Home

Hoe kunstenaars en dj’s de Caribisch-Nederlandse samenlevingen leren omgaan met verschillen. ‘Ja, de politiek is incompetent, er is criminaliteit. En toch reilt en zeilt het’

Francio Guadeloupe | bijzonder hoogleraar culturele antropologie Nederland kan leren van de Caribische delen van het Koninkrijk, ziet de Arubaanse antropoloog Francio Guadeloupe. Laat politieke voorkeur geen deel worden van je identiteit, is een van zijn boodschappen. „Nederland worstelt met diversiteit en nieuwkomers. Op de eilanden hebben ze daar veel ervaring mee.”

Francio Guadeloupe: „Als mensen elkaar de hele tijd zeggen wat ze écht vinden, dan krijg je conflict.”

Toen antropoloog Francio Guadeloupe rond de eeuwwisseling op Sint Maarten was, viel hem iets op. Het kleine Caribische eiland was in opkomst als toeristenbestemming en maakte een stormachtige groei door. Zo’n 80 procent van de pakweg 35.000 inwoners was nieuwkomer – naar het eiland gekomen als arbeidsmigrant of om in de toeristensector te werken, vooral vanuit de regio. Hij keek om zich heen en vroeg zich af: waarom vechten deze mensen niet voortdurend met elkaar?

„Iedereen had het in die tijd over de clash of civilizations, de Koude Oorlog was voorbij en conflicten zouden zich afspelen tussen etniciteiten en religies”, zegt Guadeloupe. „Ik zag een eiland vol mensen met verschillende achtergronden, talen en overtuigingen dicht op elkaar leven. Vreedzaam samenleven was niet vanzelfsprekend, maar er waren geen permanente botsingen. Ik zag een samenleving die de hele tijd manieren zocht om met verschillen om te gaan.”

Zijn observatie werd een belangrijk beginpunt in zijn onderzoek naar het Koninkrijk der Nederlanden, dat Guadeloupe begin jaren nul begon en tot vandaag voortduurt. Daarin kijkt hij naar de verwevenheid van de verschillende delen van het Koninkrijk en naar de vraag wat die verwevenheid betekent voor de manier waarop mensen samenleven. Dit voorjaar sprak Guadeloupe (1971) zijn oratie uit, waarmee hij publiekelijk zijn leerstoel aanvaardde als bijzonder hoogleraar Publieke Antropologie van Koninkrijksrelaties aan de Universiteit van Amsterdam.

CV Arubaanse cultureel antropoloog

Francio Guadeloupe werd in 1971 geboren op Aruba. Hij studeerde culturele antropologie en ontwikkelingsstudies in Nijmegen en promoveerde in 2006 aan de Universiteit van Amsterdam.

Guadeloupe is bijzonder hoogleraar Publieke Antropologie van Koninkrijksrelaties aan de UvA en senior onderzoeker aan het Koninklijk Instituut voor Taal-, Land- en Volkenkunde. Zijn onderzoek richt zich op culturele diversiteit, identiteit, koloniale erfenissen, religie, racisme en samenleving in het Caribisch deel van het Koninkrijk en Nederland.

Volgens Guadeloupe zijn Nederland en de Caribische delen van het Koninkrijk al veel nauwer met elkaar verbonden dan veel mensen denken. Door de vele verbindingen en migratie over een weer, is het volgens hem te eenvoudig om mensen in vaste categorieën als Antilliaans en Nederlands in te delen.

Op Sint Maarten, observeerde Guadeloupe, werd het samenleven geholpen door een opmerkelijke groep: de radio-dj’s. „Radio is het belangrijkste medium van het eiland, iedereen luistert ernaar. Deze dj’s benadrukten tussen het plaatjes draaien door het belang van respect en acceptatie. Een bekende dj van toen sprak vaak over de waarde van twee gezichten kunnen tonen, dus soms ook liegen – best handig in de wereld van toerisme.

De dj noemde dat „de twee vitamine C’s van Sint Maarten: Calypso en christelijkheid”, zegt Guadeloupe. „Met christelijkheid werd een beetje goedheid bedoeld, aardig zijn voor elkaar. Maar om te overleven op Sint Maarten heb je veel meer Calypso nodig”, dat ‘zij die verbergt’ betekent in het oud-Grieks. „Omdat je daarmee leert met anderen om te gaan, in ieders belang. Tegenover een vervelende toerist kan je zo blijven glimlachen en zeggen: ‘How are you sir? Wonderful that you’re on the island.’”

Volgens Guadeloupe werkt dit, omdat iedereen het doet: op den duur weet niemand meer of de ander het meent of niet. „Maar iedereen kent de omgangsvorm, doet eraan mee – en is dus respectvol naar elkaar. Als mensen elkaar de hele tijd zeggen wat ze écht vinden, dan krijg je conflict. Dus iedereen moet er wel in meegaan en Calypso spelen.”

Ook nu ziet Guadeloupe op Sint Maarten die manier van samenleven terug – en dj’s spelen nog altijd een rol. Hij woonde er tussen 2012 en 2017, toen hij rector was van de Universiteit van Sint Maarten, en gaat nog regelmatig terug. „Ja, de politiek is incompetent en er is criminaliteit. En toch reilt en zeilt het eiland, zonder conflicten. Niet de politiek, maar de mensen van het eiland, met zijn vele nieuwkomers, houden het eiland draaiende.”

Daarvan kan Nederland volgens Guadeloupe leren. „Nederland worstelt met diversiteit en nieuwkomers. Met de vraag: hoe leef je met elkaar wanneer je weet dat de ander niet hetzelfde zal worden als jij? Op de eilanden hebben ze daar veel ervaring mee. In plaats van altijd naar de problemen van de eilanden te kijken, zoals corruptie of politici die hun werk niet goed doen, zou Nederland veel meer moeten kijken naar wat daar goed gaat, wat daar werkt.”

Leren met elkaar omgaan

Alle zes eilanden die onderdeel zijn van het Koninkrijk der Nederlanden (Aruba, Bonaire, Curaçao, Sint Maarten, Sint Eustatius en Saba) hebben een heel diverse samenleving en vinden daarin ogenschijnlijk gemakkelijk hun weg. Een belangrijke rol is daarbij volgens Guadeloupe weggelegd voor het maatschappelijke middenveld. Als mensen de politiek niet vertrouwen, moeten ze volgens hem op andere plekken leren hoe ze met elkaar kunnen omgaan. Hij noemt sportvelden, muziekfestivals en andere plekken waar mensen elkaar ontmoeten op basis van gedeelde interesses, in plaats van politieke opvattingen.

Het kan ook muziek zijn. Als voorbeeld noemt hij een liedje dat deze maand verscheen, over de Sint Maartense politicus Theo Heyliger. Hij zit een celstraf uit van vijf jaar wegens corruptie, maar wil eruit omdat hij ziek is. „Daar wordt meteen een liedje over gemaakt dat razendsnel wordt gedeeld. Zo wordt het banaler, geen beladen kwestie meer die mensen opdeelt in politieke identiteiten, maar een liedje om mee te zingen en waar iedereen om kan lachen. Dat is een verbindende manier om met zoiets om te gaan. Een democratische manier ook, zo geven kunstenaars, artiesten en dj’s een publieke gebeurtenis betekenis, buiten het dominante politieke verhaal dat erover wordt verteld.”

Neem Venezuela, zegt Guadeloupe, een belangrijk onderwerp op de eilanden, die praktisch buren zijn van het Zuid-Amerikaanse land. Op Curaçao gaat het volgens hem dan niet alleen over de ontvoering van president Nicolás Maduro door de VS of de geopolitieke verhoudingen. „Venezuela wordt Anna of José, mensen die je kent, omdat ze dagelijks hun boten aanmeren met groenten en fruit. Dan zijn het geen abstracties meer.”

Politieke opvatting worden hele identiteit

Dat staat volgens Guadeloupe tegenover samenlevingen waarin politieke voorkeur steeds sterker onderdeel wordt van iemands identiteit. „Mijn buurman is rechts. Ik ben links. Dat moet niet van belang zijn in hoe wij de samenleving organiseren.” Toch ziet hij dat juist gebeuren in Nederland en de Verenigde Staten: „Opeens wordt je politieke opvatting je hele identiteit.”

Guadeloupe spreekt daarom liever over identificatie dan over identiteit. Hij identificeert zichzelf bijvoorbeeld als Arubaan en Antilliaan, zegt hij. Daardoor kan hij met veel Antillianen omgaan. „Maar echt niet met allemaal”, lacht hij.

