Home

Opinie: Investeer in leraren, niet in leerlingen

Als we serieus werk willen maken van de leesvaardigheid van leerlingen, dan moeten we beginnen bij een ijzersterke, gedeelde basis in de lerarenopleiding. Er zijn namelijk grote verschillen in wat leraren-in-opleiding aangeleerd krijgen.

De kranten en sociale media stonden er in de week van 8 september vol mee: de dalende leesvaardigheid van Nederlandse jongeren. De reacties liepen uiteen van ‘het valt wel mee’ tot ‘dit is onomkeerbaar’. Eén ding is duidelijk: we zijn opnieuw wakker geschud en gedwongen kritisch te kijken naar de kwaliteit van ons onderwijs. En terecht.

Wie de analyses bekijkt, zou bijna gaan denken dat het probleem nauwelijks op te lossen is. De oorzaken vormen volgens velen een ‘veelkoppig monster’ of een ‘cocktail van factoren’ en we zouden ‘aan veel knoppen tegelijk’ moeten draaien. In de afgelopen jaren stelde de overheid hiervoor al veel geld beschikbaar en zetten scholen, bibliotheken en kenniscentra zich in. Toch verbetert de leesvaardigheid van Nederlandse jongeren maar niet. Het lijkt soms alsof we niet weten hoe we het tij kunnen keren.

Over de auteur

Hannah Bijlsma is basisschoolleraar en onderzoeker.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

Smijten met geld

Dat gevoel werd opnieuw versterkt door de begrotingsvoorstellen die op Prinsjesdag werden gepresenteerd. Weer wordt er geld vrijgemaakt voor het verbeteren van de basisvaardigheden: maar liefst 206 euro per leerling. Klinkt aardig en betrokken, maar zoals we inmiddels weten is het smijten met meer geld naar de leerling niet de oplossing voor dit hardnekkige probleem. Geld alleen verbetert immers geen leesvaardigheden. En leerlingen verbeteren die vaardigheden al helemaal niet zélf. Een bedrag per leerling is dus van de zotte.

Als er één ding is dat we uit onderwijsonderzoek weten, dan is het wel dat de leraar ertoe doet. Naast kenmerken van de leerling, is de leraar de belangrijkste én meest beïnvloedbare factor voor het leren van leerlingen. Wat een leraar weet en dagelijks in de klas doet, heeft direct invloed op wat en hoeveel leerlingen leren. Waarom denken we dan in een bedrag per leerling en niet in een investering per leraar, met als doel dat iedere leerling uitstekend les krijgt? Door te investeren in leraren, investeer je in leerlingen.

Daarvoor moeten we allereerst helder hebben wat leraren minimaal moeten kennen en kunnen om heel goed les te geven. Dat is een sterke vakinhoudelijke kennis, diepgaande kennis over hoe leerlingen leren en wat dat betekent voor lesgeven, en kennis en vaardigheden voor het goed kunnen managen van een klas en het opbouwen van positieve relaties met leerlingen. Bovendien moet elke leraar de overtuiging hebben dat alle leerlingen kunnen leren, en dat zíj degenen zijn die dat voor elkaar kunnen krijgen.

Nadrukkelijker investeren

Als we dus serieus werk willen maken van de leesvaardigheid van leerlingen, moeten we nadrukkelijker investeren in de kennis, vaardigheden en overtuigingen van leraren waarvan we weten dat die leerlingen slimmer en vaardiger maken. Dat begint met een ijzersterke, gedeelde basis in de lerarenopleiding – en daar is veel winst te behalen. Er zijn namelijk grote verschillen in wat leraren-in-opleiding aangeleerd krijgen.

En het stopt niet bij het behalen van een lerarendiploma. Na de opleiding moet er een doorgaande lijn zijn waarin startende leraren verder groeien, en waarin ook ervaren leraren hun kennis, vaardigheden en overtuigingen gedurende hun loopbaan blijven ontwikkelen. Gericht op de kerntaak van de leraar: heel goed lesgeven. Die doorgaande lijn is amper te vinden.

Waar we dit wel vinden, is in Engeland. Daar sluit de inhoud van het curriculum in opleidingen perfect aan bij wat leraren in de eerste jaren ná hun opleiding en in verdere professionalisering aangeboden krijgen. De Pisa-resultaten zijn – als een van de weinige buurlanden – omhooggeschoten. De basis van zo’n kerncurriculum voor het opleiden en professionaliseren van leraren wordt momenteel ook in Vlaanderen realiteit. Nu moet Nederland nog volgen.

Willen we de leesvaardigheid werkelijk verbeteren, dan hoeven we misschien niet aan nóg meer knoppen tegelijk te draaien. Richt de aandacht op waar onderwijs uiteindelijk wordt gemaakt: in de klas. Zorg dat schoolleiders en bestuurders de kwaliteit van het lesgeven centraal stellen, zorg óók voor een kennisrijk onderwijsaanbod zodat leerlingen wéten wat ze lezen, en vooral: investeer in de mensen die iedere dag het verschil moeten maken. De leraren. Want beter onderwijs begint uiteindelijk bij gewoon heel goed lesgeven. En we weten best hoe dat moet.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next