Home

‘Bedrijvendokter’ Joep van den Nieuwenhuijzen is terug – en moet ook weer voor de rechter verschijnen

Gevallen zakenman In de jaren tachtig en negentig was hij een van ’s lands bekendste ondernemers. Eerst als redder van slechtlopende bedrijven, daarna verwikkeld in slepende strafzaken. Nadat hij in 2017 werd veroordeeld voor omkoping, was Joep van den Nieuwenhuijzen lang onzichtbaar. Nu duikt hij weer op; hij is woensdag gedaagd in een rechtszaak die twee zakenpartners hebben aangespannen.

Joep van den Nieuwenhuijzen in de Rotterdamse rechtbank, in 2013, waar dan de zaak dient over omkoping van Willem Scholten, directeur van het Havenbedrijf Rotterdam.

Op een groot lezerspubliek hoeft de Staatscourant niet te rekenen. Maar wie op dinsdag 21 juli de website opent met officiële bekendmakingen van de Rijksoverheid, stuit op een opmerkelijke gerechtelijke aankondiging. Op verzoek van Nicolaas Zwegers en Maria Fick wordt – in kapitalen – JOSEPHUS ANTONIUS JOHANNES VAN DEN NIEUWENHUIJZEN „zonder bekende woon- en/of verblijfplaats” opgeroepen woensdag 7 oktober 2026 te verschijnen „ter terechtzitting van rechtbank Amsterdam”. Geboren op 17 november, 1955 staat erbij.

Dat moet Joep van den Nieuwenhuijzen zijn, ooit zo’n beetje de bekendste zakenman van Nederland. Hij was vanaf de jaren tachtig bijna onafgebroken in het nieuws. Het ging eerst om de opbouw en ondergang van zijn industriële conglomeraat Begemann, en later om een grote rechtszaak inzake beurshandel met voorkennis in het aandeel HCS. Hij werd na vier jaar vrijgesproken.

Daarna verzamelde Van den Nieuwenhuijzen een trits defensiefabrieken onder de paraplu van de voormalige Rotterdamsche Droogdok Maatschappij (RDM), die houwitsers, helikopters en onderzeeboten bouwden en renoveerden. Opkopen en saneren van kwakkelende ondernemingen leverde hem de bijnaam ‘bedrijvendokter’ op. Op het hoogtepunt van zijn ondernemerschap had hij zo’n 170 bedrijven verzameld, waarbij ruim 8.500 mensen werkten. Vrijwel al die bedrijven zijn te gronde gegaan.

Een van de loodsen van RDM in 2004, waar militaire Fennek-pantservoertuigen werden geproduceerd.

In 2007 werd Van den Nieuwenhuijzen gearresteerd om zijn rol in het Rotterdamse havenschandaal, dat samenhing met de ondergang van het RDM-concern. Na jaren procederen bevestigde de Hoge Raad in 2017 zijn veroordeling voor omkoping van Willem Scholten, directeur van het Rotterdamse havenbedrijf. Van den Nieuwenhuijzen kreeg een jaar cel, waarvan 285 dagen voorwaardelijk, en anderhalve ton boete. Van faillissementsfraude en meineed werd hij vrijgesproken.

De recente oproep voor de rechtbank Amsterdam laat zien dat de gevallen zakenman, die jarenlang onzichtbaar was, kennelijk weer actief is. Ditmaal duikt Van den Nieuwenhuijzen op in een klein, maar opmerkelijk juridisch conflict inzake de aankoop van een hotel dat deel uitmaakte van het Van der Valk-concern. Dat raakt zijn voormalige schoonfamilie; Van den Nieuwenhuijzen was jarenlang getrouwd met Carlita van der Valk.

Via zijn twee oudste zonen is de roemruchte ondernemer bovendien nog nauw betrokken bij de noodlijdende Nederlandse bussenbouwer Ebusco.

Van den Nieuwenhuijzen (links vooraan) tijdens de behandeling van de HCS-affaire, de eerste grote voorkenniszaak in Nederland, maart 1994.

Van der Valk-hotel in Duitsland

Navraag bij het in België wonende stel Nick Zwegers (62) en Marie José Fick (64) leert dat hun dagvaarding van Joep van den Nieuwenhuijzen (70) een betalingsachterstand betreft rond een hotel in Stromberg. Gedrieën kochten zij dat Duitse hotel in 2014 van Vincent van der Valk, ex-zwager van Van den Nieuwenhuijzen.

Zwegers en Fick gingen het bedrijf leiden, Van den Nieuwenhuijzen bleef aandeelhouder op afstand. In 2022 besloot hij de twee uit te kopen. Van de half miljoen euro die hij voor hun 49 procent had geboden, zijn tot februari 2025 enkele plukjes voldaan. Omdat Zwegers en Fick naar eigen zeggen nog 3,5 ton tegoed hebben, schakelden ze incasso-advocaat Wouter Meijs in. Het geld is nodig, zeggen ze, ze hebben moeite rond te komen.

Zakelijk volkomen geïsoleerd

In 2013, bij de start van de rechtszaak over zijn rol in het havenschandaal, vertelde Van den Nieuwenhuijzen NRC dat hij door deze vervolging niet langer in Nederland kon ondernemen. „Ik ben zakelijk volkomen geïsoleerd geraakt. Zakenrelaties willen niet met deze meneer in verband worden gebracht. Ik ben een paria geworden, een melaatse.” De uiteindelijk veroordeling in deze zaak, in 2017, besmeurde zijn reputatie definitief.

Intussen was ook beslag gelegd op al zijn tegoeden in Nederland; parallel aan de havenzaak was justitie een ontnemingsprocedure begonnen om de „wederrechtelijke voordelen’ terug te vorderen. Het Openbaar Ministerie mikte in dit ‘plukze-proces’ op ruim 100 miljoen euro, waarvan de rechtbank aanvankelijk 13 miljoen toekende. Maar in hoger beroep ging daar een streep doorheen en in 2023 besloot justitie de vordering te laten rusten. Pas toen, vertelde Van den Nieuwenhuijzen aan regiozender RTV Rijnmond, kon hij weer aan het werk. „Het boek RDM is dicht, ik kan eindelijk weer aan de slag.”

In werkelijkheid heeft Van den Nieuwenhuijzen nooit stilgezeten. De precieze aard en omvang van zijn activiteiten is lastig te achterhalen, maar hij zegt altijd bedrijven en investeringen te hebben gehad in onder meer China, Rusland, West-Afrika en het Midden-Oosten. „Ik heb nu ruim zesduizend werknemers”, vertelde hij in 2017 aan weekblad Elsevier, „allemaal in het buitenland. Vroeger had ik ze hier.”

In zee met zijn zonen

Voor een man van de wereld die gewend is aan investeringen van tientallen miljoenen, moet een conflict om enkele tonnen kruimelwerk zijn. Maar de kwestie rondom het Duitse hotel laat zien dat de veroordeelde ondernemer die jarenlang onder de radar leefde, zijn manier van werken niet is verleerd. Duidelijk is nu ook dat hij tijdens het havenproces zakelijk actief is gebleven.

Van den Nieuwenhuijzen deed dat inzake Stromberg toen op eigen houtje, maar uit de documenten hierbij blijkt hij ook betrokken via zijn twee oudste zonen. De dagvaarding namens Zwegers en Fick is namelijk ook gericht aan VDVI. Dat staat voor Van der Valk Investments, de investeringsmaatschappij van zonen Bas en Bob. Van hen wordt 110.000 euro geëist.

Bas en Bob van den Nieuwenhuijzen schoven met hun bedrijf in 2016 als aandeelhouder aan bij hotel Stromberg. Tot hun verbazing lazen Zwegers en Fick in de uitkoopovereenkomst die Joep van den Nieuwenhuijzen op 1 april 2022 had laten opmaken, dat hij en VDVI samen slechts 150.000 euro voor hun aandelen zou betalen. De rest van het in 2016 afgesproken bedrag van een half miljoen werd vermeld in een door Joep met de hand geschreven addendum. Die 350.000 euro zou alleen hij betalen, aldus deze sideletter.

Inhoudelijk heeft Van den Nieuwenhuijzen niet gereageerd op de dagvaarding in het betalingsconflict. Hij kan die ook niet ontvangen, want de gerechtsdeurwaarder kon zijn woonadres niet traceren. Wel werd deze ook per mail aan hem gestuurd, zegt Zwegers. Telefonisch laat Van den Nieuwenhuijzen NRC weten „helemaal niets” van de kwestie te weten. In een aanvullend mailtje ontkent hij aandeelhouder te zijn „van de vennootschap die eigenaar is van hotel Stromberg”.

Een jaar geleden reageerde Van den Nieuwenhuijzen per e-mail fel op de vordering. Hij noemde de lezing van de advocaat „fundamenteel onjuist” en stelde dat de vennootschap van zijn zoons, VDVI, niet gebonden was aan het verkoopcontract voor de resterende aandelen uit 2022.

Volgens Van den Nieuwenhuijzen hadden mede-eigenaren Fick en Zwegers als bedrijfsleiders van Stromberg een „complete chaos en puinzooi” gemaakt. Hij pareerde de vordering aan zijn adres met een tegenclaim van 480.000 euro, 130.000 euro méér dan hun eis aan hem– en weigerde deze met documentatie te onderbouwen. Vervolgens zette hij een stap die hij in het verleden vaker bij vasthoudende schuldeisers deed: hij stelde voor de vorderingen tegen elkaar weg te strepen. Fick en Zwegers gingen daar niet mee akkoord. Daarna bleef het stil, ook na een nieuwe brief van advocaat Meijs, begin januari.

Ebusco en koersmanipulatie

In de jaren dat Van den Nieuwenhuijzen senior minder in het nieuws opduikt, met name na 2017, haalt de bedrijvigheid van zijn zonen wel af en toe de krant. Onder de naam Gr8 Hotels gaan zij samen met hun neef Martien Heinrichs – eveneens kleinzoon van wijlen hotelmagnaat Gerrit van der Valk – in 2016 de concurrentie aan met het Van der Valk-concern.

Meest in het oog springend nieuws rond de twee zonen betreft in 2024 een zaak rond het aandeel Ebusco, beursgenoteerd bouwer van elektrische stadsbussen. Toezichthouder AFM legt VDVI dat jaar 3 miljoen euro boete op wegens marktmanipulatie, in een poging zoveel mogelijk geld te krijgen voor haar belang in de Deurnse bussenbouwer.

Topman Peter Bijvelds (midden) slaat de gong bij de beursgang van Ebusco in oktober 2021. Voor hem, geknield, aandeelhouder Bas van den Nieuwenhuijzen. Rechtsachterin, met duimpje omhoog: diens jongere broer Bob.

Volgens de AFM had VDVI twee jaar eerder geprobeerd de koers van Ebusco op te drijven. Kort nadat VDVI bij een bank heimelijk een order had geplaatst voor onderhandse verkoop van 1,2 miljoen aandelen Ebusco, kocht de investeringsmaatschappij op de beurs kleine plukjes aandelen. Volgens de AFM was het doel daarvan zo de koers op te stuwen en daardoor een hogere prijs te kunnen bedingen bij de onderhandse verkoop van het aandelenpakket waarover hun bank met anderen onderhandelde. Uiteindelijk verkocht VDVI in 2022 400.000 aandelen voor 6,4 miljoen euro.

VDVI maakte bezwaar tegen de boete; de gerechtelijke procedure loopt volgens een AFM-woordvoerder nog altijd. Daarnaast probeerden de broers met een kort geding openbaarmaking van de sanctie te verhinderen. Hun argument was dat beide bestuurders „lid zijn van een bekende Nederlandse familie en een vader hebben die in het verleden is beschuldigd van koersorkestratie” en dat hun zaak daardoor „meer media-aandacht zal krijgen dan gebruikelijk is in vergelijkbare boetezaken”.

De broers doelden daarmee op de zogenoemde HCS-affaire, waarin hun vader begin jaren negentig verdachte was van misbruik van voorwetenschap. Kort na overleg tussen geldschieters over hulp aan het zieltogende automatiseringsbedrijf HCS Technology besloot een van de beoogde redders, Joep van de Nieuwenhuijzen, een groot pakket aandelen in dit bedrijf op de beurs te verkopen.

De koersdaling die daarop volgde, oordeelde het beursbestuur, was mogelijk gunstig voor de onderhandelingen over de noodfinanciering – waarop het aangifte deed. Jaren procederen leidde in 1996 tot vrijspraak. Voorkennis werd niet bewezen, laat staan misbruik ervan. Wel werd de wet hiervoor daarna aangescherpt, net als het toezicht.

De ingreep van beursautoriteiten tegen verdachte aandelenhandel door de familie Van den Nieuwenhuijzen is niet de enige zakelijke overeenkomst tussen vader en zonen. Formeel heeft Joep van den Nieuwenhuijzen niets met het Ebusco-dossier van doen, maar zijn vingerafdrukken zijn er duidelijk op te vinden.

Vennootschap uit Hongkong

Dat begon bij de start van Ebusco in 2012. Oprichters Walther Luijten en Peter Bijvelds zijn dan al nauw gelieerd aan Joep van den Nieuwenhuijzen. Luijten (1946) was namelijk jaren directeur bij het RDM-concern en vertrouweling van de eigenaar. En Bijvelds (1978) is al jaren bevriend met de familie Van den Nieuwenhuijzen en had een relatie met Joeps ex-vrouw Carlita.

Tot 2015 was Walther Luijten enig aandeelhouder van Ebusco. Dat jaar verwierf Bijvelds 60 procent in het bussenbedrijf. In 2016 stapte via een nieuwe aandelenuitgifte de participatiemaatschappij van ING voor een kleine 25 procent in. Luijten verkocht zijn tot 30 procent verwaterde belang aan Van der Valk Investments.

Van den Nieuwenhuijzen duikt nooit op in openbare stukken van de elektronische bussenbouwer, maar medewerkers van de fabriek signaleren diens opvallende auto – een donkerblauwe Bentley cabrio met Belgisch kenteken – geregeld op de parkeerplaats bij het Deurnese hoofdkantoor. Volgens inmiddels vertrokken Ebusco-managers is hij nog altijd een vertrouweling van topman Bijvelds. Ook bezocht Joep van den Nieuwenhuijzen soms een aandeelhoudersvergadering, hoewel hij ontkent aandeelhouder te zijn.

Ook uit jaarverslagen van Ebsuco blijkt zakelijke betrokkenheid. Al ver voor de beursgang in 2021 staat een lening op de balans – inmiddels een kleine vierenhalve ton – van de firma BaBoDiDa Ltd, ‘related party of shareholder Van der Valk Investments B.V.’ Oud-hotel-compagnons Zwegers en Fick weten wel wie achter deze vennootschap uit Hongkong schuilgaat. In het handelsregister daar staan Joep en zijn twee zonen ingeschreven als bestuurder.

Volgens Fick is BaBoDiDa de afkorting van de vier kinderen van Joep van den Nieuwenhuijzen uit zijn huwelijk met Carlita: Bas, Bob en de tweeling Didi en Daniëlle. Met die zelfde entiteit kocht Van den Nieuwenhuijzen in 2014 zijn deel in hotel Stromberg. En het verkoopcontract van acht jaar later vermeldt BaBoDiDa ook.

De geldbedragen die Fick en Zwegers sinds april 2022 mondjesmaat overgeboekt kregen, kwamen alleen niet van BaBoDiDa. Soms deed Van den Nieuwenhuijzen ze onder eigen naam, blijkt uit een overzicht van Fick en Zwegers, vaak van anderen. Zo kwam er geld van zijn vriendin Pauline Boers, van zoon Bob en van boezemvriend Roel Kooijman. De laatste was als effectenmakelaar nauw betrokken bij de omstreden beurshandel die leidde tot de HCS-affaire.

Ook zijn vriendin Pauline Boers (links) betaalde voor Van den Nieuwenhuijzen een deel van de openstaande rekening voor de aankoop van hotel Stromberg. Vorig jaar bezochten ze de Grand Prix in Zandvoort .

Pantserhouwitsers naar Duitsland

Dat Van den Nieuwenhuijzen weigert Zwegers en Fick volledig te betalen, zou niet te maken moeten hebben met een gebrek aan middelen. Eind 2024 liet hij hun via WhatsApp weten een gunstige deal te hebben gesloten met het Duitse defensieconcern Rheinmetall. Hij zou uit de failliete boedel van RDM nog tankonderdelen hebben liggen, waar hij sinds de zomer van 2023 weer vrijelijk over kon beschikken doordat het beslag op zijn eigendommen was opgeheven. „Ik verwacht gelden op onze rekening op of voor 19 februari”, appte hij op 5 februari 2025.

In 2026 vertelde hij het Tijdschrift voor Curatoren over dezelfde transactie. In de nasleep van de ondergang van RDM zou hij een schikking met curator Louis Deterink hebben getroffen waarbij hij voor 6 miljoen euro „een pakket defensieonderdelen” terugkocht. „Dat pakket bracht later tientallen miljoenen op.”

In het maandoverzicht van exportvergunningen die Buitenlandse Zaken verstrekt voor militaire goederen lijkt de lucratieve deal van Van den Nieuwenhuijzen met Rheinmetall terug te vinden. Op 26 februari 2025 is vergunning verleend voor verkoop van onderdelen van de PzH2000-houwitsers aan Duitsland. Dat kwam precies overeen met de voertuigen die de Nederlandse krijgsmacht had ­afgedankt en die RDM daarna hadopgeknapt. Waarde van de verkoop volgens Buitenlandse Zaken: 15 miljoen euro. Het ministerie noch Van den Nieuwenhuijzen wil bevestigen of het om deze deal gaat.

Precies een dag nadat de vergunning is verleend, op vrijdag 27 februari 2025, kregen Fick en Zwegers een laatste betaling voor hun hotelaandelen binnen. Niet van Van den Nieuwenhuijzen senior, maar via zijn zoons. Investeringsmaatschappij VDVI stortte een ton, met als betalingskenmerk ‘deelbetaling Stromberg’.

Anderhalf jaar later wachten Zwegers en Fick dus nog altijd op drieënhalve ton, inclusief rente. Ze hopen dat de rechtszaak Van den Nieuwenhuijzen er alsnog toe beweegt te betalen.

Intussen gaat niet goed met ze, vertelt Zwegers aan de telefoon. „De huisbaas wil ons niet langer de hand boven het hoofd houden. We zullen ons huurhuis moeten verlaten.” Hij heeft dit ook zijn advocaat laten weten.

Fick verzuchtte eind augustus, toen ze bij een kop koffie in Den Bosch hun claim toelichtte: „Joep ging ons hélpen, was zijn belofte toen hij samen met ons het hotel ging kopen. Nu denk ik: hoe heb ik zo stom en goedgelovig kunnen zijn?”Joep van den Nieuwenhuijzen is gevraagd om een reactie, maar hij wil niet inhoudelijk ingaan op vragen van NRC. „Ik vind het heerlijk om, na al die jaren, in de publicitaire luwte te kunnen opereren en dat wil ik graag zo houden.” Zijn zonen Bas en Bob van den Nieuwenhuijzen reageerden niet op vragen van NRC.

Ebusco Faillissement dreigt

Ebusco in Deurne was ooit een belofte voor het vervoer van de toekomst. De producent van elektrische bussen was bij zijn beursgang in 2021 ruim 1,3 miljard euro waard. De omzet liep afgelopen jaren echter terug en de onderneming stapelde verlies op verlies. Het bedrijf is op de beurs nauwelijks meer iets waard.

Naar eigen zeggen kreeg de bussenbouwer problemen met de toelevering van onderdelen. Verplaatsing van de productie naar China verliep stroef. Bussen werden niet of niet tijdig geleverd, waardoor afnemers als Qbuzz en Keolis het contract verbraken. In enkele gevallen moest Ebusco miljoenenboetes betalen omdat het afspraken niet nakwam.

Ebusco verkeert nu al twee jaar op de rand van faillissement. Enkele maanden geleden gaf het aan rekeningen niet meer te kunnen betalen, en dat leveranciers en andere crediteuren op elk moment faillissement konden aanvragen.  Vooral Chinese partijen dekken via kortlopende leningen steeds het tekort aan werkkapitaal. Accountant EY onthield zich de laatste twee jaar van een oordeel over de cijfers. Ebusco wil EY nu midden in het boekjaar vervangen door een onbekende Portugese accountant.

Ebusco kreeg dit jaar geen nieuwe orders binnen. Topman Bijvelds zei eerder dat als dit zo blijft, een bankroet volgt. Het bedrijf kijkt al een tijdje naar mogelijkheden voor – een gedeeltelijke – overname. 

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next