Massale ontlezing heeft catastrofale gevolgen, schrijft James Marriott in Een wereld zonder boeken. De Volkskrant spreekt met hem over een samenleving die liever video’s kijkt dan romans leest.
is mediaverslaggever van de Volkskrant. Hij schrijft vooral over televisie, podcasts en boeken.
Terwijl om hem heen al volop pints worden besteld – het is dinsdagmiddag vier uur en we zijn in The Barrowboy & Banker, een pub in Londen – houdt James Marriott (33) het bij een glas limonade.
Marriott, de jongste columnist van The Times, de krant van het Britse establishment, is geen Brit die laveloos de pub verlaat. Later zal hij tijdens het interview zeggen dat hij die nacht heeft geslapen in een T-shirt met de opdruk: ‘I love partying if what you mean with partying is reading.’
Dat shirt heeft Marriott gekregen van zijn vader, een voormalig docent Engels die elke verjaardag van Shakespeare een taart bakte. Ook kreeg Marriott eens een Shakespeare-knuffelbeer die een T-shirt droeg met daarop een citaat uit Hamlet.
Als lezer vormt Marriott meer en meer een uitzondering – en voor de wereld zijn de gevolgen daarvan catastrofaal, betoogt hij in zijn eerste boek The New Dark Ages, dat dinsdag in Nederlandse vertaling is verschenen als Een wereld zonder boeken – Wat ontlezing met onze samenleving doet.
Een wereld vol schermen maar zonder boeken zal dommer en vijandiger zijn, zegt Marriott. ‘En ik denk dat er sterke aanwijzingen zijn dat we hierdoor onze democratie aan het verliezen zijn. Iets wat dertig jaar geleden ondenkbaar zou zijn geweest, gebeurt nu voor onze ogen. De Amerikaanse democratie lijkt op de rand van de afgrond te balanceren. Landen over de hele wereld worden minder democratisch.’
Het boek is een beknopte geschiedenis van de invloed van het schrift. Die is enorm, zegt hij. ‘In zijn boek Orality and Literacy schrijft de denker Walter J. Ong (1912-2003, red.) dat het in een orale samenleving, waarin alle informatie niet tot je komt via het schrift maar via een bepaald persoon, het moeilijk is om tot objectieve kennis te komen. Pas als woorden op een pagina staan, ontstaat er afstand en kunnen lezers ideeën bekijken en controleren op tegenstrijdigheden.
‘Ik denk dat dat een van de redenen is waarom de komst van het schrift in het oude Griekenland ook het begin markeert van de wetenschap, de filosofie en het soort objectieve geschiedschrijving dat we met Thucydides associëren. Later, in de 18de eeuw, zie je dat de ontwikkeling in de boekdrukkunst het fundament legde voor van alles: democratie, de romantiek, de verlichting, de industriële revolutie.’
Nu de ontlezing toeneemt, staan dat soort verworvenheden op het spel, zegt Marriott. Hij begrijpt dat mensen sceptisch zijn over waarschuwingen voor de gevolgen van ontlezing als die afkomstig zijn van iemand die zijn geld verdient met gelezen worden. ‘Een zekere narcistische impuls zal bij het schrijven een rol hebben gespeeld’, zegt hij. ‘En als journalist maak ik me natuurlijk zorgen om mijn afnemende relevantie. Maar het lijkt me onjuist om te zeggen dat dat mijn énige drijfveer is achter mijn zorgen over de teloorgang van het lezen.’
Is er wel sprake van een teloorgang? In 2012 zei zo’n 30 procent van de Nederlanders dagelijks een boek te lezen. In 2026 is dat nog steeds zo. Tussen 2003 en 2025 steeg het aantal minuten per dag dat jonge Amerikanen zeiden te lezen van 8,4 naar 10,2.
‘Deze statistieken zijn gebaseerd op zelfrapportage. Mensen overdrijven graag de tijd die ze lezen omdat het een prestigieuze activiteit is. Maar volgens de American Time Use, volgens mij het meest betrouwbare Amerikaanse onderzoek hierin, zijn Amerikanen in de loop van de 21ste eeuw 40 procent minder gaan lezen.
