De lezersbrieven! Over krimpende gletsjers, geloof, dyslexie, hoge brandstofprijzen en het gevaar van AI.
Speciale dekens moeten de smelt van de Scex Rouge-gletsjer in Zwitserland enigszins afremmen. Een doekje voor het bloeden. Zie de gaswinning in Groningen, de kindertoeslagenaffaire, omwonenden van Tata Steel, omgeving Schiphol met al z’n decibels.
Je woont naast een geitenboerderij, een lelieteler, je werd slecht behandeld in de jeugdzorg, zie ontwikkelingshulp, zie de aanpak armoedebestrijding in ons rijke land. En steeds is daar het doekje voor het bloeden.
Het stelpt een beetje. Het lijkt minder erg. Je bent even bezig, maar in feite gaat het ingrijpende bloeden gewoon door. De machtige mens laat alles en iedereen bloeden. De aarde en elkaar. Deelt slechts doekjes uit.
Mooie woorden, voorgestelde ideeën moeten nog wat verbloemen. Een ernstige aanklacht tegen de regering, rijke mensen en wellicht ook tegen mijzelf. Ben ik er helemaal voor m’n buren, voor die vluchteling, sta ik gemakkelijk een substantieel bedrag af aan anderen?
Ik schiet tekort.
John den Besten, Zuid-Beijerland
Ik zou willen dat ik iemand als Gert-Jan Segers was: een rotsvast vertrouwen in het geloof en God. Ik kan het geloof echter niet geloven, dus moet ik het met mijn eigen geweten doen.
In zijn column van 1 oktober stelt hij dat het een klassiek links antwoord is om de overheid verantwoordelijk te stellen voor zorgzame gemeenschappen en hij is overtuigd van het onvermogen van de overheid hiervoor. Maar de overheid kan faciliteren; buurthuizen, kleine scholen open houden, plekken creëren waar mensen samen kunnen komen om die arm om elkaar heen te slaan.
Ja, als die plekken er niet zijn, dan rest ons slechts de kerk. Dat een nieuwe generatie zijn toevlucht zoekt bij het geloof, geeft alleen al aan hoe beroerd en verwarrend deze tijd is. Op zoek naar antwoorden is het geloof dan een snel antwoord op al je vragen (God heeft hier een bedoeling mee).
Maar voor mij als niet-gelovige biedt dat weinig hoop en houvast. Niet-gelovigen moeten hun hoop en troost halen uit idealen, literatuur, de wetenschap, principes en de verbinding met de ander.
Dat is hard werken, dus tsja, ik wou dat ik een mens als Gert-Jan Segers was: alle zorgen, vragen en antwoorden vinden bij God. Maar helaas, dus ik rommel maar wat aan.
Mirjam Marijn, Alkmaar
Ik was ontroerd, toen ik las hoe Els Pelgrom, of eigenlijk Else Koch, zich een halve eeuw geleden inspande voor leerlingen met dyslexie. Ze vertelt hoe deze kinderen bij andere leerkrachten, die niet wisten wat er aan de hand was, achterin de klas moesten zitten. Daar werden ze min of meer aan hun lot overgelaten.
De verwaarloosde leerlingen van destijds zijn de beperkt geletterde volwassenen van nu. Mensen die zich geheel ten onrechte schamen voor hun achterstand en die in hun leven vaak kansen zijn misgelopen.
In mijn werk binnen het volwassenenonderwijs vertel ik hun en de mensen om hen heen, dat het aan de juiste begeleiding heeft ontbroken. Dat ze tot meer in staat zijn dan ze zelf denken. Het vergt veel moed om het, ondanks het schooltrauma, nog een kans te geven.
Het is pijnlijk te bedenken dat er ook nu nog kinderen opgroeien zonder passende begeleiding. Dat was tenminste mijn conclusie, toen ik laatst op een gemengde school een avond over dyslexie bijwoonde; ik zag er enkel witte ouders.
Bij kinderen met een migratieachtergrond wordt, als lezen en schrijven moeizaam gaat, blijkbaar niet snel aan dyslexie gedacht. Online rapporten staven dit. Ook deze tijd heeft mensen nodig zoals Els Pelgrom.
Esther Postema, Amersfoort
Gelukkig maar dat ik geen auto meer rijd, anders zou ik me nog geroepen
voelen in Duitsland te gaan tanken. Ook maak ik geen vliegreizen meer. Ik heb in heel mijn leven hooguit een keer of tien gevlogen.
Mensen die dit allemaal wel doen, zouden moeten stoppen met zeuren. Als je je een auto en vliegreizen kunt permitteren, kun je ook de supermarkt om de hoek wel betalen.
Willy van der Putten, Amersfoort
‘Computer says no’ kan behoorlijk irritant zijn, maar ‘computer says go’ is misschien honderdduizend keer erger.
Jan Siepert, Hoorn
Wilt u reageren op een brief of een artikel? Stuur dan een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl
Het belangrijkst is dat een brief helder en duidelijk is. Wie een origineel en nog niet eerder verwoord standpunt naar voren brengt, maakt grotere kans te worden gepubliceerd. Een brief die mooi en prikkelend is geschreven, heeft ook een streepje voor. Kritiek op de Volkskrant wordt vaak gepubliceerd, op-de-man-gespeelde kritiek op personen plaatsen we liever niet.
Iedere brief wordt gelezen door een team van ervaren opinieredacteuren en krijgt een kans. En wekelijks worden ongeveer vijftig brieven geselecteerd. Over de uitslag kan helaas niet worden gecorrespondeerd. Wij zijn er trots op dat onze lezers mooie en goede brieven schrijven, waarvan we elke dag een levendige rubriek kunnen samenstellen.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant