Het is vandaag veertig jaar geleden dat de Oosterscheldekering werd geopend. Die kan op z'n minst nog decennia mee. Maar door de zeespiegelstijging gaan de Deltawerken niet zo lang mee als gehoopt, zeggen experts tegen NU.nl.
Toen de Oosterscheldekering veertig jaar geleden feestelijk werd geopend, was het de bedoeling dat het Zeeuwse achterland tweehonderd jaar beschermd zou zijn door het futuristische bouwwerk. De ontwerpers hadden daarbij rekening gehouden met 40 centimeter zeespiegelstijging. Maar de kans dat de Oosterscheldekering er in 2186 nog steeds ligt is niet zo groot meer.
Hoeveel de zeespiegel stijgt is niet precies duidelijk. Dat hangt van verschillende factoren af, waaronder de verdere opwarming van de aarde. Maar duidelijk is wel dat het niet bij 40 centimeter in 2186 zal blijven.
In 2100 zal de zeespiegel in Nederland met een halve of hele meter zijn gestegen en tegen het einde van de 22e eeuw is dat tussen de 1 en 3 meter. Er zijn zelfs extreme scenario's die rekening houden met een stijging van 5 meter of meer aan het einde van de 22e eeuw.
De Oosterscheldekering zal vaker moeten sluiten door de zeespiegelstijging. De schuiven gaan nu naar beneden bij een (verwachte) waterstand van 3 meter boven NAP. Dat betekent nu dat de kering gemiddeld eens per jaar sluit. Maar het is niet uit te sluiten dat de stormvloedkering tien keer per jaar moet sluiten als de zeespiegel hoger ligt.
Door die extra sluitingen is meer onderhoud nodig en dat kost natuurlijk extra geld. "Is dat wat we willen? Of is het dan tijd voor een andere oplossing?", vraagt Bram van Prooijen zich af. Hij is universitair hoofddocent estuaria van de Technische Universiteit Delft.
Als alternatief noemt hij het later sluiten van de Oosterscheldekering, bijvoorbeeld pas bij 3,5 meter boven NAP. "Maar dat betekent ook iets voor het achterland. Daar moet je de dijken dan verhogen." Over dat soort vraagstukken denken experts nu al na.
Daarbij wordt niet alleen naar de Oosterscheldekering gekeken, maar naar alle Deltawerken. Want de Oosterscheldekering is niet het eerste Deltawerk dat aan vervanging toe is. Gek genoeg is dat een van de nieuwere keringen: de Maeslantkering, die in 1997 klaar was en Rotterdam beschermt bij hoogwater. Die is rond 2070 aan vervanging toe.
Dat is pas over meer dan veertig jaar en de andere Deltawerken zijn pas later aan de beurt. Dat klinkt heel ver weg. "Maar bedenk dat het zo'n veertig jaar heeft geduurd om alle Deltawerken te bouwen. Je moet in 2050 ontwerpen en in 2060 beginnen met bouwen om in 2100 klaar te zijn", zegt Martijn de Jong. Hij is expert stormvloedkeringen bij Deltares en onderzoekt al bijna dertig jaar de zes grote stormvloedkeringen van Nederland.
Ook deltacommissaris Co Verdaas hamert op het niet al te lang wachten met het nemen van beslissingen. Dat hoeft niet vandaag of volgend jaar. "Maar we moeten over een jaar of zes wel de keuzes gaan maken voor welke richting we opgaan."
Daarbij gaat het over grote, impactvolle keuzes: blijft de Nieuwe Waterweg na 2070 open, waardoor het zoute zeewater steeds verder het land inkomt? Of sluiten we die af met een sluis? Komen er eilanden voor de Zeeuwse kust, die als een soort golfbrekers dienen? Komt er een nieuwe Oosterscheldekering? En hoeveel ruimte geven we het water precies?
"We hoeven over zes jaar niet al een technisch ontwerp te hebben, maar we gaan de komende jaren miljarden investeren in het energienet en nieuwe woningen. Het is dan wel belangrijk dat je richting geeft aan de ruimtelijke strategie voor de lange termijn hoe je droge voeten houdt bij 2 meter zeespiegelstijging", legt Verdaas uit.
Op z'n vroegst zou dan in de tweede helft van deze eeuw worden begonnen met de uitvoering van de plannen, legt Verdaas uit. "Het belangrijkste is dat we de voorbereiding zo snel mogelijk starten, kennis vergaren en onderzoek doen. Dan houden we de ruimte qua tijd."
Het is verleidelijk om Verdaas te vragen naar een schets van Zuidwest-Nederland over bijvoorbeeld honderd jaar. Hij heeft er wel ideeën over, maar die wil hij niet uiten. "De verleiding is heel groot, maar we gaan nu een fase in dat we dat met elkaar gaan bespreken en opbouwen. Het helpt de zaken niet als ik dat nu even snel zou schetsen. De kracht van het deltaprogramma is juist dat we met de regio's de mogelijkheden verkennen en samen richting geven."
Van Prooijen voegt daar nog een ander aspect aan toe. "Dat is hetzelfde als dat je in 1926 iemand zou vragen Nederland in 2026 te schetsen. We moeten nu ook beseffen dat er de komende decennia heel veel kan veranderen. Daarom moet je met aanpassingen komen waardoor je flexibel bent", zegt de universitair hoofddocent.
"Iedereen zal het erover eens zijn dat je de huidige Oosterscheldekering niet nog 160 jaar zo houdt. Maar bij tweehonderd jaar vooruitkijken alleen naar die kering kijken heeft niet zoveel zin. Je moet het in het hele plaatje zien."
Source: Nu.nl algemeen