Home

Minder pfas in bloed Nederlanders: eerste aanwijzing dat verbod werkt

Nederlanders die vervuilende pfas in hun bloed hebben, komen daar ook weer van af. Sinds een verbod lijken de bloedconcentraties van twee soorten pfas te dalen. Het RIVM ziet ‘voorzichtig’ de eerste aanwijzingen daarvoor in een groot bloedonderzoek.

schrijft voor de Volkskrant over medisch onderzoek, psychologie en (neuro-)biologie.

Pfas (poly- en perfluoralkylstoffen) zijn een groep vervuilende stoffen die erg lang meegaan en zich in het milieu opstapelen. Zo komen ze via voedsel en drinkwater in het menselijk lichaam terecht. De industrie gebruikt ze als hulpstoffen: zo zitten er pfas met water- en vuilafstotende eigenschappen in meubels en textiel en zijn er weer andere pfas die cosmetica gladder maken en medische apparatuur bacterievrij houden.

Opvallend in het nieuwe bloedonderzoek is dat juist de soorten pfas die in Nederland niet meer toegestaan zijn, zoals pfos en pfoa, een grofweg twee keer lagere concentratie hebben dan in eerder bloedonderzoek, dat van 2016 tot 2017 liep. Bij die bloedmetingen hadden álle Nederlanders te veel pfas in het bloed, terwijl dat bij dit onderzoek 71 procent was. Het is voor het eerst dat een onderzoek in Nederland erop hint dat een pfas-verbod misschien helpt voor de volksgezondheid.

Dat eerdere onderzoek was wel anders opgezet, dus het onderzoeksinstituut houdt nog een slag om de arm. ‘Eén zwaluw maakt nog geen zomer’, tempert Joke Herremans, coördinator pfas-onderzoek bij het RIVM, de verwachtingen.

Bovendien hebben de meeste Nederlanders nog altijd meer pfas in hun bloed dan Europese gezondheidsafspraken toelaten, al verwacht het instituut momenteel geen acute gezondheidsrisico’s.

Gedegen onderzoek

Die dalende pfas-soorten mogen goed nieuws heten, vindt Jacob de Boer, emeritus hoogleraar toxicologie. ‘Toen die eerste bloedmetingen in 2016 plaatsvonden, zei ik nog: we gaan weinig zien, zo hard gaat die daling niet. Nu zie ik die wel.’

Het gaat om een gedegen onderzoek, vindt Nynke Kramer, die aan Wageningen Universiteit pfas en voedselveiligheid bestudeert. ‘We weten al langer dat pfas uit het bloed kunnen verdwijnen’, zegt ze.

Zo dalen pfas-concentraties kortdurend bij vrouwen die menstrueren en bij bloeddonoren. Zij bouwen weer een ‘nieuwe’ spiegel op met de pfas die ze binnenkrijgen via eten en drinken. Als daar steeds minder verboden middelen bij zitten, dan is het volgens Kramer te verwachten dat de concentraties daarvan afnemen in het bloed.

Bloeddonoren

Of verboden pfas écht dankzij een verbod uit het bloed van Nederlanders verdwijnen, valt met dit onderzoek niet met zekerheid te zeggen. Dat komt deels door de mensen die meededen, namelijk allemaal bloeddonoren die in 2025 de bloedbank Sanquin bezochten. Die zijn vaker hoogopgeleid en gezond, schrijft het RIVM in het rapport; geen doorsnee Nederlanders dus.

Het eerdere onderzoek was juist een zo representatief mogelijke afspiegeling van Nederlanders, bijvoorbeeld qua leeftijd en sociaal-economische positie.

Dat het RIVM-onderzoek op bloeddonoren leunt kan de daling te optimistisch maken, zegt milieuchemicus en pfas-onderzoeker Chiel Jonker van de Universiteit Utrecht. ‘We hebben een keer een meting gezien bij een bloeddonor die bijna geen pfas in zijn bloed leek te hebben. Die doneerde blijkbaar zo vaak dat er weinig meer overbleef.’

De pfas-waarden bij bloeddonoren die in de buurt wonen van vervuilende fabrieken in Dordrecht en Zeeland waren ook gemiddeld gedaald, maar pakken wel hoger uit dan in de rest van Nederland. Maar ook hier kan volgens Kramer sprake zijn van een lichte vertekening. De bloeddonoren in die ‘aandachtsgebieden’, zoals het RIVM ze noemt, maken zich misschien meer zorgen over pfas en zullen daarom eerder geneigd zijn om mee te doen aan het onderzoek.

Kleinere afweerreactie

Over gezondheidsrisico’s kan het RIVM nog weinig zeggen. Acute problemen verwacht het instituut niet. ‘De grote gezondheidsrisico’s komen alleen voor bij extreem hoge blootstelling’, zegt Herremans. ‘Daar zitten de waarden in dit onderzoek ver onder.’

Wel wijst ander onderzoek met kinderen op de eilandengroep Faeröer uit dat kinderen met een lage pfas-concentratie in het bloed een kleinere afweerreactie hebben na een vaccinatie. Dat wil niet zeggen dat ze ook echt sneller ziek worden, maar de EU heeft mede op basis van dat onderzoek de huidige pfas-grenzen gesteld.

Blinde vlek

In het RIVM-onderzoek zijn zeventien soorten pfas meegenomen, terwijl er duizenden bestaan. Dat soort blinde vlekken baart toxicoloog De Boer zorgen. ‘Als er twee worden verboden, komen er gewoon twee nieuwe op de markt.’

Zo zat het omstreden tfa er niet in: een piepklein stofje dat overal tussendoor glipt en onder meer een afbraakproduct is van bestrijdingsmiddelen. Terwijl de concentraties pfos en pfoa dalen, neemt die van tfa intussen misschien toe, maar bloedmetingen zijn er nauwelijks.

Experts zeggen al langer dat de Nederlandse overheid opdracht zou moeten geven voor meer gifmetingen onder inwoners. Zo adviseerde de Gezondheidsraad in 2024 dat het kabinet zo’n ‘biomonitoringsprogramma’ opstelt. Dat is niet gebeurd.

Hobbykipeieren niet te zien in onderzoek

In eieren van hobbykippen zit bijzonder veel pfas, dus adviseerde het RIVM begin 2025 om die niet meer te eten. Is dat advies al terug te zien in de mogelijke pfas-daling van het huidige onderzoek?

Daar kan het RIVM weinig over zeggen, meldt woordvoerder Coen Berends. Dat komt doordat niet bekend is in hoeverre bloeddonoren eieren van hobbykippen eten en of ze dat daadwerkelijk minder zijn gaan doen.

Source: Volkskrant

Previous

Next