Het is stil bij de Schiedamse hondengroep de Blafsnuiters. Vijf honden zijn deze week overleden, vermoedelijk door het eten van giftige paddenstoelen in het park. Of was het een hondenhater die gif in een spons had gestopt?
is regioverslaggever van de Volkskrant in de provincie Zuid-Holland.
De 60-jarige Yolanda De Las Heras en haar lotgenoten staan er woensdagmiddag verslagen bij in het Schiedamse park De Plantage. Ze slaan een arm om elkaar heen, zoeken troost bij elkaar en fluisteren elkaar zachtjes woorden toe. Van de Blafsnuiters, zoals ze zichzelf noemen in hun gezamenlijke whatsappgroep, heeft nu nog slechts een enkeling een hond aan de lijn.
Hoe anders was dat een week geleden. Toen dartelden Brisa, Buddy, Gerda, Micky en Timmie nog onbekommerd door het park. Ze renden achter een balletje aan, kwispelden vrolijk en groeven met hun snuit in de rozenperken. Hebben ze daar toen een giftige paddenstoel gegeten?
Inmiddels zijn vijf honden overleden. Buurtbewoners spreken van een ‘hondenkerkhof’. Voor de baasjes is het verlies nauwelijks te bevatten. Josje, het lichtbruine ‘Griekse vuilnisbakje’ van Arno Dijkmans, zoals hij zijn kokoni noemt, vecht nog voor haar leven in het Dierenziekenhuis Barendrecht.
De Las Heras, werkzaam bij onderwijs- en stadszaken bij de TU Delft, verloor haar tweejarige Brisa, een kleine podenco. Ze laat op haar telefoon een foto zien van het hondje met de spitse oren. ‘Ze was een heel vief en energiek hondje. We noemden haar altijd stuiterballetje.’ Ze glimlacht even. ‘Zo’n beestje houdt gewoon onvoorwaardelijk van je. Hoe je er ook uitziet als je net uit je bed komt.’
Ze noemt het ‘kras’ om nu weer door De Plantage te wandelen. En dat terwijl het oudste stadspark van Nederland, anno 1767, voor haar zo’n geliefde plek is in het hart van Schiedam. Met zijn statige honingbomen, paardenkastanjes en krimlinden ademt het park rust en geborgenheid. Aan de voet van een rijzige den komen altijd drommen kinderen af op een klein kabouterhuisje dat door een ijverige buurtbewoner is geplaatst.
Alleen de herdenking van de heksenvervolging, die enkele jaren geleden nog in De Plantage werd gehouden vanwege de rol die Schiedam daarin speelde, vormt een subtiele herinnering aan de ellende die zich hier blijkbaar ook kan voltrekken.
Toen de eerste honden stierven, deden al snel de wildste verhalen de ronde. In de mest zou beendermeel hebben gezeten. De honden zouden drugspoep hebben opgegeten van de verslaafden die zich hier ’s avonds ophouden. Er zou zelfs een hondenhater actief zijn die gif in een spons had verstopt.
De politie onderzoekt de zaak en sluit nog niets uit. Vijf agenten hebben in de straat bij iedereen aangebeld met de vraag: ‘Heeft u iets opvallends gezien?’
Een mogelijke verklaring ligt in de pas aangelegde rozenperken. Daar zouden giftige paddenstoelen in de verse grond hebben gezeten. Verschillende baasjes zagen hun honden graven en snuffelen in deze verse aarde. ‘Ik probeerde nog een wit kluitje uit Brisa’s bek te halen, maar ze had het al doorgeslikt’, zegt De Las Heras. ‘Die avond begon ze met overgeven en de volgende dag was het gebeurd.’
Deze middag verzamelen buurtbewoners een tiental grijswitte, brokkelige resten op een betonnen rand. Rob Kruining stuurde foto's ervan naar de Nederlandse Mycologische Vereniging (NMV). Een deskundige vermoedde op basis van de beelden dat het mogelijk gaat om delen van de steel, steelvoet en beurs van een amaniet.
Als een volwassen mens 20 gram eet van de groene knolamaniet, kan dat al dodelijk zijn. Of de gevonden resten inderdaad van een van deze soorten afkomstig zijn, moet nog worden vastgesteld. Bij twee honden wordt toxicologisch en pathologisch onderzoek verricht.
In afwachting daarvan worden de rozenperken afgezet. Werklui plaatsen hekken rond de plantvakken. Op de waarschuwingsborden staat: ‘Let op! Niet betreden i.v.m. vermoedelijk giftige paddenstoelen.’
De aannemer die voor het bedrijf Irado de rozenperkjes vervangt, houdt zich op de vlakte. Met een sigaret in zijn linkerhand en een kluit aarde in zijn rechter bestudeert de zongebruinde man samen met een assistent de grond.
‘We moeten afwachten wat er is gebeurd. Iedereen is nu aan het googelen, maar je weet hoe dat gaat. Mensen maken van een mug een olifant, blazen die op en voor je het weet heb je een luchtballon. We weten het niet hè, misschien is er wel een overbuurvrouw met een teringhekel aan honden.’
Zijn naam hoeft niet in de krant, benadrukt hij. Geheimen heeft hij naar eigen zeggen niet, maar op publiciteit zit hij niet te wachten. ‘Wat negatief is, verspreidt zich zeven keer, wat positief is drie keer. Ik heb daar dus geen reet aan.’
Waar de grond vandaan komt, wil hij evenmin zeggen. Wel benadrukt hij dat hij zijn ‘certificaten’ keurig bij de gemeente heeft ingediend. ‘Die heb ik zelf gegeven. Ik loop al wat langer mee. Mij treft geen enkele blaam.’
Niet iedereen neemt genoegen met de uitleg van de aannemer. Peter Bode (74) van de Blafsnuiters loopt met zijn hondje Chip, een vrolijke doxle, strak aangelijnd langs het park. Als blijkt dat vervuilde grond de oorzaak is van de hondensterfte, spreekt hij van een ‘misdaad’. ‘Je kan die grond dan toch niet verkopen?’
De Las Heras zegt het onderzoek te willen afwachten. Ze heeft moeite te geloven dat haar hondje er niet meer is. ‘Ik wil elk moment roepen: Briiisa!’ Ze klapt in haar handen. ‘En dan denk je dat ze komt. Maar ze is er niet meer.’
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant