In Brooklyn, het vierde deel van De memoires van Abel Sikkink, speelt William F. Cody – Buffalo Bill – een belangrijke rol. Auteur Bert Wagendorp over hoe de Amerikaan eind 19de eeuw met zijn spectaculaire Wild West-show de dominantie van de populaire cultuur inleidde.
is schrijver en columnist voor de Volkskrant.
Op 31 maart 1887, om tien uur in de ochtend, verliet het ss State of Nebraska de haven van New York met bestemming Londen. Een grote menigte op de kade ter hoogte van Leroy Street op Manhattan deed het schip uitgeleide. Er klonk muziek. Wie naar het dek keek zag iets ongewoons: aan de railing stonden, in hun traditionele kledij, tientallen oorspronkelijke bewoners.
Wie goed luisterde hoorde nóg iets bijzonders: uit het ruim van de stomer klonken het gebrul en gegrom van bizons, het gehinnik van paarden en de geluiden van andere dieren die geen New Yorker kon thuisbrengen. Het was alsof de ark van Noach het ruime sop van de Atlantische Oceaan koos.
De State of Nebraska stoomde langs Liberty Island en het Vrijheidsbeeld, het geschenk van Frankrijk dat een paar maanden eerder was ingehuldigd door president Grover Cleveland. Nu kwamen de Amerikanen op hun beurt met een cadeau voor Europa: ze stuurden hun beroemdste zoon, William Frederick Cody, samen met zijn Wild West, in oostelijke richting.
Cody (1846-1917), zijn manager Nate Salsbury en pr-man John Burke hadden met Buffalo Bill’s Wild West miljoenen Amerikanen bereikt en een geïdealiseerd beeld van de westelijke frontier geschapen. Nu wilden ze een nieuw publiek aanboren in Europa.
Cody, die sinds 1883 met zijn Wild West door Amerika had getoerd en die de show in die jaren had geperfectioneerd tot een geweldig spektakel, had al eerder getwijfeld over een Europese tournee. Maar pas toen hij een uitnodiging kreeg van de zakenman John Robinson Whitley om zich met zijn Wild West aan te sluiten bij de door hem georganiseerde American Exhibition op Earls Court in Londen, besloot hij te gaan.
En zo ging de hele menagerie (180 paarden, 18 bizons en tientallen muilezels, Texas longhorns en elanden) scheep, werden de mobiele tribunes voor dertigduizend toeschouwers in het ruim geladen, met de tientallen tenten, de veldkeuken, de eigen elektriciteitscentrale, het voer voor de dieren en de drukpers voor het reclamemateriaal. Het was ongetwijfeld de grootste logistieke operatie die er in de amusementswereld was uitgevoerd.
Er gingen ongeveer honderd oorspronkelijke bewoners mee, vijftig cowboys, lassowerpers en rodeohelden, plus twintig Mexicaanse vaquero’s, befaamd vanwege hun paardrijkunsten.
Buffalo Bill’s Wild West presenteerde een gemythologiseerd beeld van cowboys, indianen en pioniers. De show liep vooruit op wat de historicus Frederick Jackson Turner in de jaren negentig de frontier thesis doopte: volgens hem was de Amerikaanse identiteit gevormd door de grens tussen beschaving en wildernis. Het Wilde Westen had volgens hem het zelfbeeld van de Amerikanen geschapen, en dat was precies wat Buffalo Bill’s Wild West ook deed.
Die verspreidde, schrijven Robert W. Rydell en Rob Kroes in Buffalo Bill in Bologna, the Americanization of the World, 1869-1922, ‘het visuele en narratieve vocabulaire van het Wilde Westen’ en liet zien hoe de overwinning op de wildernis was bevochten door deugd, vaardigheid, moed en vuurkracht.
William Cody presenteerde dat heldenverhaal aan het Europese publiek. Het was nadrukkelijk een ‘wit’ verhaal, waarin de gruwelijke moord op duizenden oorspronkelijke bewoners, het uitroeien van miljoenen bizons en de amorele hebzucht en exploitatiedrift die velen in het westen dreef, grotendeels werden ontkend.
Buffalo Bill’s Wild West betekende volgens Rydell en Kroes ook de eerste stap in de amerikanisering van de wereld, in de dominantie van de Amerikaanse massacultuur. Die massacultuur kwam tot uiting in de grote ondernemingen van onder meer John D. Rockefeller (olie) en Andrew Carnegie (staal). In James Gordon Bennett jr., die in 1887 de Parijse editie van de New York Herald lanceerde, in de beheersing van de internationale telegrafie door de grote Amerikaanse kabelmaatschappijen, in banken als J.P. Morgan die steeds vaker ook projecten buiten de VS financierden.
In Amerika hadden grote groepen mensen toegang gekregen tot nationale vormen van vermaak, bijvoorbeeld dat van Buffalo Bill of een van de vele andere Wild West-shows. Diezelfde mensen konden zich consumptiegoederen permitteren omdat die in grote hoeveelheden steeds goedkoper werden geproduceerd.
Honkbal ontwikkelde zich tot de nationale sport, met bomvolle tribunes. In het straatbeeld verschenen de eerste winkelketens en in de grote kranten werd reclame gemaakt voor zeep van Procter & Gamble, sigaretten van Duke, Campbell-soep en Heinz-conserven – door het hele land verkrijgbaar.
Dat was de massacultuur die langzaam maar zeker ook Europa zou veroveren en die werd door William F. Cody naar Europa gebracht. Zijn Wild West-show was er met zijn massamarketing en bijbehorende celebritycultus een exponent van en Cody was de evangelist die Europa de goede boodschap bracht.
Kapitein Braes van de State of Nebraska vervoerde Amerika zélf oostwaarts – de ziel van het land, haar ontstaansgeschiedenis en overtuigingen, haar mythen en dromen van grote welvaart.
Nog voor de amerikanisering van Europa echt vorm kreeg, hadden de gebroeders De Goncourt het in hun dagboeken in verband met de wereldtentoonstelling van 1867 al over l’américanisation van Frankrijk.
Uit wat er in de gigantische tentoonstellingsruimte op het Champ de Mars in Parijs viel te zien maakten de twee estheten op dat de industrialisering de kunst zou verdrijven, dat de massaproductie het kwaliteitsproduct de das om zou doen en dat het materialisme de overhand zou krijgen boven de verfijnde cultuur.
Hun waarschuwing mocht niet baten. Buffalo Bill’s tournee was het begin van een uiterst succesvolle amerikanisering die doordrong in alle aspecten van de Europese samenleving: in de wijze van politiek campagnevoeren, de manier waarop grote bedrijven hun producten aan de man brachten, in het amusement en de kunsten. Niets van wat Europa tot Europa maakte zou aan de amerikanisering ontkomen.
De Wild West-show leidde de dominantie van de Amerikaanse populaire cultuur in, die bijna anderhalve eeuw zou duren, alvorens een president – een Amerikáánse president – hem begon te ondergraven.
William F. Cody’s faam als Buffalo Bill was begonnen in populaire zogenoemde dime novels, die gingen over meestal verzonnen avonturen in het westen. Een van de novels werd in 1873 met succes omgewerkt tot een toneelstuk, Buffalo Bill, King of the Border Men. Pas in het daarna opgevoerde Scouts of the Prairie betrad de echte Buffalo Bill het toneel. William Frederick Cody, legerscout, Pony Express-ruiter, en bizonjager met meer dan vierduizend kills op zijn naam, trok onmiddellijk volle zalen.
Cody verenigde in het personage Buffalo Bill alles waar wit Amerika naar zocht: moed, discipline, zelfstandigheid. Buffalo Bill was met zijn avonturen in het westen de personificatie van de Amerikaanse droom, de Amerikaanse identiteit en de Amerikaanse ontstaansmythe.
In Scouts of the Prairie maakten ook James Butler ‘Wild Bill’ Hickok (1837-1876) en John Baker ‘Texas Jack’ Omohundro (1846-1880) hun toneeldebuut. Hickok, die als sheriff had gefungeerd in wetteloze stadjes in het westen, zou model staan voor de rechtschapen ordehandhaver zoals die later in talloze varianten was te zien in westerns, het wereldwijd populaire genre waarvoor Cody het fundament zou leggen. Wild Bill keerde na een korte toneelloopbaan terug naar het legendarische stadje Deadwood, South Dakota, waar hij in 1876 werd doodgeschoten door een van zijn pokermaten. Texas Jack zou model staan voor alle cowboys die Hollywood in de 20ste eeuw aan de wereld zou presenteren.
Cody’s besluit om met zijn Wild West naar Europa te reizen zou verstrekkende gevolgen hebben, in de eerste plaats voor hemzelf. Zijn alter ego Buffalo Bill was al beroemd in Amerika, maar dat was niets vergeleken met de roem die hem in de rest van de wereld wachtte. Buffalo Bill, die 40 was toen hij de reis naar Europa ondernam, zou de eerste grote showbizzster worden, de beroemdste Amerikaan van zijn tijd, een man die op zeker moment zijn eigen sterfelijkheid zou ontstijgen en het nog bij leven tot mythe zou schoppen.
De gevolgen voor de rest van de wereld waren ook niet te onderschatten. De reis van de State of Nebraska luidde een revolutionaire verandering in: de Verenigde Staten zouden de wereld laten zien dat het land niet alleen een opkomende militaire en economische macht was, maar ook een culturele. De VS zouden uitgroeien tot het in alle opzichten dominante land op de wereldkaart.
Bij aankomst in Londen plakten Salsbury en Burke de hele stad vol wervende affiches en bestookten zij de Londense kranten met verhaalideeën en heldensaga’s, waarvan minstens de helft was ontsproten aan hun dikke duim. Die pr-aanpak was in Amerika gebruikelijk, maar voor Europa was het nieuw. Burke presenteerde Buffalo Bill als de absolute celebrity van de Wild West, maar deed dat ook met Red Shirt, de leider van het contingent oorspronkelijke bewoners, en met Buck Taylor, die in de voorstelling optrad als de ‘koning van de cowboys’.
Hij maakte ook een wereldster van Annie Oakley, de scherpschutter die haar echtgenoot van 20 meter afstand een sigaret uit zijn mond kon schieten. Dat was, behalve riskant voor haar huwelijk, ook van symbolische betekenis.
De colts en Winchester-repeteergeweren waarmee Oakley iedereen de stuipen op het lijf joeg waren, zoals in een programmaboekje geduldig aan het onwetende Europese publiek werd uitgelegd, voorwaarde geweest voor de succesvolle verovering van het Westen. ‘De kogel is een soort pionier van de beschaving’, stond er. ‘Hoewel haar missie vaak dodelijk is, is hij nuttig en noodzakelijk. Zonder de kogel zou Amerika geen groots, vrij, verenigd en krachtig land zijn.’
In Buffalo Bill’s Wild West had voor de Engelse tournee één oorspronkelijke bewoner meegedaan die nog beroemder was dan Red Shirt: het Lakota-opperhoofd Sitting Bull (1831-1890). Die trok in 1885 een paar maanden met Cody’s spektakel mee, tegen een mooie wekelijkse gage die hij aanvulde met de verkoop van portretten van zichzelf.
Sitting Bull was een van de tactische breinen achter Custers nederlaag bij Little Big Horn, waar het Amerikaanse leger een vernietigende nederlaag leed tegen een coalitie van Sioux en Cheyenne. Daarna vluchtte hij met zijn Hunkpapa Sioux naar Canada.
Na terugkeer trad hij in dienst van Cody. Hij speelde op het toneel geen rol, maar trad op als zichzelf, het grote opperhoofd Sitting Bull. Sitting Bull was een van de grote attracties van de voorstelling. In minder dan tien jaar van het slagveld van Little Big Horn naar de spotlights van de showbusiness: ook in Amerika zelf voltrok de popularisering van de cultuur zich in razend tempo. In 1890, het jaar van de slag bij Wounded Knee, werd Sitting Bull tijdens een mislukte arrestatiepoging doodgeschoten.
Buffalo Bill’s Wild West verbijsterde het Britse publiek door zijn omvang. Op Earls Court nam de troep een gebied van bijna drie hectare in beslag, waar het stadion voor dertigduizend bezoekers werd opgetrokken, de stallen voor de honderden dieren werden ingericht en de tenten voor de honderden artiesten en medewerkers van de onderneming.
Alle onderdelen van het kamp waren demonteerbaar, zodat het geheel – inclusief alle dieren – razendsnel op een uit achttien wagons bestaande trein kon worden geladen om te worden vervoerd naar het volgende optreden.
Twee dagen na de opening van de show, op 9 mei, vond op speciaal verzoek van koningin Victoria, de regerend vorstin die dat jaar haar gouden jubileum op de troon vierde, een besloten voorstelling plaats.
Victoria verscheen nog maar zelden in het openbaar, maar maakte een uitzondering voor Buffalo Bill. Op het moment dat een van Cody’s mensen met de Amerikaanse vlag de koninklijke loge naderde, ging Victoria staan en boog het hoofd. Dat gebaar werd door iedereen om haar heen gevolgd.
Het was voor het eerst sinds Amerika zich in 1776 onafhankelijk had verklaard van het moederland dat een Britse soeverein respect betoonde aan de Star-Spangled Banner. En daarmee aan het land Amerika: de Amerikaanse kranten wisten niet hoe ze het hadden en de Britse nog minder.
Het korte gesprek dat Victoria had met Red Shirt maakte diepe indruk en vooral het feit dat Red Shirt zich ‘even beheerst gedroeg als de koningin zelf’, zoals een krant schreef. ‘Ik heb een lange reis gemaakt om u te zien’, zei de oorspronkelijke bewoner hoffelijk in zijn eigen taal, ‘maar nu ben ik blij.’ De vertaling werd de kranten gedienstig ter beschikking gesteld door John Burke.
Op 6 juni stapte de prins van Wales, de latere koning Edward VII, samen met de koningen van Denemarken, België, Griekenland en Saksen bij William Cody in de Deadwood-coach, de postkoets. Die was het centrale punt in een belangrijke episode uit de voorstelling: een overval van oorspronkelijke bewoners op de koets en de daaropvolgende heldhaftige ingreep van Buffalo Bill.
Vier koningen en een prins in de Deadwood-coach: die kans voor open doel liet Burke niet liggen. Razendsnel verspreidde het nieuwsbericht zich over de wereld. De koninklijke aandacht verhief Buffalo Bill’s Wild West definitief boven het niveau van het ordinaire naar iets hogers en onaantastbaars, iets dat op het punt stond de wereld te veroveren: de Amerikaanse populaire cultuur.
De show bleef tot eind oktober op Earls Court en vertrok na meer dan driehonderd voorstellingen en naar schatting 2,5 miljoen toeschouwers voor een korte tournee langs andere Engelse steden. In mei 1888 keerde Cody na een verblijf van veertien maanden terug naar de Verenigde Staten. Van 1889 tot 1892 volgde de tweede Europese tournee, toen de tenten vanwege de Wereldtentoonstelling van dat jaar werden opgeslagen in Parijs en die verder door Spanje, Duitsland, Oostenrijk en Italië voerde.
De derde Europese tournee was de langste, en liep van 1902 tot 1906, met pauzes van een paar maanden in de winter. Die laatste tournee voerde de Amerikanen zo ver als Oekraïne. Net als tijdens de voorgaande reizen werd Nederland ook dit keer overgeslagen. De show had een enorme impact op de Europese perceptie van de VS.
Met William F. Cody liep het slecht af. Hij stierf in 1917 in Denver in de Amerikaanse staat Colorado – eenzaam, alcoholistisch en depressief. Van de miljoenen die hij had verdiend, was niets meer over door desastreuze investeringen in mijnbouw en vastgoed in het westen van Amerika: het Cody-imperium eindigde in een faillissement. Wat restte was zijn roem: zo’n 25 duizend mensen volgden Cody’s baar naar Lookout Mountain bij Denver, waarin zijn graf werd uitgehakt.
Maar hij zou voortleven in de Hollywood-westerns die de rol van zijn Wild West hadden overgenomen. In de televisieseries over cowboys en indianen, die ook in Europa mateloos populair waren, in boeken en strips, in popgroepen en country-liedjes, in Karl Mays Winnetou en Old Shatterhand. Hij schiep de mythe van het Wilde Westen en vormde het Amerikaanse zelfbeeld.
Onlangs, op 4 juli tijdens een massale bijeenkomst in Washington waar 250 jaar Amerikaanse onafhankelijkheid werd gevierd, sprak president Donald Trump een groot gezelschap toe, onder wie William Cody en zijn zus, Kellie Cody, achterachterkleinkinderen van Buffalo Bill.
Trump had het over ‘legendarische helden’ als Davy Crockett, Wyatt Earp, Annie Oakley, Teddy Roosevelt én Buffalo Bill Cody. ‘Heel erg bedankt’, sprak Trump tot Cody’s nakomelingen. ‘Geweldig dat jullie hier zijn om de gedurfde en ontembare ziel van Amerika te eren.’
Western-taal van een man wiens Duitse grootvader Friedrich Trump een tijdgenoot was van William F. Cody. Die runde tijdens de Gold Rush in het Canadese deel van de frontier een bordeel voor mijnwerkers. Zijn kleinzoon staat, bijna 140 jaar na het vertrek van de State of Nebraska, aan de basis van waar het met de Amerikaanse massacultuur op is uitgelopen: onbeheerste macht en de afbraak van de democratie, zinloze oorlogen, een doorgeslagen celebritycultus, bot materialisme en een vernietigende omgang met de natuur.
De roman Brooklyn van Bert Wagendorp, deel 4 van De memoires van Abel Sikkink, verschijnt op 6 oktober bij Uitgeverij Pluim.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant