De inleverdagen voor vuurwerk kennen een bescheiden opkomst. In Eindhoven ruimen vooral ouderen hun zolder op. ‘Ik dacht: dit is mijn kans. Stel je voor dat je brand krijgt in huis en dit ontploft.’
Jeroen Visser is verslaggever van de Volkskrant.
Met gemengde gevoelens legt de 89-jarige Bas Krijnen een zak met rotjes, grondbloemen en Japanse kanonslagen op de inlevertafel in Eindhoven. Het vuurwerk was van zijn zoon, die twee jaar geleden is overleden. Sindsdien lag de zak als aandenken bij hem thuis in Aarle-Rixtel.
Krijnen had het nog een tijd willen bewaren, maar sinds 1 augustus is het bezit van vuurwerk verboden. Daarom staat de oud-garagehouder de zak af. ‘Ik ben tegen dingen die niet mogen’, zegt hij.
Krijnen behoort tot de tientallen passanten die deze ochtend vuurwerk komen inleveren op de verlaten parkeerplaats van een sportpark in het centrum van Eindhoven. Er zijn dit najaar in 35 gemeenten inleverdagen om burgers van hun vuurwerk af te helpen. Het afgeven is anoniem en boetevrij.
De inleverpunten maken deel uit van een landelijke campagne om burgers bewust te maken van het vuurwerkverbod. In een campagnelied rapt de Surinaams-Nederlandse artiest Poke: ‘Faka vuurwerkfan, heb je even tijd? Heel belangrijk, kom hier met me duidelijkheid. Op vuurwerk is er nieuw beleid. Hey, waar ga jij naartoe? Ey, ey. Zeg ook je vuurwerk toedeledoe.’
Op deze grijze ochtend in Eindhoven zijn het vooral ouderen die gehoor geven aan de oproep. Hans Turlings (75) uit Helmond komt namens zijn zoon. Het gaat om rotjes en kanonslagen die al vijftien jaar in een doos op zolder stonden. ‘Ik dacht: dit is mijn kans. Stel je voor dat je brand krijgt in huis en dit ontploft. Dan gaat de verzekering niet betalen.’
Veel inleveraars vroegen zich al langer af wat ze moesten doen met het vuurwerk in de garage of berging. Je kunt er niet mee naar de milieustraat en in de kliko gooien mag ook niet. Rapper Poke: ‘Neem afstand, breng het naar het busje toe. Voorkom boetes en een hoop gedoe.’
De Brits-Nederlandse Nicole Kerby (74), die siervuurwerk op de fiets komt brengen, is getipt door een van de buren. ‘Ze waren vast bang dat ik hun berging ging opblazen’, zegt ze met een lach.
Kerby is een vuurwerkliefhebber. Dat gaat terug tot haar jeugd in Engeland, waar jaarlijks op 5 november vuurwerk en vreugdevuren worden afgestoken. Deze Bonfire Night is geïnspireerd door Guy Fawkes, die in 1605 het parlement in Londen probeerde op te blazen. ‘Toen ik in Nederland kennismaakte met oud en nieuw, was ik meteen enthousiast. Oliebollen, champagne en vuurwerk, what’s not to like?’, aldus Kerby.
Aan die traditie komt nu grotendeels een einde. Al het vuurwerk is verboden, behalve de categorie knalerwten en sterretjes. Alleen verenigingen met een lokale binding, zoals wijk- en sportverenigingen, kunnen een ontheffing van het vuurwerkverbod aanvragen. De gemeente Eindhoven organiseert zelf een vuurwerkshow en staat geen ontheffingen toe.
‘Jammer, maar ook wel begrijpelijk’, zegt Kerby over het verbod. ‘Er vallen doden, en dan al dat oogletsel. Het is zo uit de hand gelopen. Blijkbaar kunnen we er niet mee omgaan.’
Het vuurwerk wordt ingenomen door een bedrijf. Twee medewerkers stoppen het in grote dozen en vullen die ter bescherming op met stukjes schuim. Een ander bedrijf gaat het later vernietigen. Naast de tafel staat een brandblusser paraat.
Kerby vertelt dat ze al eerder van haar vuurwerk af wilde. Ze was van plan het in een emmer water te dompelen en daarna weg te gooien. De medewerkers achter de tafel schudden hun hoofd. Vuurwerk kan flitspoeder bevatten. Dat kan spontaan ontbranden als het nat wordt.
De inleveractie is ook een soort amnestieregeling: het is toegestaan vuurwerk in te leveren dat al langer verboden was. Een man die geen vragen wil beantwoorden, legt cobra’s, vlinders en nitraten op tafel. Hij vertrekt daarna snel weer.
Aan het eind van de dag is de oogst 126 kilo consumentenvuurwerk en 17 kilo flitspoedervuurwerk, zoals strijkers en cobra’s. Dat is veel vergeleken met inleverpunten elders in het land, maar ook weer geen indrukwekkende hoeveelheid. Is het geen druppel op de gloeiende plaat?
Een woordvoerder van het ministerie van Justitie en Veiligheid benadrukt dat de inleverpunten er nu vooral zijn omdat het verbod recent is ingegaan. ‘We hebben geen duidelijk beeld van wat mensen aan vuurwerk thuis hebben liggen, maar we willen ze in elk geval de kans bieden het in te leveren.’
De 67-jarige Anton Meyer uit Eindhoven grijpt die kans. Hij heeft zoveel vuurwerk bij zich dat hij meermaals op en neer naar zijn auto moet lopen. In goede jaren gaf hij soms wel 600 euro uit aan compounds, waarmee hij een minivuurwerkshow kon geven. Hij stak ze in het bijzijn van zijn familie af.
Vijf jaar geleden moest hij wegens ziekte tijdens de jaarwisseling verstek laten gaan. Sindsdien lagen de pakketten ongebruikt thuis. Meyer: ‘De laatste jaren was de lol er wel af. Je merkte toch dat mensen er genoeg van hadden.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant