetenschappen. „Dit komt doordat Nederland traditioneel sterk is in zakelijke dienstverlening en minder industrie heeft dan een land als China”, legt Vennekens uit. Toch is ook in Nederland het aantal technische publicaties de afgelopen jaren sterk toegenomen – alleen veel minder dan in China, India en Australië.
De sterke positie van Nederland is te danken aan de grote investeringen die de afgelopen jaren zijn gedaan in onderzoek, onder meer door het Nationaal Groeifonds, zegt Vennekens. Dit investeringsfonds van de nationale overheid werd door het kabinet-Schoof bevroren, maar is door het kabinet-Jetten weer tot leven gewekt met een nieuwe investeringsronde. „Zonder aanhoudende investeringen wordt het lastig voor Nederland om de positie in het onderzoek vast te houden. Dat onderzoek is nodig voor het economisch verdienvermogen, maar ook voor bijvoorbeeld een goed werkend gezondheidssysteem.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie