Home

Holocaustoverlevende Butter (95) die Anne Frank in Bergen-Belsen zag overleden

De Duits-Amerikaanse Holocaustoverlevende Irene Butter is vrijdag op 95-jarige leeftijd overleden. Ze werd in de Tweede Wereldoorlog vanuit Amsterdam gedeporteerd door de nazi's. Butter leefde in dezelfde Amsterdamse buurt als Anne Frank en zag haar nog in concentratiekamp Bergen-Belsen.

Butter vertelde vanaf de jaren tachtig over haar ervaringen tijdens de Jodenvervolging, die ze in Amsterdam meemaakte, en over haar gevangenschap in concentratiekampen. Omdat het haar familie was gelukt om buitenlandse paspoorten te krijgen, kon Butter Bergen-Belsen verlaten tijdens een gevangenenruil tussen de nazi's en de geallieerden.

De Joodse Butter werd in 1930 geboren in Berlijn, onder haar meisjesnaam Reni Rasenberg. Ze vertrok in 1937 met haar gezin naar Amsterdam. Net als veel andere Joodse gezinnen probeerden ze het antisemitisme in Duitsland onder de NSDAP van Adolf Hitler te ontvluchten.

Ze kwam in de Amsterdamse Rivierenbuurt te wonen. De familie van Anne Frank was daar vier jaar eerder al vanuit Duitsland naartoe verhuisd. Frank en Butter kenden elkaar, vertelde Butter vier jaar geleden tegen Nieuwsuur. "Ze was heel populair en ondeugend."

In 1943 werd de familie Rasenberg gedeporteerd. Het was de familie niet gelukt om een onderduikadres te vinden. De vader van Butter probeerde wel aan een Ecuadoraans paspoort te komen dat de Zweedse ambassade beschikbaar stelde voor Joden.

De familie ontving voor de deportatie geen antwoord. Maar toen de familieleden vier maanden in doorgangskamp Westerbork zaten, ontvingen ze een pakketje met daarin de vier paspoorten.

Die paspoorten konden niet voorkomen dat de familie Rasenberg naar concentratiekamp Bergen-Belsen werd gebracht. Vanwege het buitenlandse paspoort kwam de familie wel in een deel van het kamp met een minder slechte behandeling terecht. De nazi's hoopten Joden met een buitenlands paspoort te kunnen ruilen tegen krijgsgevangenen.

In Bergen-Belsen zag Butter Anne Frank nog eenmaal, samen met een vriendin in het kamp die in Amsterdam goed bevriend was met Frank. Ze ontmoetten elkaar bij een hek dat verschillende delen van het kamp van elkaar scheidde; Frank zat in een ander deel.

Anne Frank zag er bij de nachtelijke ontmoeting in januari 1945 mager en bleek uit en droeg alleen een deken, zo vertelde Butter onder meer in NRC. Ze vroeg om kleding. Butter en haar vriendin zochten wat kleding en gooiden die een dag later op dezelfde plek over het hek. Iemand anders bleek dat pakketje te hebben meegenomen. Een pakket kleding dat de vriendin later over het hek gooide, kwam wel bij Anne Frank terecht.

Later dat jaar mocht de familie Rasenberg per trein vanuit Bergen-Belsen vertrekken richting Zwitserland, in ruil voor Duitsers die vastzaten. Maar de dag voor vertrek werd de vader van Butter, al verzwakt door de slechte omstandigheden in het kamp en de dwangarbeid, in elkaar geslagen. Hij overleed tijdens de treinreis.

De moeder en broer van Butter moesten aansterken in een Zwitsers ziekenhuis, terwijl Butter door moest reizen. Haar tocht verliep via Marseille en een vluchtelingenkamp in Algerije naar Zuid-Amerika. Pas anderhalf jaar later werd ze in New York herenigd met haar moeder en broer.

Butter vertelde over haar ervaringen in haar jeugd, omdat ze wilde waarschuwen tegen onderdrukking van en haat tegen minderheden en tegen autocraten. Voor haar inzet ontving ze in 2024 het Bundesverdienstkreuz. De Nederlandse ambassade in de VS prees haar in 2025 met de Anne Frank-prijs voor Menselijke Waardigheid en Verdraagzaamheid.

Na de oorlog studeerde Butter economie. Ze werkte als hoogleraar op de Universiteit van Michigan.

Source: Nu.nl algemeen

Previous

Next