Reacties op overlijden Paulien Cornelisse Woensdag overleed schrijfster en cabaretière Paulien Cornelisse. Hoe keek zij naar de Nederlandse taal en hoe presenteerde ze zich op het podium? „Haar manier van kijken is niet in één woord te vangen, ‘Paulinisme’ komt het dichtst in de buurt.”
Paulien Cornelisse voor de voorstelling ‘Hallo Aarde’ in 2012 in het stadstheater van Zoetermeer.
Steef de Jong, theatermaker, liedjesschrijver en beeldend kunstenaar:„Paulien was ontzettend open, warm, nieuwsgierig en muzikaal. We bezochten elkaars voorstellingen en werkten samen aan meerdere projecten. Zo schreef ze de Nederlandse bewerking voor de volgend jaar uit te brengen Duitse operette Frau Luna, over mensen die een luchtschip bouwen om naar de maan te reizen. We zaten onlangs nog aan haar keukentafel om het stuk te visualiseren met playmobil-poppetjes. Paulien liet haar fantasie de vrije loop, zoals met alles wat ze deed. Zo’n raar idee dat ze niet bij de première is. Ik ga mijn best doen er iets van te maken waar ze blij mee zou zijn geweest.”
Steef de Jong
Japke-d. Bouma, schrijver, journalist en columnist:„Ik vond het in het begin soms een beetje nerdy om over taal te schrijven, om op detailniveau met woorden te prutsen, maar Paulien bewees dat anderen daar graag over lezen. Ik ben geen taalcolumnist dóór haar geworden, maar ze legitimeerde wel mijn taalgekte. Paulien stond op eenzame hoogte.”
Japke-d. Bouma.
Marc van Oostendorp, hoogleraar Nederlands en Academische communicatie aan de Radboud Universiteit:„Ik ken Paulien nog uit de tijd dat ze taalcolumns voor de Wereldomroep schreef. Daar is haar succesvolle debuutbundel Taal is zeg maar echt mijn ding uit voortgekomen. Ik schreef in die tijd een nieuwsbrief voor Onze Taal en we hebben heel wat gemaild en gebeld over taalzaken. Paulien heeft veel betekend voor de Nederlandse taalcultuur, het gevoel dat Nederlanders over taal hebben. Vaak wordt gemopperd over taal. Paulien doorbrak dat. Wat heeft het voor zin om te klagen, zei ze. Verwonder je liever! Heb je de laatste zinnen van haar laatste column in de Volkskrant gelezen? „Wat voor woorden geven datzelfde prettige gevoel als apegapen? Ik doezel een beetje verder weg en krijg er diep in mijn brein twee voorgeschoteld: ginnegappen en lanterfanten.” Dat is Paulien ten voeten uit. Geen klaagzang maar verwondering over het alledaagse. Een afscheid in stijl.”
Marc van Oostendorp,
Sanne Wallis de Vries, theatermaker, actrice en cabaretière:„Ik ben erg aangedaan door het nieuws. Paulien was zo’n fijn mens. Lief, slim, creatief. Altijd oprecht betrokken. Ik ben nog een tijdje haar adviseur geweest, in de aanloop naar Dagbraken, haar eerste avondvullende solo-cabaretprogramma, waar ze in 2010 de cabaretprijs Neerlands Hoop mee won. Dat hielden we bewust geheim, zodat niemand zou zeggen: oh, die krijgt een steuntje in de rug. Paulien en ik hadden dezelfde absurde observaties. Zo knoopte ze allerlei gedachten aan de getallen op dvd-spelers. Daar zag ze jaartallen in, waar ze weer historische gebeurtenissen aan verbond. Op het stand-uppodium had ze een komische vertraging, dat was echt haar handelsmerk.”
Sanne Wallis de Vries.
Vibeke Roeper, directeur Onze Taal„Vorig jaar verkoos Onze Taal Paulien tot ’taalpionier van de eeuw tot nu toe’. Dat ’tot nu toe’ waardeerde ze vanwege de volledigheid. Ze werd ontzettend gewaardeerd in de taalwereld. Veel van de sollicitatiebrieven die we bij Onze Taal ontvangen, beginnen met de zin ‘Taal is zeg maar echt mijn ding’, naar de bestseller die ze schreef. Dat zegt iets over de indruk die ze maakte met haar taalvaardigheid. Of moet ik zeggen: met de manier waarop ze naar taal keek: oordeelloos, onderzoekend, met humor en oog voor detail. Waarom praten of articuleren mensen zoals ze doen? Wat zegt dat over ze? Daar was zij nieuwsgierig naar. Ik kan het niet bewijzen, maar denk dat heel veel jonge mensen Nederlands zijn gaan studeren vanwege Paulien.”
Vibeke Roeper.
Frits Spits, tot vorig najaar vaste presentator van radioprogramma De Taalstaat:„Ik heb Paulien een keer of zes geïnterviewd voor De Taalstaat. Ze had een heel originele kijk op de Nederlandse taal. Die heeft ze opnieuw in de kleuren gezet. Als een parallellogram, waar van alle kanten licht doorheen valt. Ze kon elk woord draaien en er met verwondering naar kijken. Haar manier van kijken is niet in één woord te vangen. ‘Paulinisme’ komt het dichtst in de buurt. Haar columns en boeken waren nooit voorspelbaar, het was een waar taalfeest.”
Frits Spits.
Cindy Pieterse, schrijfster en comédienne:„Eind jaren negentig begonnen we kort na elkaar als stand-upcomedian bij de Comedytrain. Ze ontdekte al snel dat stand-up niet haar vorm was, en sloeg nieuwe wegen in. Met succes. Paulien was zacht en scherp tegelijk. Een taalmeesteres. Als ik haar appte was ik me bewust van haar taalvaardigheid: had ik mijn woorden wel goed gekozen? In maart trad ze op bij een speciale avond van de Comedytrain. Ze had een mutsje op haar hoofd vanwege de chemo, waar ze kort iets over zei op het podium, om daarna snel door te schakelen naar haar vakantie-avonturen. Een mooi en hilarisch verhaal dat ik nu moeilijk kan reproduceren. Iets met een grot en een berg op haar rug, typisch Paulien.”
Cindy Pieterse
Ewoud Sanders, taalhistoricus:„Taalkundige publicaties zijn vaak formalistisch en doorspekt met vakjargon. De blik waarmee Paulien naar alledaagse taalverschijnselen keek was heel verfrissend. Wie stond er ooit bij stil dat je op zó veel manieren het woord ‘maar’ kan gebruiken: ‘nee maar, jij hier?’, ‘het zal je man maar wezen’, ’troep maken, ja, maar opruimen, ho maar’. Ze analyseerde taal op zo’n manier dat het voor een grote groep mensen begrijpelijk was. Heel knap.”
Ewoud Sanders.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie