Home

Opinie: Bijna gratis kinderopvang? Het gaat niet om geld, maar om gelijkheid

Volgens het kabinet maakt zijn nieuwe wetsvoorstel de kinderopvang ‘bijna gratis’. Omdat groepen zoals werklozen en studerenden worden uitgesloten, en lagere inkomens meer gaan betalen, zal het de bestaande ongelijkheid niet wegnemen.

Eind september stuurde minister Thierry van Aartsen (Werk en Inkomen) een wetsvoorstel voor een nieuw financieringsstelsel voor kinderopvang naar de Raad van State. Het voorstel, dat in 2029 wordt ingevoerd en ouders voor 95,6 procent van de uurtarieven compenseert, zal niet tot meer arbeidsparticipatie leiden.

Niet omdat het een slecht idee is om opvang bijna gratis te maken (integendeel, hoe
goedkoper hoe beter), maar omdat het nieuwe stelsel de huidige, ingebouwde ongelijkheid in het Nederlandse kinderopvangsysteem nauwelijks vermindert en niet beëindigt. Zolang een herziening van het Nederlandse stelsel factoren als toegankelijkheid en kwaliteit van de opvang niet meeneemt, zullen ouders niet massaal van ‘bijna gratis’ opvang gebruik gaan maken om extra te gaan werken.

Over de auteur

Eleonore Fenne is Denemarken-duider en politicoloog.

Dit is een ingezonden bijdrage, die niet noodzakelijkerwijs het standpunt van de Volkskrant reflecteert. Lees hier meer over ons beleid aangaande opiniestukken.

Eerdere bijdragen in deze discussie vindt u onder aan dit artikel.

In Denemarken, waar ik als politicoloog en moeder van twee kinderen woon en werk, is het kinderopvangsysteem heel anders ingericht dan in Nederland. Betaalbare, toegankelijke en goede opvang, geregeld vanuit de overheid, zorgt er in Denemarken onder andere voor dat kinderen een goede start van het sociale leven kennen en dat de ongelijkheid tussen man en vrouw op de arbeidsmarkt er een stuk minder groot is dan in Nederland.

Pluggen

Waarom vind ik het misleidend dat het Nederlandse kabinet dit voorstel stug als ‘bijna gratis kinderopvang’ blijft pluggen (en indirect de suggestie doet dat het aan de ouders zal liggen als ze er in de toekomst te weinig gebruik van gaan maken)? En hoe kan men naar Deens voorbeeld in oplossingen denken?

In Denemarken mogen alle kinderen naar de opvang, ongeacht de status van de ouders. Dit bevordert gelijkheid tussen kinderen die in de opvang al op vroege leeftijd met verschillende bevolkingslagen in contact komen. Nederlandse politici houden eraan vast dat alleen ouders die werken aanspraak kunnen maken op vergoeding (de arbeidseis). Is studeren niet van waarde? Moet werkloosheid extra gestraft worden? Blijkbaar wel, want de kansenongelijkheid in de samenleving wordt hiermee al vanaf de kinderjaren in stand gehouden. Dat is niet ‘bijna gratis’, dat is het probleem naar de scholen verschuiven.

Volgens diverse berekeningen gaan lagere inkomens meer betalen in het nieuwe stelsel. Schattingen variëren van 120 tot 1.200 euro extra kosten per jaar voor de laagste inkomens bij gemiddeld gebruik van de opvang ten opzichte van het huidige systeem. Dat kan niet iedereen opbrengen.

Fulltimeplek

In Denemarken betaalt iedereen hetzelfde, vaste bedrag aan de opvang. Je betaalt 370 tot 570 euro per maand voor een fulltimeplek (afhankelijk van de leeftijd van het kind en de gemeente). Dat is ongeveer 25 procent van de daadwerkelijke prijs. Je geld gaat naar de gemeente, die de rest van het bedrag voor zijn rekening neemt.

Dit bedrag is wel wat hoger dan in Nederland, maar Denemarken is dan ook het duurste land van de EU volgens Eurostat. Ouders die het maandelijkse bedrag kunnen opbrengen, doen dit met plezier, omdat hoogopgeleid personeel (drie volwassenen per groep, waarvan twee met een opleiding pedagogiek op hbo-niveau) niet alleen goed op je kind let, maar ook volgens een pedagogisch plan met de kinderen werkt. Ook krijg je 50 procent korting op de goedkoopste plek(ken) als je meerdere kinderen in de opvang hebt. Ouders met een laag inkomen krijgen een goedkopere of helemaal gratis plek. Dit alles omdat de prijs nooit de bepalende
factor mag zijn of een kind wel of niet naar de opvang kan.

In Nederland moeten de lage inkomens in het nieuwe systeem meer gaan betalen, hoewel een lager inkomen niet automatisch betekent dat je minder werkt. Dat is niet ‘bijna gratis’. Dat is een A- en B-team creëren.

Private equity

En anders dan in Denemarken blijft men in Nederland hopen dat marktwerking, al dan niet met of zonder winstoogmerk of verzorgd door private equity, ineens wél de personeelstekorten oplost, wél de toegankelijkheid verbetert, of wél kwalitatief vergelijkbare opvang door het hele land realiseert. Is dat ‘bijna gratis’? Of betekent het eenvoudigweg dat je al voorgesorteerd moet zijn als (kans-)rijk om op goede opvang aanspraak te kunnen maken en die vergoed te kunnen krijgen?

Maar hoe kan zo’n systeem de ongelijkheid wel wegnemen? Het moet nóg eenvoudiger. Geen arbeidseis, maar geef elk kind de kans mee te doen. Geen marktwerking en geen uurtarieven, maar een vaste prijs voor een kinderopvang, gedreven vanuit een overheidsorgaan. Maak de studie pedagogiek en het loon aantrekkelijk, zodat het loont om in de opvang te werken.

Dat hier een prijskaartje aan zit, is duidelijk, maar geen enkele ouder wil ‘bijna gratis’ als je kind daar de prijs voor betaalt.

Wilt u reageren? Stuur dan een opiniebijdrage (max 700 woorden) naar opinie@volkskrant.nl of een brief (maximaal 200 woorden) naar brieven@volkskrant.nl

Lees ook

Geselecteerd door de redactie

Source: Volkskrant

Previous

Next