Francio Guadeloupe, cultureel antropoloog: „De Antilliaanse Nederlander is óók Nederlander. Ze delen veel met andere Nederlanders: ze hebben last van de slechte woningmarkt, van een dure energierekening.”

Toch zien mensen van buitenaf vaak één groep. „Nederlanders kijken naar eilandbewoners en zien Antillianen. Dat zijn ze misschien ook – of niet, want weet jij veel waar hun ouders of grootouders vandaan komen. Maar de Antilliaanse Nederlander is óók Nederlander. Ze delen veel met andere Nederlanders: ze hebben last van de slechte woningmarkt, van een dure energierekening. Méér dan van het slavernijverleden. Klasse is een belangrijkere verbindende factor dan identiteit.”

Dat betekent volgens Guadeloupe niet dat het verleden genegeerd moet worden. „De historische erfenis moeten we gezamenlijk proberen weg te werken”, zegt hij. „De excuses voor het slavernijverleden waren belangrijk, ze zijn onderdeel van het historische bewustzijn dat we nodig hebben. De volgende stap is om te investeren in de eilanden: zorgen dat mensen daar dezelfde levensstandaard krijgen als mensen in Nederland, de infrastructuur op orde brengen, sociale zekerheid regelen, pensioenen gelijktrekken. Dat is geen herstelbetaling. Het is ervoor zorgen dat Nederland alle burgers met een Nederlands paspoort hetzelfde behandelt.”

Gelijkwaardigheid voormalige koloniën

De bestuurlijke verhoudingen sluiten volgens Guadeloupe steeds minder aan bij de maatschappelijke verwevenheid. Bonaire, Sint Eustatius en Saba (de BES-eilanden) zijn bijzondere gemeenten van Nederland; Curaçao, Aruba en Sint Maarten (de CAS-eilanden) zijn zelfstandige landen binnen het Koninkrijk. „Daarom moeten zij dezelfde rechten krijgen als inwoners van Nederland”, zegt Guadeloupe. „Kijk naar Frankrijk, zij behandelen hun voormalige koloniën in het Caribisch gebied veel gelijkwaardiger, die zijn bestuurlijk volledig geïntegreerd.”

Guadeloupe trekt daar een vergaande conclusie uit. „Volwaardig onderdeel worden van Nederland is de toekomst van de BES-eilanden. En, ik weet dat dit controversieel is, ook van de CAS-eilanden. Want ook al roepen politici op de CAS-eilanden heel hard dat ze autonoom zijn, als je kijkt naar wat de mensen doen, dan komen ze toch steeds weer naar Nederland. Om een opleiding te volgen, om te werken. Dat is de realiteit. Op dat niveau zijn de samenlevingen al vergaand geïntegreerd.”

Als onderdeel van zijn onderzoek maakte Guadeloupe een film, Changá, dubbelspel, vernoemd naar de roman van Frank Martinus Arion. De film gaat over hoe Caribische Nederlanders hun weg vinden in Europees Nederland. Hij maakt een parallel met domino, het spel dat overal op de eilanden wordt gespeeld, en dat Guadeloupe een „existentiële filosofie” van het leven noemt. Je kunt niet kiezen in welke cultuur je wordt geboren, wie je ouders zijn of welke talenten je krijgt. Dat maakt ieder mens gelijk, zegt hij. Maar wat niet gelijk is, is „het spel van het leven”. De vraag is wat je doet met wat je hebt meegekregen.

Via domino leert een kind dat het gelijk is, zegt hij. „Mijn oma gaf me mee: je bent gelijk aan iedereen, maar je bent niet beter dan een ander.” Ook met een slechte hand kun je in domino iets doen, een lage steen kan waarde krijgen door hoe je hem speelt. Zo gaat het volgens hem uiteindelijk om de vraag: hoe geef je je leven vorm met wat je hebt gekregen?

Moeten Nederlanders meer domino spelen? „Ik zou zeggen ja. Hier is te leren van de Antilliaanse cultuur. Leren omgaan met het leven.”

Changá wordt op woensdag 30 september vertoond in Pakhuis de Zwijger in Amsterdam.

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Caribisch gebied

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next