Begrotingsonderhandelingen
Dit is het dagelijkse commentaar van NRC. Het bevatmeningen, interpretaties en keuzes. Ze worden geschreven door een groepredacteuren, geselecteerd door de hoofdredacteur. In de commentaren laat NRC zien waar het voor staat. Commentaren bieden de lezer eenhandvat, een invalshoek, het is ‘eerste hulp’ bij het nieuws van de dag.
Plotseling was er begin deze week een vleugje optimisme in Den Haag, toen een deel van de oppositie positieve signalen gaf over de voortgang van de begrotingsonderhandelingen met het kabinet. De Kamerbrief die minister Eelco Heinen (Financiën, VVD) dinsdagavond stuurde, waarin opnieuw een aantal toezeggingen richting de oppositiepartijen stond, bleek echter nog geen totaaldeal over de begroting. Pro steunt de begroting van Sociale Zaken na het schrappen van alle bezuinigingen, maar voor de rest blijft het onzekerheid troef.
Zo moest Heinen deze week tijdens de Algemene Financiële Beschouwingen toezeggen wéér opnieuw te kijken naar de dekking voor het invoeren van een vermogenswinstbelasting in box 3, omdat in zijn laatste voorstel ook relatief kleine spaarders en beleggers worden geraakt. Het is een symptoom van het ad hoc zoeken naar brede steun in de Kamer, waardoor veel partijen tevreden moeten worden gehouden en het beleid alle kanten op blijft gaan.
Een positieve stap was deze week het volledig schrappen van de bezuinigingen op de sociale zekerheid, om overleg met de vakbonden en werkgevers mogelijk te maken. Hoewel de coalitie van D66, VVD en CDA in het coalitieakkoord van januari nog schreef dat het de samenwerking „tussen regering en de polder” wilde herstellen, vielen de in het akkoord opgenomen miljardenbezuinigingen helemaal verkeerd. De polder kwam juist in verzet en de vakbonden bleven eisen dat de bezuinigingen van circa 6,5 miljard euro van tafel gingen voordat er inhoudelijk gesproken kon worden over een nieuw sociaal akkoord. Het is een grote inschattingsfout van het kabinet gebleken om die bezuinigingen eenzijdig en zonder fatsoenlijk overleg af te kondigen, waardoor het overleg met de polder nu volgende week pas na driekwart jaar van verloren tijd kan opstarten.
Praten over het hervormen van de sociale zekerheid mag geen taboe zijn, maar dat doen vanuit een kille bezuinigingsopdracht was nooit een goed idee. De Nederlandse sociale zekerheid, die dit jaar vanwege de invoering van de Ongevallenwet in 1901 precies 125 jaar bestaat, is een belangrijke verworvenheid. Het uitkeringsstelsel is ook niet veel duurder dan in veel andere Europese landen en ook over de houdbaarheid op lange termijn, een vaak gehoord argument in discussies over de noodzaak om de AOW-leeftijd steeds verder te verhogen, zijn veel experts niet negatief.
Dat betekent niet dat er geen grote problemen zijn die moeten worden aangepakt. Vooral het compleet vastgelopen systeem rond de WIA-uitkering bij arbeidsongeschiktheid is een bron van zorg, en daar zijn partijen van links tot rechts en ook de bonden en de werkgevers het mee eens. Het UWV noemde het WIA-stelsel recent „onuitvoerbaar en niet meer uitlegbaar”, bijvoorbeeld omdat mensen maandenlang op een beoordeling moeten wachten vanwege een tekort aan keuringsartsen. Ook is de instroom zorgwekkend hoog, de uitstroom te laag en zijn momenteel bijna 900.000 van de 1,4 miljoen mensen met een uitkering (gedeeltelijk) arbeidsongeschikt.
De WIA ‘hervormen’ lijkt dan ook bittere noodzaak, als dat ook betekent dat er serieuze investeringen mogelijk zijn om het stelsel te verbeteren. Dat zou kunnen betekenen dat zo’n hervorming op korte termijn ook geld kost, maar een betere WIA zou op lange termijn juist geld kunnen besparen als mensen sneller gekeurd worden en betere hulp krijgen. Daar kan natuurlijk niemand tegen zijn, zeker gezien het zorgwekkende feit dat steeds meer jonge mensen met psychische klachten geheel of gedeeltelijk afgekeurd worden. Maar zo’n besparing is dan een prettige uitkomst van een geslaagde hervorming in plaats van een doel op zich.
Nu de polder aan tafel komt, is het zaak dat het kabinet de vakbonden en werkgevers ook enige tijd gunt om tot goede afspraken te komen. In dat opzicht helpt het niet dat er deze week alweer een tabel met mogelijke alternatieve bezuinigingen op verschillende ministeries opdook, met Onderwijs als grootste slachtoffer, als het niet al dit voorjaar lukt om voldoende besparingen op te halen met een sociaal akkoord. Een sluitende begroting is belangrijk, maar werkbare afspraken met de polder mogen indien nodig ook iets meer tijd kosten. Dat kan ook omdat de bezuinigingen vooral in latere jaren stonden ingeboekt. Als er door die flexibiliteit een langjarig sociaal akkoord komt, heeft het kabinet volgend jaar de belofte van constructief samenwerken ook daadwerkelijk ingelost.
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie