Musical Na tien jaar staat Chantal Janzen weer op het toneel, in Cabaret. Volgens regisseur Daria Bukvić is deze musical actueler dan ooit. Janzen: „Ik maak graag amusement, maar ik wil mensen ook iets meegeven.”
Castpresentatie musical Cabaret, met in het wit Chantal Janzen.
„Ik zou willen dat Cabaret niets meer met onze tijd te maken heeft”, zegt theaterregisseur Daria Bukvić (1989). „Maar het verhaal is zó actueel. Gekmakend is dat.” Bukvić doelt op het feit dat Cabaret zich afspeelt tegen de achtergrond van het opkomende fascisme – een ontwikkeling die de meeste personages maar een beetje over zich heen laten komen.
De Amerikaanse musical uit 1966 is gesitueerd aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog in een extravagante club in Berlijn, de Kit Kat Club. Terwijl het nazisme terrein wint, geven de gasten zich over aan het vrije leven. In Nederland bracht Joop van den Ende Theaterproducties Cabaret in 1989 op de planken met onder anderen Willem Nijholt; de voorstelling was voor het laatst te zien in 2009, geproduceerd door De Graaf & Cornelissen.
Een paar jaar geleden ging op West End een rauwe versie in première, die een enorme hit werd en navolging kreeg op Broadway. En dan is er nu een nieuwe Nederlandse Cabaret. De voorstelling zal drie maanden te zien zijn, alleen in het Amsterdamse DeLaMar.
Op een zonnige dinsdagochtend, zo’n drie weken voor de eerste try-out, pakt choreograaf Daan Wijnands een kop koffie achter de bar voordat hij aan de slag gaat met het ensemble. Ondertussen maakt actrice Chantal Janzen (1979) zich een verdieping hoger op voor een repetitie met regisseur Daria Bukvić.
Janzen nam het initiatief voor deze musical. Het is haar terugkeer op het toneel na tien jaar afwezigheid. Terwijl ze focuste op haar televisiecarrière werd ze vaak gevraagd om weer de planken op te gaan. „Maar ik voelde het gewoon niet.” Toen het uiteindelijk weer begon te kriebelen deed ze auditie voor een grote musical en kreeg de rol. „Ik voelde me zó gelukkig tijdens het voorbereiden van die auditie. Ik had al het materiaal binnen 24 uur geleerd. Ik dacht: zo’n nerderige actie kan alleen als je het heel graag wilt.” Maar het was niet de juiste productie voor Janzen. Haar enthousiasme bleek vooral voort te komen uit het gevoel dat ze weer het toneel op wilde, maar niet specifiek in deze productie. Ze gaf de rol terug – wat ook beter uitkwam voor de planning van haar tv-werkgever RTL.
Per toeval zag Janzen enige tijd later Cabaret op West End. „Opeens besefte ik: ik wil niet zomaar – koste wat kost – terug het theater in. Ik wil een rol waarvan ik wakker lig, in een stuk dat echt betekenis heeft. Bij Cabaret dacht ik: o, verrek! Het was alsof ik een oude liefde tegenkwam. Dat je denkt: o shit, hier gaat mijn hart wél sneller van kloppen.” Ze lacht.
Cabaret is een musical die Janzen goed kent. Ze zag de filmversie uit 1972 (met Liza Minelli in de hoofdrol) op jonge leeftijd en het nummer ‘Life Is A Cabaret’ werd haar vaste lied voor audities, als de producent iets uptempo’s wilde horen. Toch had ze destijds nog niet de ambitie om de rol van zangeres Sally Bowles te spelen. „Sally is een donker personage. Ze is een alcoholist, vindt zichzelf niet de moeite waard. Ze is zelfdestructief maar houdt een façade op en doet alsof ze de slingers ophangt in haar leven. Daarbij zwemt ze met de stroom mee omdat ze denkt dat verzet geen zin heeft.”
Regisseur Daria Bukvić en actrice Chantal Janzen.
Daar raakt de stuk een thema, waar regisseur Bukvić erg bevlogen over is: het opstaan tegen onrecht. „Cabaret gaat voor mij over hoe kwade machten hun boodschap heel verleidelijk kunnen verpakken. Pas veel later zien we – als verblind door de koplampen – wat er echt gaande is.” Ze doelt op extreemrechtse politici als Donald Trump of Geert Wilders, zegt ze, die de massa mee weten te krijgen maar er een eigen agenda op na houden, minderheden onderdrukken en ervoor zorgen dat de samenleving verhardt.
Toch was Bukvić geen Cabaret-fan van het eerste uur: eerdere opvoeringen vond ze vaak te luchtig. „Mijn ouders zijn gevlucht uit Joegoslavië, waar haat tussen etnische groepen heel veel schade heeft aangericht. Ik vond het moeilijk dat er in Cabaret zoveel glitter over de inhoud werd gegooid.”
Dinsdagochtend zit Janzen naast tegenspeler Freek Bartels (haar geliefde Clifford Bradshaw in het stuk) in een repetitiezaaltje, Bukvić tegenover hen achter een tafel. Musicalrepetities zijn nog relatief nieuw voor Bukvić. Ze debuteerde als musicalregisseur vorig theaterseizoen met het bejubelde Aletta de musical, een nieuwe productie over de eerste vrouwelijke arts van ons land die meteen een award won voor Beste Oorspronkelijk Nederlandse Musical.
Bukvić komt oorspronkelijk uit het gesubsidieerde theater en is artistiek directeur van Theater Oostpool. In het maakproces van musicals moet ze eraan wennen om „op haar handen te zitten” als de choreograaf of muzikaal leider met de acteurs ensemblescènes repeteert; verder ziet ze weinig verschil met het regisseren van een toneelstuk. „Een verhaal vertellen is een verhaal vertellen.” Het is een pluspunt dat musicals toegankelijk zijn. Bukvić wil namelijk graag een groot publiek bereiken, legt ze uit, om impact te maken. „Ik wil me nuttig maken voor de samenleving, verhalen vertellen waardoor we elkaar beter begrijpen, waardoor we anders naar elkaar kijken. Liefhebbender of op z’n minst begripvoller.”
In het repetitiezaaltje worden ondertussen alle scènes van Sally en haar geliefde ‘Cliff’ (Clifford Bradshaw) achter elkaar gespeeld. Dat begint met geflirt aan de telefoon, als de Amerikaan en de Britse zangeres elkaar voor het eerst spreken. Janzen en Bartels staan aan weerszijden van het speelveld, allebei een rode telefoonhoorn in hun hand. Daarna volgt de fysieke toenadering, terwijl ze op een klein podium zitten.
Ieder woord, iedere beweging wordt uitputtend gerepeteerd. Opnieuw en opnieuw herhalen de acteurs het eerste gesprek tussen de geliefden. Als Janzen zich speels achterover laat vallen, zegt Bukvić: „Misschien kun je nu iets quasi-artistieks met je benen doen?” Janzen gooit haar benen in de lucht. „En probeer eens een soort babyhouding: je armen om je knieën?” Janzen kijkt opzij: „Ik heb straks een jurkje aan, hè.” „O ja, geen goed idee”, lacht Bukvić. Toch die beenbeweging dan maar.
Bartels en Janzen proberen uit hoe lang hun eerste kus moet duren („Nog íéts langer – heel goed!”) en Bukvić grijpt in als Janzen haar tegenspeler een tikje op zijn knie geeft om haar versierpoging kracht bij te zetten: „Dat wordt echt te bro.” Na de zoveelste regieaanwijzing veert Janzen op en loopt naar de vensterbank, waar haar script ligt: „Ik moet dit echt even allemaal opschrijven.”
De regisseur en actrice zijn allebei erg gemotiveerd om Cabaret nu te presenteren. „Ik hoop dat het publiek met gebalde vuisten de voorstelling verlaat”, zegt Bukvić. „Dat deze musical hen inspireert om verzetsstrijders te zijn, wanneer dat nodig is. Met Cabaret wil ik laten zien dat we moedig móéten zijn. Als we dat niet doen, verliezen we allemaal.”
Haar strijdlust komt voort uit Bukvić’ persoonlijke leven. Als kind van een islamitische moeder zat ze in de brugklas toen de aanslag op het World Trade Center plaatsvond. „In de afgelopen 25 jaar zijn we afgegleden naar een situatie die onvoorstelbaar leek, maar die voor mijn ouders realiteit is geweest. Ik sta ervan te kijken hoe we, als een soort ‘boiling frogs’, in deze situatie zakken en er vrede mee lijken te hebben.”
Volgens Janzen is musical de ideale kunstvorm om deze boodschap voor het voetlicht te brengen. „Ik maak graag amusement. Dat vind ik geen vies woord, maar ik wil mensen óók iets meegeven. Ik wil een groot publiek aan het denken zetten. Na het zien van Cabaret hoop ik dat mensen nadenken over parallellen met onze huidige maatschappij. Door het oprukkende fascisme wordt deze voorstelling met de dag actueler. Helaas.”
De musical ‘Cabaret’ is van 7 oktober 2026 t/m 3 januari 2027 te zien in DeLaMar in Amsterdam. Info: delamar.nl.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie