Home

De gedroomde Palestijnse president zit in een Israëlische cel: ‘Het lijden van mijn vader is de perfecte reflectie van wat ons volk doormaakt’

De familie van Marwan Barghouti, de gedroomde president van de Palestijnen, voert al decennialang campagne om hem vrij te krijgen. Zijn zoon Arab Barghouti (36) sprak donderdag in de Tweede Kamer. ‘Het label ‘terrorist’ opent geen deuren, maar door Gaza begint die houding te veranderen.’

is buitenlandredacteur van de Volkskrant. Ze schrijft over Israël, het Midden-Oosten en België.

Voor Palestijnen is Marwan Barghouti hun eigen Nelson Mandela: de man die hen ooit, als hij eindelijk uit de cel wordt vrijgelaten, zal verenigen en naar een eigen staat kan leiden.

Zo kijkt Arab Barghouti (36) er ook naar, maar voor hem is de Palestijnse vrijheidsstrijder (of, volgens Israël, de veroordeelde terrorist) in de eerste plaats zijn vader. ‘Ik moet nog vaak denken aan onze vakanties samen, in Tunesië of Egypte, hoe hij iedereen altijd aan het lachen maakte, en hoe we samen voetbal speelden.’

Arab was 11 toen zijn vader werd gearresteerd en het is nu meer dan vier jaar geleden dat hij hem voor het laatst heeft gezien. De familie mag Barghouti in de gevangenis niet bezoeken en ze kunnen elkaar ook niet bellen of schrijven. De enige die hem spreekt, is zijn advocaat, en dat lukt soms één keer per maand, soms maandenlang helemaal niet.

‘De verhalen die we van de advocaat horen, zijn zorgwekkend’, vertelt Arab. ‘Direct na de aanval van Hamas op 7 oktober 2023 kreeg mijn vader eenzame opsluiting, en sindsdien is hij meerdere keren in elkaar geslagen door zijn bewakers: zijn ribben zijn gebroken en hij heeft twee maanden geleden nog een rubberen kogel in zijn been gekregen. Maar zijn moraal is nog steeds goed. Hij is sterk, mijn vader, en hij blijft nadenken over hoe hij de strijd van het Palestijnse volk vanuit de gevangenis kan blijven steunen.’

Prominente familie

Marwan Barghouti (67) is een telg van een invloedrijke Palestijnse familie die meerdere prominente politici heeft voortgebracht. Toen hij 15 was, sloot hij zich aan bij Fatah, de beweging die op dat moment werd geleid door Yasser Arafat, en nu door diens opvolger president Mahmoud Abbas.

Als 19-jarige kwam hij voor het eerst in de gevangenis terecht omdat hij lid was van een gewapende Palestijnse groepering. Tijdens de Eerste Intifada (1987-1993) werd Barghouti vanwege zijn politieke activisme naar Jordanië verbannen. Hij keerde in 1994 dankzij de Oslo-akkoorden terug en werd gekozen in het nieuwe Palestijnse parlement. Barghouti was voorstander van vredesonderhandelingen en maakte zich mateloos populair vanwege zijn verzet tegen corruptie binnen de top van het Palestijnse bestuur.

In de loop der jaren verloor hij echter het vertrouwen in Israël als partner voor vrede, en tijdens de Tweede Intifada (2000-2005) leidde hij de gewapende tak van Fatah. Daarnaast werd hij door Israël gezien als de leider van de terroristische Al Aqsa Martelarenbrigade. In 2002 werd Barghouti door Israël vanuit Ramallah ontvoerd en beschuldigd van de moord op 26 mensen. Hij weigerde zich voor de rechter te laten verdedigen uit protest tegen het Israëlische juridische systeem, maar liet herhaaldelijk weten dat hij fel tegenstander is van het doden van burgers. Uiteindelijk werd hij veroordeeld tot vijf keer levenslang, plus nog eens 40 jaar cel voor vijf moorden, meerdere pogingen tot moord en samenzwering.

‘Jij gaat niet winnen’

Het laatste beeld dat Arab van zijn vader heeft gezien, is een video die de uiterst rechtse Israëlische minister Itamar Ben-Gvir vorig jaar augustus op sociale media heeft geplaatst. Deze bezocht Barghouti in de gevangenis en bedreigde hem. ‘Jij gaat niet winnen’, zei Ben-Gvir tegen een sterk verouderde en vermagerde Barghouti. ‘Degene die het opneemt tegen het volk van Israël zal worden vernietigd.’

‘Zoiets is erg frustrerend en maakt me ook boos’, zegt Arab. ‘Niet zozeer om Ben-Gvir zelf, want we weten allemaal wie hij is, maar vanwege de internationale gemeenschap die met eigen ogen ziet hoe een lid van de Israëlische regering zich gedraagt, en toch niet ingrijpt. Het lijden van mijn vader is de perfecte reflectie van wat het Palestijnse volk moet doormaken, en Ben-Gvir, het spijt me om dat zo te zeggen, is een perfecte reflectie van waar Israël op dit moment staat. Het zijn helaas niet alleen figuren als premier Netanyahu en Ben-Gvir: de hele Israëlische samenleving is schuldig aan de onderdrukking, het bloedvergieten en het lijden van de Palestijnen. En de internationale gemeenschap staat dat toe.’

Arab Barghouti is kort in Nederland om met de minister van Buitenlandse Zaken en diverse parlementariërs over de vrijlating van zijn vader te spreken – onderdeel van een campagne die zijn moeder in 2002 is begonnen en die nu nieuw leven is ingeblazen. De familie heeft door de jaren heen prominente namen achter zich weten te verzamelen: van de voormalige Amerikaanse president Jimmy Carter tot Marvel-sterren als Mark Ruffalo.

‘In al die jaren is er wel iets veranderd’, vertelt Arab. ‘Vroeger begon elk gesprek met het label ‘terrorist’ dat mijn vader opgeplakt had gekregen – daarmee win je geen sympathie en gaan er weinig deuren open. Het is een koloniaal woord dat altijd al is gebruikt tegen mensen die zichzelf en hun land proberen te verdedigen, welke middelen zij daarvoor ook gebruiken. Het is zeker belangrijk om te kijken hoe mensen zichzelf verzetten, want geweld tegen burgers is niet goed te praten, maar de echte vraag is waarom Palestijnen in opstand komen.’

Sympathie achter gesloten deuren

‘Door wat er in Gaza gebeurt, zie je dat er scheuren zijn ontstaan in het Israëlische narratief en dat er weer aandacht is voor de Palestijnse zaak’, vervolgt Arab. ‘Waar politici mijn moeder vroeger alleen achter gesloten deuren hun sympathie durfden te betuigen, hoop ik dat zij nu voor ons durven op te staan. Want een van de problemen is dat er geen goed, gematigd, Palestijns leiderschap is. En daar kan mijn vader een rol spelen.’

Barghouti is voor veel Palestijnen de gedroomde president. De man die is voortgekomen uit de schoot van het seculiere Fatah geniet ook groot respect bij diens rivaal, het islamistische Hamas. De organisatie had hem dan ook bovenaan het lijstje staan toen er werd onderhandeld over een ruil van Palestijnse gevangenen voor Israëlische gijzelaars, maar Israël weigerde hem te laten gaan.

‘Juist omdat hij ons volk kan verenigen, juist omdat hij praat over vrede, ziet Israël hem als een groot gevaar’, zegt Arab. ‘Israël wil geen Palestijnse staat, en een Palestijnse Nelson Mandela is dus wel het laatste waar zij op zit te wachten. Het is aan de internationale gemeenschap om druk uit te oefenen, net zoals vroeger met Zuid-Afrika is gedaan.’

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next