Home

De prentenboeken van Harmen van Straaten zijn meer dan puur vermaak: ‘Ik zoek naar de onverwachte twist’

Kinderboekenweek Harmen van Straaten illustreerde in veertig jaar ruim 400 kinderboeken, maar denk niet dat er geen gedachte achter zit. Hij maakt „opstapboeken” met een warme sfeer. „Na mijn boeken kunnen kinderen door naar boeken die misschien net wat diepgaander zijn.”

Harmen van Straaten

‘Er zit echt een gedachte achter de boeken die ik maak”, zegt Harmen van Straaten (1958) stellig. Hij viert dit jaar zijn veertigjarig jubileum als illustrator en schrijver en mocht bovendien het Prentenboek van de Kinderboekenweek verzorgen: Herrie in de tent, een stapelverhaal op rijm waarin een stoet dieren zich naar de muziektent begeeft, wat letterlijk en figuurlijk tot „herrie in de tent” leidt.

Harmen van Straaten: Herrie in de tent. CPNB, 27 blz. € 7,99

In zijn lichte appartement in Amsterdam-Noord, waar Van Straaten zich omringt met moderne kunst en eigen beeldhouwwerk, vertelt de man die ruim vierhonderd kinderboeken illustreerde en zo’n honderd (prenten)boeken maakte wat die gedachte achter zijn boeken is.

„Toen ik in de jaren nul eigen prentenboekenteksten bij mijn illustraties begon te schrijven, stopte ik nog wel eens een licht filosofische gedachte in het verhaal. Eend tovert taart gaat bijvoorbeeld over misleiding. En in Eend en de tijdmachine, een van de andere boeken die ik schreef over Eend en zijn vrienden Pad, Otter en Egel, speel ik met de tijd. Maar ik merkte dat dit soort verhalen vaak over de hoofden van jonge kinderen heenging, waardoor ze afhaakten. Dat moest anders: ik besloot voortaan boeken te maken die zowel het kind als de ouder, grootouder, of juf enthousiasmeren voor lezen en voorlezen. Ik gun kinderen van nu dezelfde warme sfeer die ik heb ervaren toen mijn moeder mij voorlas. Dat deed ze eindeloos, onder andere uit Het sleutelkruid van Paul Biegel – dat was als kind mijn lievelingsboek. Voordat mijn moeder begin dit jaar kwam te overlijden, heb ik haar er twee weken lang uit voorgelezen. Ik hoop dat ze het heeft meegekregen. Ik vind het nog steeds bijzonder dat ik als min of meer beginnend illustrator juist dat boek ooit opnieuw heb mogen illustreren.”

Wat veranderde je om dat leesenthousiasme aan te zwengelen?

CV Harmen van Straaten

Sinds zijn debuut in 1987 illustreerde Harmen van Straaten (Arnhem, 1958) ruim vierhonderd boeken en schreef er zelf zo’n tachtig. Hij werd bekend met zijn prentenboeken op rijm. Ook schreef hij twee goed ontvangen jongerenromans Sidney (2010) en DJ in Wonderland (2011), een genre dat hij daarna niet meer heeft beoefend. Zijn werk wordt wereldwijd vertaald. Met Hé, wie zit er op de wc? won hij een Gouden Boek voor 75.000 verkochte exemplaren. Ook won hij prijzen in Tsjechië en Japan voor zijn illustraties in Een opa om nooit te vergeten (2001) van Bette Westera.

„Mijn prentenboekverhalen ben ik standaard op rijm gaan schrijven. Met deze vorm hoop ik gevoel voor taal bij kinderen aan te wakkeren en het voor de voorlezers aantrekkelijk te maken om voor te dragen. Het is natuurlijk geen poëzie, dat laat ik aan Ted van Lieshout over, maar onderschat niet hoeveel werk er in goed rijm zit. Mijn redacteur en ik lezen alles hardop aan elkaar voor, net zolang totdat de tekst vloeiend loopt.

„Het eerste boek dat ik bewust zo heb gemaakt is Hé, wie zit er op de wc? Dat was in 2015 en sloeg direct aan. Sindsdien is het een favoriet van kinderen en voorlezers. Hoe dat komt? Ik denk door de kracht van de herhaling, de taalgrapjes en de humor in het verhaalverloop, en ook mijn nonchalante en wat karikaturale illustraties in vrolijke kleuren. Ieder nieuw dier dat aansluit in de wachtrij voor de wc-deur, laat ik zichtbaar op zijn eigen manier worstelen met zijn hoge nood.”

Betekent dit dat je boeken toegankelijker zijn geworden?

„Ja, maar zonder dat ik daarbij op mijn hurken ga zitten. Als ik een verhaalidee heb, probeer ik dit niet op een standaardmanier uit te werken. Ik zoek naar een onverwachte twist. Zo blijkt de oorzaak van de potdichte wc-deur een jongetje te zijn dat zich tijdens zijn wc-bezoek niet heeft kunnen losrukken uit het boek dat hij leest. En in mijn boeken Wat rijmt er op stoep? en Wat rijmt er op vies? kunnen kinderen zelf mee rijmen omdat het daadwerkelijke rijmwoord pas op de volgende bladzijde staat. En dat is altijd anders dan wat je verwacht.

„Dat maakt mijn prentenboeken meer dan puur vermaak. Je zou ze kunnen zien als opstapboeken. Ik bedoel: kinderen moeten ergens beginnen. Ik wil ze samen met hun ouders laten ervaren hoe leuk en fijn lezen en voorlezen is. Dat er dan een moment van rust ontstaat met aandacht voor elkaar, waarin samen gelachen kan worden en spelenderwijs ook nog wat wordt opgepikt of nieuwe woorden worden geleerd. Als ze die stap door mijn boeken kunnen zetten, wordt de volgende stap makkelijker en kunnen ze zich richten op andere boeken. Boeken die misschien net wat diepgaander zijn, of mooi van taal en beeld. Zoals de prentenboeken van Eva Eland. Als Verdriet op bezoek komt vind ik echt prachtig.

Maar ook zoals jouw voorleesboek De glazen dierentuin dat dit jaar verscheen, toch? Dat verhaal is behoorlijk inhoudelijk: het leest als een pleidooi voor vertelkunst, vriendschap en meer groen voor kinderen.

„Het is in ieder geval een verhaal voor na de kleuterleeftijd. Ik liep er al lang mee in mijn hoofd rond. Eigenlijk al sinds ik in China was: daar werd zo’n tien jaar geleden De Kleine Sneeuwman opgevoerd, een theaterstuk dat is gebaseerd op mijn gelijknamige prentenboek. Het vergeten parkje tussen alle wolkenkrabbers waar het jongetje Chao iedere dag de visvijver bezoekt waarin zijn vriend Karper rondzwemt, en dat plaats dreigt te moeten maken voor nog meer hoogbouw, is geïnspireerd op een plek die ik heb ontdekt toen ik daar rondwandelde. Ik wist: daar wil ik een keer wat mee doen. Doordat ik verhalen een belangrijke rol in het leven van de jongen wilde laten spelen, groeide het idee van een raamvertelling zoals ook Het sleutelkruid dat is. Ja, het klopt dat mijn taal en beelden in De glazen dierentuin poëtischer zijn dan in mijn prentenboeken voor jongere kinderen. Toch is het wel echt een boek van mij.”

Waaraan kunnen we jouw hand herkennen?

„De zwierige illustraties, die in de loop der jaren trouwens wel wat strakker zijn geworden en iets meer diepte hebben gekregen en zelfvertrouwen uitstralen. Mijn pretentieloze taalgebruik. De hoop die de oude glasblazer aan Chao geeft in zijn strijd tegen de projectontwikkelaar, want er moet altijd hoop zijn op een harmonische afloop. En dat het belangrijk is om goede vrienden te hebben en elkaar verhalen te vertellen. Door de tijdgeest en mijn leeftijd voel ik de laatste jaren steeds meer behoefte om kinderen die boodschap mee te geven: ik houd niet van uitsluiting en conflict. Eigenlijk kan je dat ook wel tussen de regels door in mijn Prentenboekgeschenk lezen. Zo maak ik altijd wat dicht bij mezelf ligt. Maar wel met mijn lezerspubliek in mijn achterhoofd. In die combinatie schuilt denk ik mijn aantrekkingskracht en eigenheid.”

Kinderboekentip van Harmen van Straaten

Kamalia Talhaoui: Juf, wat voor haar heb je? Illustraties van Natascha Stenvert, Leopold, 32 blz., € 15,99

„Dit is een mooi en leuk getekend boek waarin op speelse en grappige wijze met culturele identiteit wordt omgegaan. Zonder opgelegde normen is het vanzelfsprekend dat de juf een hoofddoek draagt, terwijl de kinderen intussen fantaseren over haar haar. Dit prentenboek is het debuut van Kamalia Talhaoui die ook kleuterjuf is. Zij schreef daarna Juf op de bakfiets en Juf gaat op reis.”

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next