‘Daarnaast zijn er internationale onderzoeken die niet afhankelijk zijn van zelfrapportage. Uit de deze maand gepubliceerde resultaten van de laatste Pisa-test blijkt dat jongeren wéér veel slechter zijn gaan lezen.’ In 2018 kon 25 procent van de Nederlandse 15-jarigen niet goed genoeg lezen om mee te komen op school. In 2025 was dat 39 procent. ‘Als je alle data bij elkaar zet, lijkt het me duidelijk dat het met het lezen hard achteruitgaat.’
De vertaling van de Engelse ondertitel van je boek luidt: ‘Het einde van het lezen en de opkomst van de postgeletterde samenleving.’ Wat bedoel je daarmee?
‘Ik bedoel niet letterlijk dat in de toekomst niemand ooit meer iets zal lezen. Ik bedoel meer dat er een einde komt aan diep lezen, aan kritisch lezen. Je ziet al dat de verkoop van serieuze fictie en non-fictie flink daalt.
‘Natuurlijk kunnen mensen ook iets anders lezen dan boeken. Maar op internet zien we eveneens een verschuiving. Dat was altijd voornamelijk gebaseerd op tekst – we stuurden elkaar berichten op sociale media – maar dat wordt meer en meer video. Zoals de Amerikaanse journalist Derek Thompson vorig jaar al schreef: ‘Alles is televisie.’ Ook podcasts verschijnen tegenwoordig als video.’
Door jouw enthousiaste column over de podcast The Rest Is History ben ik daar ook naar gaan luisteren. Is zo’n podcast minderwaardig aan een boek?
‘The Rest Is History is geweldig en heeft de historische kennis van zo veel mensen verrijkt. Ik denk ook dat de podcast beter is dan veel geschiedenisboeken.
‘Maar over het algemeen kun je denk ik zeggen dat er beperkingen zitten aan het medium podcast. De neurowetenschappen en onze eigen levenservaring wijzen erop dat als je een onderwerp écht grondig wil begrijpen, je het best een boek kunt pakken.
‘Als lezer zijn we veel kritischer en neutraler dan als luisteraar. We kunnen ons niet zo makkelijk laten meeslepen door persoonlijkheid, charme, geschreeuw, gehuil en al die andere emoties die je in een podcast kunt tegenkomen.
‘Kijk ook naar je eigen leven: als je in een kroeg zit met vrienden, word je vaak niet overtuigd door de scherpste denker, maar door degene die het luidst en meest charismatisch is.
‘Het klopt dat The Rest Is History succesvol is, maar als je kijkt naar de lijst met best beluisterde podcasts in Amerika staat die niet vol met geschiedenis, filosofie en wetenschap, maar met bullshit, complottheorieën, rechtse gekken, antisemitisme. Ik denk daardoor dat dit soort dingen beter gedijt in een audiovisueel medium dan in een boek. Boeken zijn gewoon een oneindig veel beter communicatiemedium.’
Ook in een boek kun je toch van retorische trucjes gebruikmaken?
‘Zeker, ik beweer ook niet dat lezen en schrijven perfect is of dat er geen slecht boek bestaat. Mein Kampf was een boek.
‘Ik wil niet alles terugbrengen tot de nazi’s, maar ik denk wel dat het goed is om de impact te vergelijken van Mein Kampf, de autobiografie van Hitler, en Triumph des Willens, de propagandafilm van Leni Riefenstahl.
‘De film is visueel indrukwekkend en wordt vandaag de dag nog steeds onderwezen op filmopleidingen. Mein Kampf daarentegen is een complete puinhoop. We hebben het daar alleen nog maar over omdat het is geschreven door Hitler, niet omdat het zo’n briljant boek is. Wanneer je de nazi-ideologie op schrift logisch probeert uit te leggen, houdt die geen steek. Zelfs vooraanstaande nazi’s vonden het boek ondraaglijk saai.
