Home

Lezers kiezen hun favoriete 150 woorden van Paulien Cornelisse

Op een oproep aan Volkskrant-lezers om hun favoriete 150-column in te sturen van Paulien Cornelisse, die woensdag is overleden, werd massaal gereageerd. Haar man Chris Bajema koos ook zijn favoriet.

is media- en cultuurverslaggever van de Volkskrant.

Gekraak

De favoriete 150 van Chris Bajema (man van Paulien Cornelisse, radio- en theatermaker)

Ergens werd geschaatst, het was belangrijk dat we daarbij waren. Een van ons leeft al decennia toe naar de volgende Elfstedentocht, die hij dan ook mag rijden. Twee keer Weissensee gedaan. Hij kan pootje over, beide kanten op. En nu was er een bevroren watertje bij Heteren.

Paniekerig reden we erheen. ‘We zijn hier in een zone 30’, probeerde ik. Dat hielp niet. Het paard rook de stal, maar waar was de stal eigenlijk?

Bij Heteren zagen we alleen een opgespoten weiland. Maar op Twitter noemde iemand Renkum. Aan de overkant van de rivier! Snel, voor het ging dooien of sneeuwen!

Ja, daar zagen we ze: schaatsers. Twee om precies te zijn, ook ­Weissenseeveteranen. ‘Het kraakt, maar het gaat!’ Het ging.

Jammer dat de veteranen toen begonnen over nuances in het ­gekraak. ‘Bij die omgevallen boom kraakt het net even anders, blijf daar maar uit de buurt.’

Dat was mijn cue om aan de kant te gaan bibberen.

Eend

Ingrid Kleinsman: ‘Omdat Paulien ons heel even bij die eend laat blijven’

Van de vele dingen waarover ik niet mag klagen, is het programma Buitenhof er een. En toch ga ik dat nu doen.

Niet eens over het programma zelf, dat is onverminderd gedegen en rustig. Het gaat me om de leader.

Die is enige tijd geleden veranderd in een fantasie van geometrische figuren waarin je de gasten van de aflevering alvast ziet langskomen. Daar is weinig mis mee, behalve als je weet wat een eenzaam hoogtepunt de vorige leader was.

De muziek begon, en dan zag je zomaar wat taferelen in de buurt van de studio, die vlak voor de uitzending gefilmd waren.

Een dobberende eend in het water. Iemand die op het dek van zijn woonboot koffiedrinkt. Er gebeurde niets en was daarmee het absolute hier en nu. Daarna werd in de studio de hele wereld besproken. Maar ergens in je hoofd zat nog die eend, die net zo goed bestond.

Kwal

Wim Hellenthal: ‘Hierin laat ze blijken dat we elkaar als mensheid moeten accepteren zoals we zijn’

Ik neem aan dat ik niet de enige ben wier dag beter werd door dit bericht: er bestaat een kwalsoort die, als hij/zij gewond is, met een andere gewonde kwal kan versmelten. Samen worden zij dan één nieuwe kwal.

Wat weet de nieuwe kwal? Wat wil de nieuwe kwal? Hij/zij kan er niet over praten. En misschien zijn het ook onnodige vragen, want het bijzondere aan deze kwal is nu juist dat die, qua immuunsysteem maar misschien ook qua identiteit, geen onderscheid maakt tussen ‘zelf’ en ‘niet-zelf’.

Hier blijkt maar eens uit hoe onterecht het is dat mensen andere mensen ‘een kwal’ kunnen noemen. De menselijke kwal heeft juist gigantisch veel ideeën over ‘zelf’, en over de belangrijkheid van ‘zelf’; dat zorgt ervoor dat hij zich op feestjes kan opdringen aan mensen die daar niet op zitten te wachten.

Of moeten we dit menstype eigenlijk zien als een gewonde kwal, wanhopig op zoek naar versmelting?

Omhoog

Albert Schmidt : ‘Op haar eigen unieke wijze ziet ze iets wat wij niet hebben gezien’

Onder de douche ontdekte ik een lieveheersbeestje dat bezig was aan een tocht richting het plafond. Elke druppel op de muur was een doorzichtig obstakel. Soms probeerde hij zich erdoorheen te worstelen, dan weer nam hij de lange weg om de druppel heen.

Welke methode hij ook koos: het bleef een gedoe. Ik vroeg mij af of ik hem moest redden, maar stelde me voor dat een lieveheersbeestje in de buitenwereld ook weleens een regenbui moet trotseren, al is die minder warm.

‘Dit is het leven’, zei ik hardop, want er was toch niemand in de buurt. Toen ik even niet keek, moet het beestje, gelijk de beroemde Hanse Panse (geboren Kevertje) toch gevallen zijn. Ik keek omlaag, hij lag op de grond te spartelen. Toen deed ik de douche uit, dat maakte alles droog. En omdat ook lieveheersbeestjes hun klassiekers kennen, zag ik hem nieuwe moed verzamelen. Hij klom toen weer omhoog.

Knopje

Judy Lijdsman: ‘Met een paar woorden en beelden bracht ze het verlangen naar een tijd vol knopjes naar de voorpagina’

Ooit zat ons leven vol knopjes. Denk aan het mysterieuze knopje op de draaischijftelefoon, dat geloof ik geen functie had, maar er alvast zat voor het geval Chriet Titulaer c.s. er iets voor zouden bedenken.

Hoe meer knopjes er kwamen, hoe meer verhalen er ontstonden over knopjes die ‘alleen psychologisch’ waren. Het knopje bij het stoplicht: dat was er om mensen een gevoel van controle te geven. De knop voor ‘deuren dicht’ in de lift kón niet echt werken, want het zou veel te gevaarlijk zijn om deuren ineens te laten sluiten.

Knopjes waren, kortom, een inspirerende en verrijkende toevoeging aan ons leven. En toch zijn ze ons afgenomen, want ineens werd alles ‘iets met touch’ in plaats van met een prettig klik-klakgeluid. Onze waterkoker valt alleen te bedienen met een soort handoplegging. Als hij ‘piep’ zegt, gaat hij iets doen. Maar vaak zegt hij geen piep.

Discobal

Cornelieke van Voskuijlen: ‘Bij twijfel over wel of niet een discobal, altijd wél een discobal’

De persoon die een röntgenfoto moest maken was in verwarring. ‘Dan moet u nu even op uw linkerzijde... Nee wacht, huh? Rechterzijde! Gaan liggen.’ Ik voelde mij ‘gezien’, omdat ik zelf ook altijd even moet nadenken over wat links is, en wat rechts. Zeker in het huidige verwarrende tijdsgewricht.

Eenmaal op de juiste zijde keek ik recht een plastic skelet in, dat naast de behandeltafel stond. Memento mori. Op alle botjes waren stickers met hun Latijnse namen geplakt. Costa, stond er op een rib, wat ik een verrassend vakantie-achtige naam vond voor een bot.

Na een tijdje zag ik dat iemand aan de binnenkant van het skelet een piepklein discoballetje had opgehangen. Alvast voor Kerst? Of nog van de vorige Kerst? Misschien was er iemand in het ziekenhuis die het zomaar had opgehangen, omdat diegene wist: bij twijfel over wel of niet een discobal, altijd wél een discobal.

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next