Verslavingszorg De proef, waar al jaren aan gewerkt wordt, draait om het voorschrijven van dexamfetamine. Onderzoekers denken dat het crackgebruikers kan helpen hun gebruik af te bouwen. Waarom de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd de proef heeft stilgelegd, heeft ze niet toegelicht.
Een crackgebruiker met pijpje in het Amsterdamse Oosterpark.
Een Amsterdamse proef waarbij crackverslaafden worden behandeld met een vervangend medicijn is stilgelegd door de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). De Inspectie heeft niet bekendgemaakt, ook niet aan de gemeente Amsterdam, waarom zij heeft ingegrepen. Volgens een IGJ-woordvoerder heeft dit te maken met „de productie” van het middel dat wordt gebruikt: „Daar maken wij ons zorgen over.” Wat ze daar dan mee bedoelen, wil de woordvoerder niet toelichten.
De proef draait om het voorschrijven van dexamfetamine dat normaal gesproken wordt voorgeschreven aan mensen met ADHD. De onderzoekers denken dat het crackgebruikers kan helpen hun gebruik af te bouwen, omdat het de hunkering naar crack, rookbare cocaïne, dempt. De komende maanden zal moeten blijken of de proef definitief stopgezet wordt of – na aanpassingen – kan doorgaan.
De stillegging komt op een gevoelig moment: het aantal crackgebruikers in Nederland is de afgelopen jaren fors toegenomen, bleek eind vorig jaar uit onderzoek van het Trimbos-Instituut. Met name in grote steden is het steeds normaler geworden om gebruikers in parken en rond stations een pijpje crack te zien roken.
Amsterdam doet al twaalf jaar onderzoek naar het behandelen van crackverslaafden met vervangende medicijnen. In Amsterdam krijgen, schrijft de gemeente in een brief, de eerste verslaafden het ADHD-medicijn inmiddels ook al voorgeschreven. De gemeente vindt het „uiterst wrang” dat het medicijn, nu dat eindelijk de behandelkamer heeft bereikt, dreigt te stranden.
Emeritus hoogleraar verslavingszorg Wim van den Brink, die nauw betrokken is bij de zoektocht van de gemeente Amsterdam naar succesvolle manieren om crackgebruik af te bouwen, hoorde twee weken geleden over het besluit van de Inspectie, vertelt hij aan de telefoon. „Ik was verbaasd” zegt hij. „We hebben de cliënten die het middel testen en hun behandelaren voorzichtig op de hoogte gesteld.”
Het is, volgens Van den Brink, een „enorme tegenvaller” dat de proef in ieder geval tijdelijk is opgeschort, omdat het ADHD-medicijn gebruikers uit hun ‘crackroutine’ kan halen. „Dexamfetamine neemt de stimulans om crack te gebruiken weg. Gebruikers zijn niet de hele dag in de war en hoeven minder te stelen om hun drugs te bekostigen.”
Hoe de Inspectie, die als onafhankelijke toezichthouder onder het ministerie van Volksgezondheid valt, tot haar besluit kwam, wil de IGJ-woordvoerder niet zeggen. „Ik kan er niets over zeggen: de procedure loopt nog.”
Met het stilvallen van de proef valt de strijd tegen crackgebruik van de gemeente Amsterdam niet volledig in het water, zegt Van den Brink. Amsterdam doet ook op twee andere manieren onderzoek naar het afbouwen van crack. Verkend wordt of crackcocaïne in een medische setting voorgeschreven kan worden, vergelijkbaar met vormen van heroïneverstrekking.
Dit onderzoek bevindt zich nog in een vroeg stadium, benadrukt hij. Gebruikers en behandelaren zijn gepolst, nu wordt gekeken hoe een rookbare farmaceutische variant van crackcocaïne kan worden geproduceerd. Van den Brink: „Dat zal op z’n vroegst in de loop van 2027 beschikbaar zijn.”
Daarnaast wordt onderzoek gedaan naar het voorschrijven van lisdexamfetamine, een stof die pas actief wordt zodra het middel in de bloedbaan komt. Ook dit medicijn wordt voorgeschreven aan ADHD-patiënten en onderzoekers bekijken of het ook kan helpen bij mensen met een crackverslaving. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt, zegt Van den Brink, dat een derde van deze doelgroep ook ADHD heeft.
De gemeente Amsterdam dringt er in haar brief op aan dat een gesprek moet plaatsvinden tussen de gemeente, de minister van Volksgezondheid en IGJ. „We willen weten waarom de productie is gestopt en wat nodig is om het onderzoek verantwoord voort te zetten.” Emeritus hoogleraar Van den Brink denkt dat zo’n gesprek niet veel aan de huidige situatie zal veranderen. „De IGJ is onafhankelijk en heeft dit besluit genomen.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie