Home

In Ierland ontvangen kunstenaars iedere week 325 euro. No questions asked

Basisinkomen voor kunstenaars Binnenkort horen tweeduizend kunstenaars in Ierland of ze drie jaar lang een basisinkomen krijgen, nadat een proef daarmee succesvol was gebleken. Het subsidieprogramma is uniek in de wereld. „Het bracht een bepaalde gemoedstoestand die ik nodig heb om creatief te kunnen zijn.”

Beeldend kunstenaar Gearóid O’Dea uit Dublin was een van de deelnemers aan de proef met een basisinkomen voor kunstenaars.

Als eerste land ter wereld stelde Ierland een basisinkomen beschikbaar voor kunstenaars, in eerste instantie als proef. De positieve gevolgen voor het welzijn en de productiviteit van de ontvangers van het inkomen, 325 euro per week, waren overduidelijk. Ze voelden zich minder depressief of neerslachtig. Ze besteedden gemiddeld elf uur per week méér aan kunst en waren dus ook productiever.

En de investering van de overheid betaalde zich terug. Volgens een kostenbatenanalyse leverde elke euro aan subsidie de Ierse regering 1,39 euro terug op. Dat waren ‘harde’ opbrengsten als hogere belastinginkomsten en besparingen op sociale uitkeringen, maar ook minder meetbare winst zoals de blootstelling aan kunst voor inwoners. Voor de kunstenaars steeg hun inkomen uit kunst met 500 euro per maand, terwijl hun inkomen uit werk buiten de kunstsector met 280 euro afnam.

Begin dit jaar eindigde het experiment, dat drieënhalf jaar liep. In het voorjaar maakte de Ierse regering bekend dat de subsidie permanent wordt. Binnenkort horen ongeveer tienduizend personen die zich hebben aangemeld of ze ingeloot zijn voor de nieuwe ronde subsidie. Er is budget voor tweeduizend kunstenaars, die drie jaar lang 325 euro per week krijgen. No questions asked. Ook kunstenaars die al wel geld verdienen met hun werk, mogen zich aanmelden.

Het idee voor het basisinkomen ontstond na de coronacrisis en werd in 2021 onderdeel van een breder herstelprogramma voor de culturele sector in Ierland, die zwaar had geleden onder de lockdowns. Gemeenten kregen bijvoorbeeld ook subsidie om live optredens te promoten. Aan het basisinkomen werden weinig voorwaarden verbonden. Alleen inwoners van Ierland konden zich aanmelden en participanten moesten kunnen laten zien dat ze professioneel actief zijn in de artistieke sector.

Campagne voor universeel basisinkomen

De positieve resultaten van het subsidieprogramma waren duidelijk vast te stellen doordat de deelnemers elke paar maanden een vragenlijst moesten invullen, over hun welbevinden en inkomsten. Een controlegroep van duizend kunstenaars die de subsidie níet kregen, vulde dezelfde enquête in. De verschillen werden snel zichtbaar.

Ierse activisten die een universeel basisinkomen willen, halen het succes van de kunstenaars graag aan. Er zijn genoeg sectoren net zo kwetsbaar als de artistieke sector, zeggen zij, met werknemers en individuele ondernemers die ook afhankelijk zijn van losse projecten of seizoenswerk. En het inkomen kan als salaris dienen voor werk dat nu vaak informeel is geregeld en onbetaald gebeurt, bijvoorbeeld zorg voor kinderen of oudere familie.

Ook de comfortabele financiële positie van de Ierse regering wordt vaak als argument aangevoerd om het basisinkomen uit te breiden. Ierland profiteert volop van belastinginkomsten van grote multinationals die hun Europese hoofdkantoor in het land hebben gevestigd. Al jaren heeft Dublin een riant begrotingsoverschot, in 2025 was dat 12,4 miljard euro.

Maar in de politiek bestaat weinig draagvlak voor zo’n universeel basisinkomen. Alleen de kleine Groene Partij is er expliciet voor, de twee grote centrumrechtse coalitiepartijen zijn dat zeker niet. Voorlopig blijft het bij een basisinkomen voor kunstenaars. Ook daar is kritiek op: dat het uitgebreider zou moeten. Het programma zou volgens critici beter écht permanent gemaakt kunnen worden. Zoals de Ierse kunstenaarsvakbond vaststelde: „Een termijn van drie jaar creëert instabiliteit in plaats van structurele steun.”

Voor Gearóid O’Dea is het basisinkomen ‘een droom’.

Gearóid O’Dea (37), beeldend kunstenaar ‘Dublin kan een soort mini-Berlijn worden’

Het lijkt vanzelfsprekend, om als kunstenaar je werk te laten inlijsten. Maar Gearóid O’Dea moet er nu weer over nadenken. Het is duur. Het inlijsten van het schilderij van ongeveer een meter hoog dat op een ezel staat in zijn atelier in Dublin, zou gemakkelijk 300 of 400 euro kosten. „Ingelijste werken worden sneller tentoongesteld en dus ook eerder verkocht. Maar als je financieel instabiel bent, hik je ertegen aan.”

Voor Gearóid O’Dea (37 jaar) was het basisinkomen dat hij drieënhalf jaar lang kreeg „een droom”. Nadat hij bij de kunstacademie was afgestudeerd, ontving hij een paar maanden een uitkering. Daarna vond hij werk in het onderhoud en beheer van vastgoed. „Dankzij het basisinkomen kon ik veel meer artistieke projecten doen. Het bracht een bepaalde gemoedstoestand die ik nodig heb om creatief te kunnen zijn. Geen stress over rekeningen of geld.”

De eerste ronde van het basisinkomen liep af in februari, dus nu klust hij weer veel meer bij. „Ik heb nog hooguit één dag per week over voor mijn artistieke werk.” Hij heeft zich ook weer aangemeld voor de volgende ronde. „Al durf ik er niet op te hopen.”

Gearóid O’Dea aan het werk in zijn atelier in Dublin; hij werkt vooral met aquarel en potlood.

O’Dea werkt vooral met aquarel en potlood, en hij experimenteert met sculpturen. Zijn kunst gaat over spanning en hoe die zich uit in het lichaam. „En hoe zulke spanningen te maken hebben met autonomie en controle in je leven.” Hij vindt het belangrijk dat de boodschap van zijn kunst uiteindelijk ook bij de kijker, de toeschouwer, terechtkomt. „Eigenlijk breng ik een negatieve en persoonlijke ervaring naar een gedeelde ruimte. Wat dan weer inspireert, zonder te klef te willen doen.”

Beeldende kunst wordt in Ierland weinig gewaardeerd, zegt hij, veel Ieren deinzen ervoor terug om een expositie binnen te stappen. „We staan bekend om geweldige literatuur en muziek. Maar rond beeldende kunstenaars bestaat een beeld dat het dromers zijn, dat succes voor hen niet mogelijk is.” O’Dea wijt dit vooral aan een gebrek aan kunstonderwijs. Aan het basisinkomen zijn geen voorwaarden verbonden, maar hij zou in ruil graag op middelbare scholen vertellen over zijn werk. „En als de landelijke overheid en het stadsbestuur van Dublin dan meer investeren in galeries en ruimtes voor tentoonstellingen, kunnen we een echt cultureel centrum krijgen. Dan kan Dublin een soort mini-Berlijn worden.”

Schrijfster, activist en rolstoeldanser Maryam Madani in Dublin.

Maryam Madani (32), danser ‘Dansen in een rolstoel is radicaal’

„Als ik geen handicap had gehad, was ik danser geworden, toch mam?” Als kind wilde Maryam Madani (37 jaar) al dolgraag dansen. Maar thuis in Dublin waren geen van de sport- en danslessen geschikt voor kinderen die hun voeten minder goed konden gebruiken. Pas toen Madani 32 jaar was, kwam ze in aanraking met rolstoeldansen. Ze heeft een aangeboren hartafwijking en cerebrale parese, een aandoening waardoor haar hersenen haar spieren niet goed kunnen aansturen.

Madani combineert dans met gesproken woord. Ze ervaart dansen in een rolstoel als een radicale actie. „Het verandert de perceptie van toeschouwers over dans en wie kan dansen. En het draait om het vinden van je eigen bewegingstaal, uniek voor je eigen lichaam.” Veel is improvisatie, in plaats van het aanhouden van choreografieën die voor mensen zonder beperking zijn ontworpen.

In 2022 werd Madani geselecteerd voor de eerste ronde van het basisinkomen voor kunstenaars en ze heeft zich nu ook voor ronde twee aangemeld. Al had de subsidie voor haar een negatief bijeffect: haar uitkering voor arbeidsongeschiktheid werd gekort omdat ze het basisinkomen kreeg. „Ik raakte twee derde van die uitkering kwijt.”

Maryam Madani combineert rolstoeldansen met gesproken woord.

Het basisinkomen van 325 euro is niet inkomensafhankelijk, maar de arbeidsongeschiktheidsuitkering (maximaal 254 euro per week) is dat wel en het Ierse ministerie van Sociale Zaken zag de kunstsubsidie als extra inkomen. „Ik kreeg een vervelend bezoek van een neerbuigende ambtenaar, die zei dat het basisinkomen was bedoeld om los te komen van andere subsidies.” Terwijl uit onderzoek blijkt, vertelt Madani, dat mensen met een beperking extra kosten hebben die op ongeveer 14.000 euro per jaar uitkomen; dat is meer dan de arbeidsongeschiktheidsverzekering. „Denk aan hulpmiddelen, hogere energiekosten, dat soort dingen.”

Wat Madani betreft zou het basisinkomen voor kunstenaars verder moeten worden uitgebreid. Meer kunstenaars zouden het moeten krijgen, niet langer in rondes van drie jaar, maar als permanente voorziening. De Ierse regering kan dat gemakkelijk betalen, zegt ze. Natuurlijk, zegt Madani, voelde ze zich een geluksvogel dat ze tot die eerste ronde kunstenaars behoorde. „Het gaf een fantastisch gevoel van stabiliteit. Maar het verlies van dat vangnet kwam des te harder aan.”

Muzikant John Blek: „Ik heb vooral geprobeerd om mijn toekomst veilig te stellen.”

John Blek (39), muzikant‘Dit is de goedkoopste pr voor Ierland ooit’

Liedjesschrijver en zanger John Blek (39 jaar) gebruikte het basisinkomen voor „saaie en praktische dingen”, zoals een energierekening of een pensioenpotje. „Maar ik heb vooral geprobeerd om te investeren en mijn toekomst veilig te stellen.” Hij bouwde zijn eigen muziekstudio in de grote garage naast zijn huis, op het Ierse platteland. De kosten waren ongeveer 12.000 euro. „Zoveel geld had ik anders nooit in één keer in een project kunnen steken. Nu heb ik een creatieve plek om te werken, wat er in de toekomst ook gebeurt.”

Anders dan andere artistiekelingen die meededen aan de proef, kon John Blek vooraf al redelijk van zijn muziek rondkomen. „Ik ben muzikant sinds mijn achttiende. Ik heb wel wat los-vaste baantjes gehad, maar de laatste was toen ik 24 jaar was.” Het basisinkomen gaf hem de kans om „extravaganter te zijn” in zijn artistieke keuzes. Blek maakte een tournee door Ierland, het Verenigd Koninkrijk, België en Duitsland en normaal gesproken zou hij, om de kosten te drukken, alleen reizen en optreden. Nu kon hij het zich veroorloven om met begeleidende muzikanten te werken, bijvoorbeeld met een violist en een cellist.

Zijn muziek is folk en countryachtig en hij krijgt vaak lovende kritieken in de Ierse media. „Je vraagt je af hoe het in hemelsnaam kan dat John Blek nog steeds één van de best bewaarde geheimen van Ierland is”, schreef dagblad The Irish Times in een recensie over zijn album uit 2023, Until the Rivers Run Dry.

Ook Blek heeft zich aangemeld voor de tweede ronde van het subsidieprogramma. Het basisinkomen kost de Ierse regering ongeveer 35 miljoen euro per jaar en dat is de goedkoopste reclame die de overheid ooit heeft gehad, zegt hij. „Kunstenaars zijn degenen die de cultuur van een land vertolken, die creëren en vaak ook aanwezig zijn op sociale media. Als je wil dat iemand iets positiefs over je vertelt, hebben ze de goede mensen gekozen.” Hij vindt ook dat de subsidie uitgebreider zou kunnen en een permanent karakter zou moeten krijgen. „De Ierse regering heeft diepe zakken en kan dit betalen zonder dat de andere uitgaven eronder zouden lijden.”

Maak NRC jouw voorkeursbron op Google

Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie

Cultuurbeleid

Lees meer

Source: NRC

Previous

Next