Geneesmiddelenwet De inspectie legde deze zomer boetes op aan de uitgevers van twee kranten, waaronder NRC. Dat gebeurde na een handhavingsverzoek van een medicijndistributeur.
De advocaat van de distributeur betoogt dat NRC en de Volkskrant met artikelen van hun wetenschapsredacties in overtreding waren van het verbod op reclame voor geneesmiddelen die alleen op recept verkrijgbaar zijn.
De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) kwam niet uit zichzelf in beweging tegen NRC en de Volkskrant vanwege het overtreden van de Geneesmiddelenwet. Zij kwam in actie na een handhavingsverzoek door Goodlife, distributeur van het afslankmiddel Mysimba, een concurrent van andere populaire middelen die worden gebruikt om af te vallen. Dat blijkt uit het zogeheten handhavingsverzoek dat de bedrijfsadvocaat van NRC heeft opgevraagd bij de IGJ.
De inspectie besloot deze zomer om boetes van tienduizenden euro’s op te leggen aan de uitgevers van de twee kranten. Ze zouden reclame hebben gemaakt voor afslankmiddelen. Het AD en De Telegraaf kregen ook boetes opgelegd. Het is niet duidelijk in hoeverre de inspectie daartoe ook werd aangespoord door Goodlife.
Het handhavingsverzoek van Goodlife belandde op 29 september 2025 op het bureau van de inspectie. Daarin betoogt de advocaat van de distributeur dat NRC en de Volkskrant met artikelen van hun wetenschapsredacties in overtreding waren van het verbod op reclame voor geneesmiddelen die alleen op recept verkrijgbaar zijn. Dat verbod heeft primair als doel de volksgezondheid bevorderen. Maar uit de advocatenbrief klinken ook zorgen over de concurrentiepositie van het bedrijf, omdat er „geen sprake is van evenwichtige informatie (bijvoorbeeld door het volledig ontbreken van verwijzingen naar Mysimba in het merendeel van de media-uitingen)”.
Reclame voor geneesmiddelen is al verboden sinds de jaren negentig van de vorige eeuw. In 1992 werd een Europese richtlijn met die strekking van kracht, die vervolgens werd omgezet in nationale wetgeving. Volgens de Geneesmiddelenwet wordt onder reclame verstaan: „elke vorm van beïnvloeding met het kennelijke doel het voorschrijven, ter hand stellen of gebruiken van een geneesmiddel te bevorderen, dan wel het geven van de opdracht daartoe”. Dat leidde decennialang niet tot problemen, omdat media redeneerden dat hun enige doel het informeren hun publiek was. Geschrokken door de boetes reageerden ze dat de persvrijheid in het geding was.
Eerder deelde de IGJ ook al boetes uit aan de De Stentor en Flair. In die laatste zaak oordeelde een rechter dat de boete gegrond was, een hoger beroep loopt nog. NRC kreeg een boete van 81.000 euro voor twee artikelen, en is van plan ook naar de rechter te stappen als de IGJ de boete handhaaft. Uit enkele interne mails van de IGJ, die NRC ook heeft gekregen, valt op te maken dat zij twee artikelen waarvoor De Telegraaf een boete kreeg, zelf heeft opgemerkt.
In de meeste artikelen, ook die van NRC en de Volkskrant, werden middelen genoemd die gebruikmaken van GLP-1-receptoragonisten. Het zijn geneesmiddelen die de werkzaamheid van het natuurlijke darmhormooon GLP-1 nabootsen door de receptor voor het hormoon te activeren. GLP-1 stuurt een signaal naar de hersenen waardoor het lichaam denkt dat het verzadigd is. Een aantal van die middelen wordt in Nederland onder strikte voorwaarden vergoed, en alleen voor de behandeling van diabetes type 2 (semaglutide, onder de merknaam Ozempic, en tirzepatide, onder de merknaam Mounjaro).
Die laatste twee middelen zijn niet op de markt gebracht om af te slanken, maar worden daar door veel mensen wel voor gebruikt. Momenteel worden in Nederland drie ándere middelen vergoed die specifiek bedoeld zijn om af te vallen: liraglutide (merknaam Saxenda), naltrexon-bupropion (Mysimba) en setmelanotide (Imcivree), voor een zeldzame vorm van obesitas. Het Zorginstituut onderzoekt of er in het basispakket ruimte moet komen voor nieuwe middelen die specifiek bedoeld zijn voor gewichtsverlies, zoals Wegovy, dat meer werkzame stof bevat dan Ozempic, eveneens van farmaceut Novo Nordisk, en Mounjaro van concurrent Eli Lilly.
Die nieuwe middelen lijken het op basis van wetenschappelijke studies beter te doen dan naltrexon-pupropion; met Mysimba hebben gebruikers een aanzienlijke kans om 5 tot 10 procent van hun lichaamsgewicht te verliezen. Met semaglutide (Wegovy) gaat dat richting de vijftien procent en bij tirzepatide (Mounjaro) zelfs naar twintig procent.
In zijn brief aan de IGJ schrijft de advocaat van Goodlife verhalen van NRC en de Volkskrant „als exemplarische artikelen uitgekozen [te hebben] voor de manier waarop gecommuniceerd wordt richting het publiek”.
Goodlife heeft zijn pijlen niet alleen op kranten gericht. Nadat de boetes van de IGJ in augustus in het nieuws kwamen, vertelde een verslaggever van Nieuwsuur, Lune van der Meulen, op tv al eerder rechtstreeks te zijn benaderd door een distributeur. In juni maakte Nieuwsuur een serie van vier items over afslankmedicatie, die vier dagen achtereen werden uitgezonden. Na de eerste uitzending kreeg Van der Meulen een mail van de distributeur met het dringende verzoek ook zijn middel te noemen, vertelt ze nu tegen NRC. Toen ze daar niet op reageerde, volgde al snel een tweede mail.
Van der Meulen schreef daarop terug dat ze niet van plan was in te gaan op het verzoek, omdat dat niet paste bij haar invalshoek. De middelen die ze wel noemde werken allemaal met GLP-1. Van der Meulen bevestigt dat het, net als bij de melding over NRC, ging om de distributeur van Mysimba.
Tegen Nieuwsuur dreigde Goodlife met een kort geding als de uitzendingen niet offline gehaald zouden worden. Een dag na de uitzending van Nieuwsuur in augustus, waarin Van der Meulen vertelde over dreigementen door een distributeur, liet Goodlife weten af te zien van een kort geding. Goodlife heeft ook een handhavingsverzoek ingediend bij de IGJ over de serie van Nieuwsuur.
De Inspectie voor de Gezondheidszorg en Jeugd krijgt „regelmatig” handhavingsverzoeken, zegt een woordvoerder. Hoeveel daarvan er over reclame door media gaan, kan zij niet zeggen. „Als de IGJ een verzoek om handhaving ontvangt, bepalen we of het voldoet in de zin van artikel 1:2 van de Algemene wet bestuursrecht en maken de afweging of we het verzoek in onderzoek nemen.” In dat artikel staat omschreven wat een belanghebbende is.
De producent van Mysimba is bezig aan een achterhoedegevecht, denkt gezondheidseconoom Xander Koolman van de Vrije Universiteit. „Van andere landen kunnen we leren dat zodra de GLP-1-middelen breed beschikbaar komen, deze Mysimba zullen verdringen.” Koolman maakt een vergelijking met Viagra, dat wordt gebruikt om erectiestoornissen te behandelen. „Toen dat op de markt kwam was er ook al een minder goed middel: alprostadil. Dat was geen pil, zoals Viagra. Het moest met een naald worden ingebracht in het geslachtsdeel. Dat was natuurlijk niet zo populair, maar het werd wél vergoed. De producent van dat middel had er toen ook belang bij dat de overheid Viagra besloot niet te vergoeden.
„Kennelijk is de IGJ niet zelf op de artikelen in NRC gestuit, maar is daarop gewezen door een bedrijf dat een concurrerend afslankmiddel verkoopt”, zegt Lucas Brouwers, adjunct-hoofdredacteur van NRC. „Wij maken ons grote zorgen dat media hier via de inspectie in een commerciële strijd gezogen worden. NRC bedrijft zuivere en diepgravende journalistiek over geneesmiddelen met als doel om de maatschappij op verantwoorde wijze beter te informeren. Als dat beboet kan worden, raakt dat elke redactie en iedere journalist die hierover bericht. Daarom zullen we een boete met alle juridische middelen aanvechten.”
Medisch directeur van Goodlife Maarten Kok laat in een reactie aan NRC weten van mening te zijn „dat in de media in de berichtgeving over obesitasmedicatie al geruime tijd een eenzijdig en onvolledig beeld wordt geschetst, waarbij slechts een beperkt aantal geneesmiddelen veelvuldig en overwegend positief wordt belicht.”„Wij vinden het belangrijk dat het publiek evenwichtig wordt geïnformeerd over de verschillende geregistreerde behandelopties, zonder daarbij één of enkele geneesmiddelen centraal te stellen, en dat berichtgeving over receptplichtige geneesmiddelen binnen de kaders van de Geneesmiddelenwet blijft.”
Hoofdredacteur Pieter Klok van de Volkskrant noemde het artikel van zijn krant dat werd beboet eerder „een schoolvoorbeeld van kritische en evenwichtige journalistiek”. „Als dit wordt beboet, dan wordt het moeilijk om überhaupt over belangrijke ontwikkelingen op het gebied van geneesmiddelen te schrijven.” Nu hij hoort dat achter de boete van de IGJ een klacht van een concurrent zit, reageert hij: „Dit maakt het nog erger. Ik had al grote principiële bezwaren, maar nu krijgt het iets heel willekeurigs. De IGJ moet zich niet laten gebruiken in een concurrentiestrijd. Ik vind het vrij ernstig dat ze zich daar voor lenen.”
Op de hoogte van kleine ontdekkingen, wilde theorieën, onverwachte inzichten en alles daar tussenin
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie