Ducati zegt de oorzaak van de remproblemen van Francesco Bagnaia met de GP26 te hebben gevonden en opgelost. Veel leverde dat de Italiaan vrijdag in Motegi vooralsnog niet op: Bagnaia kwam in de vrijdagmiddag Practice niet verder dan de zestiende tijd en moet daardoor zaterdag via Q1 alsnog proberen een plaats in Q2 af te dwingen. Zelf gaf de tweevoudig MotoGP wereldkampioen na afloop aan nog altijd moeite te hebben met het vinden van grip.
Francesco heeft dit seizoen regelmatig moeite gehad om het gewenste vertrouwen te vinden tijdens het remmen. Tijdens de Grand Prix van Oostenrijk kwamen bovendien ook Marc Márquez en Fabio Di Giannantonio met vergelijkbare klachten. Volgens Ducati teammanager Davide Tardozzi is inmiddels duidelijk geworden waar het probleem vandaan kwam en heeft de technische staf onder leiding van Gigi Dall’Igna een oplossing gevonden.
“Het is in orde, er zijn geen problemen”, verklaarde Tardozzi vrijdag in Motegi tegenover Sky Sports Italy. “Het probleem is geïdentificeerd en zou niet opnieuw moeten optreden. Het belangrijkste is dat Gigi [Dall’Igna] en de engineers hierin vooruitgang hebben geboekt en ik ben er vrij zeker van dat we de oorzaak hebben gevonden.”
Tardozzi verwachtte dat Motegi Bagnaia goed zou liggen. Niet alleen vanwege de karakteristieken van het circuit, het feit dat de Italiaan er een jaar geleden zowel de Sprint als ook de Grand Prix wist te winnen, maar ook vanwege de hoeveelheid grip van het nieuwe asfalt dat is aangebracht op het Japanse circuit.
“Het nieuwe asfalt heeft ons geholpen”, vertelde Tardozzi. “Er is behoorlijk veel grip en daardoor voelde hij zich goed. Op maandagochtend [tijdens de test op de Red Bull Ring] had iedereen wel iets over de motor te zeggen. Hij was niet tevreden tijdens het remmen, maar uiteindelijk denk ik dat hij hier competitief zal zijn. Dit circuit past bij zijn rijstijl en ook bij onze motor.”
“Het nieuwe asfalt heeft ons geholpen”, vertelde Tardozzi. “Er is behoorlijk veel grip en daardoor voelde hij zich goed. Op maandagochtend [tijdens de test op de Red Bull Ring] had iedereen wel iets over de motor te zeggen. Hij was niet tevreden tijdens het remmen, maar uiteindelijk denk ik dat hij hier competitief zal zijn. Dit circuit past bij zijn rijstijl en ook bij onze motor.”
Die verwachting kwam vrijdag in ieder geval nog niet tot uiting op de tijdlijst. Bagnaia noteerde slechts de zestiende tijd en bleef daarmee buiten de plaatsen die rechtstreeks toegang geven tot Q2. Opvallend genoeg sprak de Italiaan na afloop zelf nog altijd over een gebrek aan grip.
“Deze vrijdag verliep min of meer zoals de meeste weekenden tot nu toe dit jaar”, aldus Bagnaia. “Ik heb moeite om grip te vinden en we moeten op dit vlak blijven werken. We hebben een specifieke strategie om deze situatie aan te pakken, maar in vergelijking met Oostenrijk, waar min of meer iedereen problemen met de grip had en de verschillen daardoor kleiner waren, voel ik het verschil hier behoorlijk sterk.”
“Deze vrijdag verliep min of meer zoals de meeste weekenden tot nu toe dit jaar”, aldus Bagnaia. “Ik heb moeite om grip te vinden en we moeten op dit vlak blijven werken. We hebben een specifieke strategie om deze situatie aan te pakken, maar in vergelijking met Oostenrijk, waar min of meer iedereen problemen met de grip had en de verschillen daardoor kleiner waren, voel ik het verschil hier behoorlijk sterk.”
Bagnaia temperde daarmee ook de verwachtingen voor het vervolg van het weekend. “Het doel is natuurlijk om de situatie om te draaien en, realistisch gezien, in staat te zijn om voor een plaats in de top tien te vechten.”
Ducati is er dus van overtuigd dat het specifieke remprobleem is geïdentificeerd en opgelost, maar daarmee zijn Bagnaia’s problemen met de GP26 nog niet verdwenen. Zijn zestiende tijd en zijn eigen opmerkingen over het gebrek aan grip maken duidelijk dat er in Motegi nog werk aan de winkel is. Zaterdag moet de tweevoudig MotoGP wereldkampioen via Q1 eerst nog zien een plaats af te dwingen voor Q2.