‘Het lijkt gemakkelijker om onzinnige ideeën door middel van een film salonfähig te maken dan door middel van een boek. Een boek stelt nu eenmaal hogere eisen aan de logica en onderbouwing van een betoog.
‘Walter J. Ong deed onderzoek naar orale samenlevingen, onder meer in de Griekse oudheid, en beschrijft hoe mondelinge communicatie meer meandert en repetitiever is. Als je je woorden niet structureert op papier, ga je jezelf nu eenmaal sneller herhalen. Dat zie je sterk in podcasts en bij Trump.
‘Orality and Literacy, uit 1982, is een onbedoeld profetisch boek boordevol briljante ideeën – bijna elke zin heb ik onderstreept. Ong probeerde niet eens de toekomst te voorspellen, wat het des te opmerkelijker maakt dat de overeenkomsten zo in het oog springen.
‘Hij schrijft bijvoorbeeld over bijnamen die de Grieken hun personages gaven. De Ilias van Homerus, oorspronkelijk bedoeld als voordracht, staat er vol mee: Odysseus, de man van de listen. Athena, de godin met de zeegroene ogen. De snelvoetige krijgsheld Achilles.
‘Ong zag hetzelfde in Afrikaanse landen die in de 20ste eeuw maoïstische revoluties hadden meegemaakt. In speeches werden vijanden eindeloos aangeduid met ‘kapitalistische loopjongens’ of ‘fascistische vijanden van het volk’. Zulke etiketten lijken in allerlei orale samenlevingen op te duiken. Het is grappig om te zien dat Trump in zijn speeches precies hetzelfde lijkt te doen, met ‘Sleepy Joe’, ‘Lyin’ Ted’ en ‘Crooked Hillary’.
‘In een orale samenleving moet je als politicus memorabele bijnamen gebruiken en een larger than life persoonlijkheid hebben, want alles wat niet wordt onthouden, kun je niet teruglezen.
‘Ong schrijft ook dat orale samenlevingen vaak vijandiger zijn dan geletterde, omdat mondelinge communicatie dat nu eenmaal ook is. Een scheldtirade verveelt op papier, maar kan op een podium aantrekkelijk zijn.’
Ik vind mensen op X vaak vijandiger dan in een podcast.
‘Dat klopt, ik beweer ook niet dat er een een-op-eenverband is. Maar op X is tekst gefragmenteerd. Als je een betoog van tweeduizend woorden leest, word je daar minder snel boos van dan van een tweet van 140 woorden. Mijn boek is een pleidooi voor lange geschreven teksten.’
Je bepleit ook het belang van de roman. Waarom is die zo belangrijk?
‘Ik ben altijd sceptisch geweest over het idee dat romans je een beter mens kunnen maken. Dat klonk als typische bullshit afkomstig van een student Engelse literatuur. Zijn zij moreler dan andere mensen? Ik denk het niet.
‘Ik denk wel dat romans je emotionele intelligentie kunnen vergroten. Maar mijn emotioneel intelligentste vrienden zijn niet per se de meest empathische. Het zijn juist de mensen die op een feestje je karakter op een meedogenloze en beangstigende manier kunnen ontleden.
‘Ik geloof dus niet dat als we iedere extreemrechtse kiezer nu een exemplaar van Middlemarch of een boek van Charles Dickens zouden geven, ze vanzelf verstandigere keuzes zouden maken.
‘De roman brengt volgens mij wel veranderingen teweeg op maatschappelijk niveau. Het belangrijkste wat een roman doet – misschien wel het onderscheidendste kenmerk van de roman als kunstvorm – is het verbeelden van het innerlijke leven van iemand anders. Een roman laat je de wereld vanuit een ander perspectief zien.
‘Witte abolitionisten vroegen vaak aan bevrijde slaven om hun memoires te schrijven. Als je als slaaf persoonlijk je zaak probeerde te bepleiten, stuitte je in die racistische tijd op een veel hogere drempel, omdat mensen eerst de kleur van je huid zagen. Op een gedrukte pagina kregen ze toegang tot je innerlijke leven.
‘Sociale media daarentegen nemen je bijna nooit mee in het perspectief van een ander. Je ziet vooral de buitenkant en gaat allerlei oordelen over die persoon vellen: over zijn uiterlijk, kleding, sociale klasse.’
Je citeert de criticus John Carey, die schrijft dat grote literaire werken je ‘niet vertellen wat de waarheid is, maar je laten voelen hoe het zou zijn om die te kennen’.
‘Misschien klinkt het buitengewoon aanmatigend als een mannelijke journalist zegt dat hij weet hoe het is om een tienermeisje te zijn. Maar er was een specifiek deel van De geniale vriendin van Elena Ferrante dat me raakte: het moment waarop de twee belangrijkste vrouwelijke personages in de puberteit komen en op straat plotseling te maken krijgen met de verstikkende aandacht van oudere mannen.
‘Keer op keer lees je over vrouwen die seksueel worden lastiggevallen, en keer op keer denk je: ja, dit klinkt volkomen aannemelijk. Maar dit boek maakte de ervaring van vrouwelijke puberteit voor mij zo concreet dat ik dacht: verdomme, ik begin het te zien. Ik wil nu niet zeggen dat ik de beproevingen van vrouwen volledig begrijp. Dat doe ik natuurlijk niet. Maar ik heb wel iets meegekregen van ervaringen van mensen die anders zijn dan ik.
‘Ik hoor mezelf dit allemaal vertellen en besef hoe banaal het klinkt, hoe tweedehands. De langgerekte, empathische hallucinatie van een roman kun je niet samenvatten. Het zou triest zijn als we als cultuur zouden besluiten om deze uitvinding weg te gooien.’
Jaren geleden schreef je in een column dat alleen pretentie de roman kan redden.
‘Daar ben ik het nog steeds mee eens en ik denk dat dit in de kern de conclusie vormt van mijn boek. We vertellen graag een idealistisch verhaal over romans: dat mensen ze willen lezen omdat ze daar een beter mens van worden, of gewoon omdat het leuk is.
‘In werkelijkheid zijn de motieven vaak veel prozaïscher. Toen ik als tiener dikke boeken begon te lezen, deed ik dat ook omdat ik me superieur wilde voelen. Ik dacht dat ik indrukwekkender zou overkomen met Oorlog en vrede onder mijn arm dan wanneer ik op mijn telefoon zou zitten.
‘We leven in een tijd waarin mensen huiverig zijn om anderen te veroordelen omdat ze hun tijd op een minder ‘goede’ manier besteden. Maar ik vind dat je best kunt zeggen dat het lezen van een roman beter is en meer prestige met zich meebrengt dan het kijken naar TikTok.
‘Pretentie is een krachtig argument, niet alleen voor tieners maar ook voor mij. Waarschijnlijk heeft pretentie een rol gespeeld bij elk boek dat ik ooit heb gelezen. Af en toe lees ik nog in The Mediterranean, waarin de Franse historicus Fernand Braudel de geschiedenis van het Middellandse Zeegebied beschrijft met de nadruk op langetermijnontwikkelingen als klimaatverandering en geografie.
‘Ik was er oprecht in geïnteresseerd, maar dacht ik ook dat het een indrukwekkend boek was om in het café mee te zitten? Het zou oneerlijk zijn om te zeggen dat die gedachte helemaal niet bij me opkwam. Uiteindelijk zijn het wel duizend pagina’s over de invloed van geografische ontwikkelingen op de Middellandse Zee.’
Hoe kijk je naar de discussie over performative reading (voor de show in het openbaar lezen, red.)?
‘Voor mij is dat een symptoom dat de samenleving al ongeletterd aan het raken is. Zoals ik al zei, denk ik dat elke vorm van lezen in zekere mate performatief is. Maar voor veel mensen lijkt sociale status nu de énig mogelijke verklaring te zijn, is het kennelijk onvoorstelbaar dat je in de metro Misdaad en straf leest gewoon omdat je dat wilt, omdat het je de beste manier lijkt om je tijd te besteden.’
Veel jongeren lezen nu romantasyboeken, een mix van romance en fantasy. Is dat een net zo goede tijdsbesteding als het lezen van Misdaad en straf?
‘Nee. Een van de dingen die boeken ons bieden, is een complexere, verfijndere kijk op de wereld, en die krijg je het best van complexe en verfijnde boeken.
‘Ik denk wel dat lezen op zichzelf waarde heeft omdat het een cognitief proces is dat uitdagender is dan passief beelden op een scherm tot je nemen. Maar we weten ook dat de complexiteit en lengte van zinnen al honderd jaar afnemen. Ook dat is voor mij een symptoom van afnemende geletterdheid.
‘Ik weet dat het snobistisch klinkt om romantasyboeken af te kraken, maar als je ze leest, zie je dat het niveau voor een ontwikkeld persoon behoorlijk schokkend is. Dit zijn echt zeer eenvoudige boeken.’
Heb jij guilty pleasures?
‘Zeker. Ik vind dat je je guilty moet voelen over sommige van je pleasures. Het schuldgevoel dat je voelt als je een trashy thriller leest, kan een nuttige stimulans zijn om daarna een beter boek op te pakken. Mijn guilty pleasure is een boek als Sapiens, van Yuval Noah Harari.’
De meeste mensen zullen dat niet als guilty pleasure zien.
‘Ik weet het. Toen ik dit eens ergens had gezegd, zei half Twitter: ‘Pedante zak. Sapiens is superintellectueel.’ Maar hardcore literair Twitter zei: ‘Alleen idioten lezen Sapiens. Dit bewijst maar weer wat voor oppervlakkige onzin James Marriott uitkraamt.’
‘In Sapiens verklaart Harari de wereld aan de hand van het idee dat mensen kunnen samenwerken op basis van gedeelde ficties, zoals religies, naties en geld. Er zit natuurlijk iets oppervlakkigs aan het verklaren van de wereld met één idee – dat duidelijk niet complex genoeg is.
‘Ongetwijfeld zal mijn boek hetzelfde verwijt krijgen. Maar laat ik dan nu hierbij zeggen dat ik niet denk dat de geletterdheid van een samenleving álles verklaart. Je kunt een geweldige krantencultuur hebben met briljante columnisten, maar als er een catastrofale financiële crisis uitbreekt, gaan slimme artikelen je niet redden.’
Vrees je dat je appel om te lezen vooral zal worden gelezen door lezers?
‘Zeker. Een gevaarlijke zwakte van mijn betoog is dat het vooral lezers zal aanspreken. Als je boeken leest, hoor je natuurlijk graag hoe belangrijk en goed lezen is.
‘Ik ben er niet bepaald optimistisch over dat mijn boek veel zal veranderen, maar een beweging moet ergens beginnen. Een analogie waarvan ik een beetje hoop krijg, is die met de fitnesscultus die in de jaren zeventig ontstond als reactie op de opkomst van fastfood.
‘Ik hoop dat mensen gaan beseffen dat we in een cognitieve omgeving leven die het equivalent is van die fastfoodomgeving. Dat betekent dus ook dat je bewust weerstand moet bieden aan die omgeving. Niet de hele samenleving zal dit gaan doen, maar wellicht dat de mensen die nu marathons lopen bij een leesclub zullen gaan, omdat ze weten dat het in deze wereld moeite kost om cognitief gezond te blijven.’
James Marriott: Een wereld zonder boeken – Wat ontlezing met onze samenleving doet. Uit het Engels vertaald door Karl van Klaveren en Indra Nathoe. Ten Have; 192 pagina’s; € 19,99.
Wilt u belangrijke informatie delen?
Mail naar tips@volkskrant.nl of kijk op onze tippagina.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant