Ja, natuurlijk kunnen mannen en vrouwen vrienden zijn. Maar door online echokamers dreigen ze ook van elkaar vervreemd te raken. Kunnen gemengde vriendengroepen een tegengif zijn tegen polarisatie tussen de seksen?
is chef van het Volkskrant Magazine. Hij schrijft het liefst een mengeling van beschouwing en reportage.
Aan de rand van skatepark Westblaak in Rotterdam brengt Siyandra Martis (20) met precisie haar lipliner aan terwijl ze bevlogen zit te kletsen. Wijdbeens naast haar zit Gianni Pereira Monteiro (20), hij luistert aandachtig terwijl Siyandra met haar Gucci-tas pronkt. Naast hen op het bankje zitten nog drie vrienden. Ze delen een blikje energydrink op deze donderdagmiddag.
De groep kent elkaar van raves en ze chillen geregeld in het skatepark. Voor hen is het de normaalste zaak van de wereld dat jongens en meiden met elkaar bevriend zijn. Hun omgeving denkt daar soms anders over. Gianni: ‘Mijn vader en ooms vragen vaak of ik een relatie heb met Siyandra. Voor hen is het een raar concept dat ik vrouwelijke vrienden heb.’
Ook leeftijdsgenoten kunnen soms nauwelijks geloven dat er niets romantisch speelt. ‘Maar hoezo zou ik geen vriendschappelijke connectie kunnen hebben met een vrouw? Het werkt trouwens hetzelfde andersom. Ik wil ook dat mijn zusje mannelijke vrienden heeft’, legt Gianni uit.
Vanaf de andere kant van het bankje valt vriendin Chelsea Fondse (20) hem bij. ‘Mensen zeggen inderdaad vaak dat vriendschap tussen man en vrouw niet bestaat. Ik vind dat zo dom. Als je oprecht niet kunt inzien dat mannen en vrouwen vrienden kunnen zijn, dan is er iets mis met jouw gedachten.’
De vraag of (heteroseksuele) mannen en vrouwen gewoon platonisch bevriend kunnen zijn – nee is het antwoord, volgens When Harry Met Sally (1989) en vele romcoms daarna – is eeuwenoud, en inderdaad: niet zo interessant. Ja, natuurlijk kan dat, al is het niet de norm. En zelfs als die vriendschap zich in sommige gevallen ontwikkelt tot een romantische relatie of een flirt, of er zit een seksuele spanning onder, tja, wat maakt dat eigenlijk uit?
Een ontluikende vriendschap met iemand van hetzelfde geslacht kan óók een soort verliefdheid zijn, een bevlieging, met een begin als een wervelstorm, en na verloop van tijd stagnatie, of verwatering. En over die dynamiek klaagt nooit iemand. Terwijl de grote kritiek, zoals verwoord door Harry tegen Sally, toch altijd is dat zo’n vriendschap tussen man en vrouw op de lange termijn geen standhoudt, want: ‘The sex part always gets in the way.’
Kortom, als we vrienden zien als relaties in ons leven die soms heel intens kunnen zijn en soms minder, die dus een vluchtige of cyclische aard hebben – vrienden komen en gaan, en keren ook soms weer terug – dan maakt het wel of niet behalen van een langetermijnjubileum niet meer uit. Een veel interessantere vraag is daarom: wat levert het eigenlijk op, die vriendschap tussen mannen en vrouwen, tussen jongens en meisjes? Zijn er zaken die ze op jonge leeftijd van elkaar leren en aannemen, simpelweg door met elkaar te hangen en tijd door te brengen?
Het is een vraag die recentelijk in de wetenschap meer onder de loep is komen te liggen, omdat zich in veel landen een zorgwekkende trend aftekent: mannen en vrouwen dreigen van elkaar vervreemd te raken. Terwijl jonge vrouwen steeds progressiever worden, worden jonge mannen juist conservatiever, bijvoorbeeld in Zuid-Korea, de Verenigde Staten en Duitsland. Deze tendens, een ideologische genderkloof, werd in 2024 gesignaleerd in een veelbesproken (en bekritiseerd) artikel in The Financial Times. In combinatie met de groeiende aantallen alleenstaanden en het dalende geboortecijfer, zou dit voor de sociale cohesie bedreigend kunnen zijn.
In Nederland ligt die genderkloof overigens genuanceerd: al twintig jaar zijn mannen gemiddeld genomen iets conservatiever dan vrouwen. Het verschil in opvattingen groeit nauwelijks, blijkt uit de European Values Study die sinds 1981 opvattingen over onder meer migratie, abortus en homoseksualiteit bijhoudt. Maar het Nationaal Kiezersonderzoek laat zien dat mannen en vrouwen in hun stemgedrag wel verder uiteenlopen. Waar vrouwen in de jaren zeventig gemiddeld genomen nog vaker dan mannen conservatief stemden, stemmen alle vrouwen samen nu vaker progressief dan mannen. En die omslag is sneller gegaan onder jonge vrouwen.
Een aanname die nog onder het idee van een kloof schuilgaat: meningsverschillen hoeven niet per definitie een obstakel voor vriendschap of romantiek of normale omgang te zijn, al is statistisch gezien de kans wel groter op vriendschap, liefde en respectvolle omgang als er ideologische verwantschap is. Maar toch, het lijkt te cynisch en kortzichtig om te doen alsof een Pro-stemmer en een PVV’er niet een kussen kunnen delen, of op z’n minst samen bier kunnen drinken.
Een van de oorzaken voor een genderkloof waar veelvuldig naar wordt verwezen, ook door wetenschappers, zijn de online echokamers waar vrouwen en mannen zich in bevinden: wat zij op sociale media en elders op internet tegenkomen, kent weinig overlap en is soms ronduit onvriendelijk of haatdragend naar de andere sekse. Zie alle aandacht de laatste jaren voor de manosphere, een online subcultuur waarin mannen hypercompetitief, vijandelijk en traditioneel naar vrouwen kijken en ze als object, of erger, behandelen.
En hoe zit het in de offline kamers? Zijn die ook op gender gesegregeerde echoputten? Misschien toch meer dan je zou denken. Jonge kinderen hebben gemiddeld genomen al een sterke voorkeur om te spelen met kinderen van hetzelfde geslacht, blijkt uit een veelgeciteerd onderzoek uit 2001 waarbij Amerikaanse ontwikkelingspsychologen spelende kinderen van 2 tot 5 observeerden.
Deze voorkeur zet door op de middelbare school: de helft tot tweederde van de Nederlandse adolescenten zegt in enquêtes uitsluitend vrienden van hetzelfde geslacht te hebben. En van de jongvolwassenen (26 tot 34 jaar oud) zegt de helft geen goede vriend van het andere geslacht te hebben. Gemiddeld is 80 procent van de beste vrienden van dezelfde sekse.
Nu hoef je natuurlijk niet meteen beste vrienden te zijn om wel met elkaar te hangen en op een leuke manier contact te hebben. Dit soort contact kun je bovendien van hogerhand sturen. Uit onderzoek naar zogeheten netwerkinterventies blijkt bijvoorbeeld dat wanneer studenten tijdens een introductieweek in gemengde groepjes worden geplaatst, zij twee maanden later vaak nog met elkaar bevriend zijn, waardoor meer gemixte vriendschappen ontstaan.
Deze gemengde vriendengroepen kunnen een tegengif zijn tegen polarisatie tussen de seksen, meent Alice Evans, een econoom verbonden aan King’s College en Stanford die momenteel een boek afrondt met de titel The Great Gender Divergence. Zij beschrijft op haar blog hoe ‘mixed-gender offline socializing’ empathie tussen de seksen kan kweken. Zo interviewde zij de Catalaanse twintiger Santiago die uitlegt hoe hij en zijn vrienden hun machismo inperken, omdat zij merken dat hun vrouwelijke vrienden dat fijner vinden. Als voorbeeld noemt hij de gedachte dat een vrouw een slet zou zijn als ze veel relaties aanknoopt – dat heeft hij inmiddels afgeleerd.
Of er inderdaad voordelen zijn aan zulke gemengde vriendengroepen is redelijk goed in kaart gebracht door wetenschappers. De beroemde intergroup contact theory – ook wel bekend als de contacthypothese, gemunt door de psycholoog Gordon Allport in zijn boek The Nature of Prejudice uit 1954 – behelst dat vooroordelen tussen groepen, of dat nou gaat om sekse, kleur, geaardheid of welke scheidslijn dan ook, verminderen naarmate zij meer met elkaar in aanraking komen – als aan bepaalde voorwaarden wordt voldaan.
Wanneer groepen het idee krijgen elkaars concurrent of vijand te zijn, dan zal meer contact juist meer wrijving veroorzaken. Maar zodra kinderen van verschillende seksen in een groep worden gezet om samen te werken aan een project, leidt dat tot meer tolerantie en acceptatie onderling, bleek uit een meta-analyse van 515 studies hiernaar.
Vele studies wijzen erop dat vooral jongens en mannen baat hebben bij het aanknopen van een vriendschap met meisjes en vrouwen. Zij worden hier minder seksistisch van en krijgen meer egalitaire opvattingen. Ze zullen bijvoorbeeld minder snel denken dat vrouwen vooral voor kinderen moeten zorgen en niet hun eigen carrière mogen maken.
Voor meisjes heeft dit contact weinig (meetbaar) effect. Zij gaan wel vaak positiever denken over jongens. Verder zijn er onderzoeken te vinden waaruit blijkt dat mannen makkelijker hun gevoelens uiten in een vriendschap met een vrouw en minder competitief zijn in de vriendschap, vergeleken met mannen onder elkaar.
Uit recent onderzoek blijkt ook nog dat socializen met het andere geslacht niet alleen leidt tot andere opvattingen, maar ook ander gedrag. Zo volgden Chinese onderzoekers langere tijd 1.376 scholieren (712 jongens, 664 meisjes) in het primair en voortgezet onderwijs. Als de kinderen bovengemiddeld goed contact hadden met het andere geslacht, waren ze minder geneigd om stereotiep gedrag te onderschrijven, zoals dat jongens niet emotioneel mogen zijn en stoer moeten zijn.
Bij dit alles is wel een belangrijke kanttekening te plaatsen. Want, zoals het vaker gaat in de sociale wetenschappen, komen er correlaties om de hoek kijken: het gaat bij de meeste studies niet om oorzakelijke verbanden, maar veeleer om samenhang. Het is dus niet altijd duidelijk of vriendschap met meisjes jongens minder seksistisch maakt, of dat ze eerder een vriendschap met een vrouw aanknopen omdat zij sowieso al minder seksistisch zijn.
Deze dynamieken zijn ook terug te zien op maatschappelijke schaal. Uit een onderzoek uit 2025 naar Facebook-vrienden bleek dat in landen waar minder genderongelijkheid is, er méér vriendschappen tussen mannen en vrouwen ontstaan. Vooral de factor arbeidsparticipatie, hoeveel vrouwen werkzaam zijn in een land, bleek een goede voorspeller van het aantal cross-gendervriendschappen. Wat niet gek is, de werkvloer is een prima plek om vrienden te maken met het andere geslacht, en werk is een teken van emancipatie.
Het zijn niet alleen egalitaire opvattingen die de kans op vriendschap tussen vrouwen en mannen beïnvloeden, maar ook: omstandigheden in verschillende levensfases. Uit een Nederlands onderzoek uit 2002 blijkt dat mannen bij het behalen van elke traditionele mijlpaal steeds minder vrouwelijke vrienden hebben: als ze gaan daten, als ze gaan samenwonen, als ze gaan trouwen. Op het moment dat ze kinderen krijgen, hebben ze al 11 procent minder vrouwelijke vrienden dan single mannen.
‘Where Have All My Guy Friends Gone?’, vroeg journalist Sarah Wheeler zich in 2024 af in een essay over deze dynamiek in New York Magazine. Het antwoord, grofweg: ze vonden het zelf niet meer de moeite waard om, als ze eenmaal een partner hadden, hun vrouwelijke vriendschappen te onderhouden. Of: ze waren getrouwd met vrouwen die het niet zo fijn vinden als hun man, in de resterende vrije tijd die hij nog heeft, hangt met vrouwen. Daar is, voor het langdurig laten floreren van cross-gendervriendschappen, dus nog een wereld te winnen: met z’n allen iets minder bang zijn dat je wederhelft ervandoor gaat met een vriend van het andere geslacht.
Voor Siyandra en Gianni in skatepark Westblaak voelen al die omstandigheden gelukkig nog idioot ver in de toekomst. Gianni heeft geen vriendin die moeilijke vragen stelt en vindt zijn vriendschap met Siyandra volstrekt vanzelfsprekend. Hij doet ook niet anders tegen haar dan tegen zijn mannelijke vrienden. ‘Ik behandel haar alsof ze een van de guys is. Als ik anders zou gaan doen, kun je ook vraagtekens zetten bij mijn intenties achter de vriendschap.’
Dilara Güngör (v) (17)
Chelsea Fondse (v) (20)
Siyandra Martis (v) (20)
Mex Cortes (m) (21)
Gianni Pereira Monteiro (m) (20)
Zijn gemengde vriendengroepen zeldzaam?
Gianni: ‘Het valt mij op dat er veel groepen zijn met alleen mannen of vrouwen. Ik vind dat niet leuk en zelfs een beetje problematisch. De gesprekken zijn heel anders. Mannen onderling praten respectloos over vrouwen. Je hebt van die incels (involuntary celibate, red.) die alleen óver vrouwen praten en niet met.’
Aan de mannen: begrijpen jullie ‘de vrouw’ beter door deze vriendschap?
Gianni: 'Het beïnvloedt je wel positief. Een beetje diversiteit verbreedt je wereld en geeft meer inzicht in de worstelingen van vrouwen. Door mijn vriendinnen weet ik bijvoorbeeld veel beter waar vrouwen mee te maken krijgen: nageroepen of achtervolgd worden, rare opmerkingen krijgen van dronken mannen. Dat hoor ik helaas vaak.
‘Als ik erbij ben, doen die mannen dat niet. Ze doen het alleen als vrouwen alleen zijn. Ik zie door mijn vriendinnen in dat het gevaarlijk is om vrouw te zijn. Mannen hebben ook hun struggles, maar het valt niet te vergelijken.’
Aan de vrouwen: begrijpen jullie ‘de man’ beter door deze vriendschap?
Siyandra: ‘Als ik een man niet snap, ga ik naar mijn mannelijke vrienden en vraag ik waarom hij zo denkt. Ik was bijvoorbeeld een keer met een man op date en hij had me daarna niet teruggeappt. Mijn mannelijke vrienden gingen toen meedenken over wat de redenen zouden kunnen zijn. Uiteindelijk had ik daar wat aan.’
Spreken jullie elkaar weleens aan op seksistische opmerkingen?
Dilara: ‘Nee, want onze vrienden doen dit niet. Als ze het wel zouden zeggen, dan zouden we geen vrienden zijn. Je kunt niet bevriend zijn met een vrouw en tegelijkertijd vrouwen haten.’
Siyandra: ‘Soms hoor ik mijn mannelijke vrienden wel praten over hoe ze een vrouw slecht hebben gedaan door met haar gevoelens te spelen. Ik ben dan de eerste die er iets van zegt, ik ben een ‘girls-girl’. Wees een fatsoenlijk persoon of ga geen relatie aan.’
Is er een toenemende vijandigheid tussen mannen en vrouwen?
Chelsea: ‘Vooral op het internet, daar is de strijd groot. In het echt vind ik het wel meevallen. Het is niet erger geworden, want het was altijd al erg. Mannen haten vrouwen al zo lang.’
Valerie Lobry (v) (21)
Loïc Borger (m) (21)
Seger Buis (m) (21)
Roos van Daalen (v) (21)
Fleur Eggink (v) (21)
Senne Duifhuis (m) (21)
Zijn gemengde vriendengroepen zeldzaam?
Seger: ‘Op onze leeftijd wordt er tussen mannen en vrouwen toch vooral gedacht aan elkaar regelen. Mannen en vrouwen benaderen elkaar zelden puur vriendschappelijk. Het is of: ik vind je niet aantrekkelijk, dus je boeit me niet. Of: ik vind je aantrekkelijk, dus ik heb een seksuele intentie.’
Roos: ‘Ik denk dat naarmate je ouder wordt, dit soort vriendschappen wel gebruikelijker worden. Als ik terugdenk aan de middelbare school, was het al veel minder dan nu.’
Loïc: ‘Ik denk dat een gemengde groep ook past bij deze tijd. De traditionele gendernormen vervagen.’
Is er een toenemende vijandigheid tussen mannen en vrouwen?
Fleur: ‘Vijandigheid is een groot woord, maar er is bij vrouwen wel irritatie naar mannen. Met de vrouwen in onze groep praten we weleens negatief over onze dates en kunnen we, ook waar de mannen bij zijn, flink bitchen.’
Loïc: ‘Ik voel me dan niet aangesproken. Wij bitchen net zo hard met jullie mee, maar bieden vaak ook een ander perspectief, omdat we die mannen soms beter begrijpen.’
Verandert de aanwezigheid van het andere geslacht in de groep hoe jullie je gedragen?
Loïc: ‘Op vakantie merkten we dat mannen en vrouwen soms anders lol trappen. Sommige mannen vonden het namelijk grappig om op het balkon te plassen, terwijl de vrouwen dat belachelijk vonden. We kunnen daar flink over discussiëren, maar nemen die verschillen uiteindelijk voor lief.’
Fleur: ‘We leren ook van de mannen. Als ik tegen hen zeg dat ik me druk maak over hoe ik eruitzie of dat ik moet letten op mijn eten, dan zeggen ze: ‘eet gewoon wat je wil, boeie.’’
Valerie: ‘Het is inderdaad verfrissend om die nuchterheid van mannen te horen. Ik kan me druk maken om alles, terwijl mijn mannelijke vrienden dan heel makkelijk zeggen: ‘Het komt wel goed.’ Ze zijn vaak zo zorgeloos.’
Wat vinden partners van jullie vriendschap?
Roos: ‘Mijn vriend vindt dat wel lastig. Als we met de groep op vakantie gaan, vindt hij het ingewikkeld dat ik ook met mannen ga. Hij wil dan bijvoorbeeld echt niet dat ik bij hen op de kamer slaap.’
Zijn er ook weleens relaties geweest binnen jullie vriendengroep?
Loïc: ‘Twee mensen uit onze groep hebben wel een tijdje gedatet. Dat was best een grappige dynamiek, maar het was ook ingewikkeld, omdat het uiteindelijk niet goed heeft uitgepakt.’
Fleur: ‘Als het wel een relatie was geworden, was het alleen maar mooi geweest dat we elkaar via de vriendengroep hadden gevonden. In het begin was het gek om elkaar weer vriendschappelijk te zien, maar inmiddels zijn we een jaar later chill met elkaar en delen we ook weer verhalen over ons liefdesleven. Het heeft tijd nodig.’
Finn Epema (m) (21)
Fanny Luijf (v) (20)
Dinand Kop (m) (17)
Ayesha Ramphal (v) (18)
Komen uit Hoorn, Loenen aan de Vecht en Zaanstad
Zijn gemengde vriendengroepen zeldzaam?
Fanny: ‘Ik heb zelf alleen maar gemengde vriendengroepen.’
Finn: ‘Mijn vriendengroepen bestaan eigenlijk bijna alleen uit vrouwen. De mannelijke vrienden die ik heb, ken ik door Fanny.’
Ayesha: ‘Volgens mij is het wel zeldzaam. Ik heb vooral vrouwelijke vriendengroepen en misschien een paar losse mannenvrienden. Ik zie vooral veel gescheiden groepen, dat komt, denk ik, omdat mannen en vrouwen toch andere interesses hebben.’
Wordt de vriendschap in twijfel getrokken door jullie omgeving die verwacht dat er iets tussen jullie speelt?
Fanny: ‘Mensen vragen vaak of Finn mijn partner is. Als ik zeg dat hij gewoon een vriend is, zeggen ze: ‘hij wil sowieso meer.’ Zelfs als ik vertel dat hij gay is, denken ze soms nog steeds dat hij interesse in me heeft.’
Finn: ‘Ik kom uit een dorp en daar heerst nog een ouderwetse blik op gender. Er wordt bijvoorbeeld gedacht dat ik niet bevriend kan zijn met vrouwen, maar wel een relatie met een vrouw moet hebben.’
Dinand: ‘Ik loop nu stage in groep 4 van een basisschool. Als mijn leerlingen me zien terwijl ik op straat loop met een vriendin, denken ze meteen dat zij mijn partner is. Van jongs af aan wordt er al ingeprent dat mannen en vrouwen alleen een relatie met elkaar kunnen hebben.’
Is er een toenemende vijandigheid tussen mannen en vrouwen?
Finn: ‘Ik denk dat er een grotere kloof is gekomen tussen mannen en vrouwen door het internet en mannen zoals Andrew Tate. In mijn klas zitten mannen en vrouwen apart en dan zijn er mensen zoals ik die daar net buiten vallen.’
Verandert de aanwezigheid van het andere geslacht in de groep hoe jullie je gedragen?
Finn: ‘Ik ben gay. Als ik met mannen ben, doe ik wat minder uitbundig dan wanneer ik met mijn vriendinnen ben. Dat is uit veiligheid.’
Fanny: ‘Nee, want mijn mannelijke vrienden voelen allemaal meer als broers. Ik heb niet echt door of het een man of een vrouw is met wie ik ben.’
Wat leren jullie over het andere geslacht van elkaar?
Fanny: ‘Ik leer mijn mannelijke vrienden over dingen als ongesteldheid, afscheiding en de pil. Mijn vrienden wisten daar echt heel weinig over. Als ik uitleg dat ik emotioneel ben door mijn hormonen bijvoorbeeld, dan begrijpen ze het beter en gaan ze er ook respectvoller mee om.’
Dinand: 'Ik heb niet het idee dat ik veel leer over dat soort dingen, omdat ik er zelf ook niet naar vraag. Maar ik leer van vrouwen wel veel over popcultuur en muziek.’
Dit is een artikel uit Volkskrant Magazine. Wilt u alle verhalen, columns en rubrieken uit het nieuwste nummer lezen? Dat kan hier.
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant