Home

Oranje is niet echt goed tegen Servië, maar wel leuk om te zien (2-1)

De belangrijkste conclusie van vier duels onder de nieuwe bondscoach Xavi is dat voetbal weer vermaak is. Nederland won opnieuw van Servië in de Nations League (2-1), en het volk in Eindhoven had een leuke avond.

is voetbalverslaggever van de Volkskrant.

Het winnende doelpunt van Oranje, zondag tegen Servië, was een treffer uit duizenden, een doelpunt om te koesteren. Zo soepel als de bal van links naar rechts ging, met ook een rol voor de net ingevallen Gjivai Zechiël. En dan de voorzet van Denzel Dumfries met de rechtervoet die zoveel zachter is geworden door de jaren heen, het slimme terugleggen van Tijjani Reijnders en het intikken van Joshua Zirkzee. Keurig.

Gewoon, een doelpunt dat enthousiasme oproept, inzicht, zin om aan te vallen, snel van links naar rechts. Het fijne van Oranje onder bondscoach Xavi is dat het spel meestal leuk is om naar te kijken, op die eerste helft tegen Griekenland na dan.

Bijzonder ook: de tweede helft is gemiddeld beter dan de eerste. Maar doorgaans gebeurt er tenminste iets, al is Oranje ook een soort circus waarin de nummers nog niet helemaal zijn uitgewerkt. Het is goed dat er een vangnet hangt in de trapeze. In de komische slotfase hield Nederland op spectaculaire wijze stand, met het nodige geluk en leidend tot euforie van het publiek na het eindsignaal.

Lekker pingelen

Xavi beseft dat voetbal entertainment hoort te zijn. Spelers doen hun uiterste best om bij de nieuwe meester in het gevlij te komen, ze trekken ten aanval. Ze zijn natuurlijk niet ineens veel beter dan ze waren onder Ronald Koeman, maar ze zijn wel iets anders afgesteld. Het eeuwige spel breed en terug is wel verdwenen en dat is al heel wat.

Noa Lang en Crysencio Summerville durven lekker te pingelen. Joey Veerman geeft passes die je zelden ziet, zoals die ene keer toen hij Tijjani Reijnders alleen voor de doelman zette, zondag in Eindhoven. Veerman is synoniem voor gewoon voetballen, zonder scrupules naar voren, met passes tussen wouden van benen door, rekenkundig bemeten.

Ja, het mislukt af en toe, maar het is altijd gericht op de aanval. Het is onderhoudend, gemiddeld gesproken dan. Veerman is in zekere zin de winnaar van de vier interlands onder Xavi, opgeklommen als hij is van een speler voor wie geen plaats meer was in de selectie, tot spelmaker.

Alleen; de defensieve kwetsbaarheid van het elftal is schokkend, zo bleek ook al geregeld in de voorgaande duels. Ja, dat komt mede door al het aanvallen. Xavi had, niet alleen door het aantal blessures onder de verdedigers, Teun Koopmeiners als centrale verdediger opgesteld en dat was geen onverdeeld genoegen. Oranje gaf zoveel en zo makkelijk ruimte weg dat het een beetje gênant was, en als Koopmeiners in een één tegen één situatie terechtkomt, is dat geen gunstig voorteken.

Kwetsbaar

Met een simpele pass lag soms alles open bij Nederland. In de persoonlijke duels en qua snelheid en mobiliteit was Koopmeiners kwetsbaar, met als dieptepunt die ene keer toen een Serviër hem als een pupil uitkapte in het strafschopgebied.

Zijn kompaan Virgil van Dijk, die als elfde speler zijn entree maakte in de elite van spelers met minimaal honderd interlands, had het overigens eveneens moeilijk in de grote ruimte. In geen enkele interland is Oranje dit kalenderjaar zonder tegengoal gebleven. Ook zondag viel weer zo’n doelpunt waarbij doelman Bart Verbruggen gewoon aan de grond genageld stond en niets kon doen.

Het bijzondere was dus Koopmeiners centraal achterin, naast Van Dijk die voor de gelegenheid de rechter centrale verdediger was. Al wisselde Koopmeiners geregeld van positie met linksachter Micky van de Ven. Eigenlijk speelde Oranje meestal met drie verdedigers.

Koopmeiners scoorde wel, uit een strakke, laag genomen vrije trap van de rechterflank, waarbij Van Dijk verwarring stichtte en de bal uiteindelijk niet raakte. Even later was het weer 1-1, door zo’n doelpunt waarbij Oranje gewoon niet ingreep en het te veel liet gebeuren.

Chaos creëren

Het begon zoals zo vaak bij de Serviërs met een lange bal, om snel terrein te winnen. Beetje chaos creëren, de tweede bal veroveren, doorvoetballen, met de slimheid van Dusan Tadic, de voorzet van Stahinha Pavlovic en de kopbal van Mihajlo Cvetkovic. Tja, de bal zeilde net over Van Dijk heen en wat Koopmeiners precies deed, was onduidelijk, maar net als bij de gelijkmaker van Marokko op het WK verdedigde hij eigenlijk helemaal niet.

Soms dreigde in het begin van de tweede helft zelfs de 1-2, maar zover liet Oranje het niet komen, met tal van invallers op een gegeven moment. Joshua Zirkzee deed het goed, net als Zechiël, en Jorrel Hato. Net als in Belgrado won Oranje met 2-1. Gevoegd bij de gelijke spelen tegen Duitsland en Griekenland, staat Nederland nu met Griekenland op de gedeelde eerste plaats. Volgende maand blijkt welke twee landen de kwartfinales halen, met voor Nederland nog duels tegen Griekenland (thuis) en Duitsland (uit).

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next