Polderoverleg Hoe kan het hoge aantal mensen met een uitkering in Nederland worden teruggebracht? Werkgevers, vakbonden en het kabinet gaan zoeken naar een oplossing.
FNV-voorzitter Hans Spekman tijdens een landelijke bijeenkomst voor schoonmakers.
Eindelijk gaat het gebeuren, bijna acht maanden nadat het kabinet werd beëdigd: werkgevers en vakbonden treffen elkaar woensdag in het Catshuis. Daar worden ze om 09.00 uur opgewacht door een delegatie van vier bewindslieden – inclusief premier Rob Jetten (D66). Overleg over een sociaal akkoord hangt al maanden in de lucht, maar de bonden FNV en CNV hielden vast aan hun eis: eerst alle bezuinigingen op de sociale zekerheid van tafel.
Zo geschiedde eind september. En geen dag te laat, vond vooral minister Hans Vijlbrief (Sociale Zaken en Werkgelegenheid, D66). Die constateerde al in maart in de Tweede Kamer dat Nederland stilstaat, „terwijl de wereld om ons heen in hoog tempo verandert”. Honderdduizenden mensen staan volgens Vijlbrief „met een uitkering langs de kant, omdat ons systeem van sociale zekerheid mensen opsluit”.
Gezien de complexiteit van de vraagstukken rekent niemand op snelle resultaten. Ook Vijlbrief verwacht pas in het voorjaar de eerste uitkomsten. De arbeidsongeschiktheidsregeling WIA heeft de grootste problemen, maar ook de arbeidsmarkt kan beter werken volgens het kabinet. En het derde thema is breed: hoe kan het verdienniveau van de Nederlandse economie omhoog om het land aantrekkelijker te maken als vestigingsplaats?
FNV-voorzitter Hans Spekman bezoekt een HTM-remise om stakende buschauffeurs te bedanken.
Nederland telt bijna 900.000 mensen die een uitkering krijgen op grond van arbeidsongeschiktheid. Toen in 1990 premier Ruub Lubbers (CDA) werd geconfronteerd met bijna 900.000 mensen in de toenmalige WAO, sprak hij de veelgeciteerde woorden dat „Nederland ziek was”. Vervolgens werd de arbeidsongeschiktheidsregeling flink versoberd.
Nu barst de twintig jaar oude WIA uit haar voegen. De instroom – met relatief veel jonge werknemers – is hoog en door een gebrek aan artsen moeten meer dan tienduizend mensen langer dan zes maanden op een keuring wachten. Tragisch voor de betrokkenen, duur voor de overheid, want ook zonder keuring krijgen die mensen een uitkering. En zonder ingrijpen wordt de wachtlijst in rap tempo veel langer.
Hoe in te grijpen? Dat is een van de belangrijkste vragen in het sociaal overleg. Naast meer preventie (en hoe?) en efficiënter keuren, staat ook de Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA) ter discussie. Die is bestemd voor mensen die vrijwel zeker nooit meer kunnen werken. Dat vaststellen vereist een tijdrovende keuring, maar daarvoor is eigenlijk geen ruimte, vindt het kabinet. Voor afschaffing van de regeling, die met 75 procent van het laatste loon iets hoger ligt dan de WIA-uitkering (70 procent), voelen de vakbonden echter niets.
Eveneens omstreden is de loonbetaling verkorten bij ziekte. Vooral voor kleinere werkgevers is de huidige twee jaar doorbetalen een zware last. Minister Thierry Aartsen (Werk en Participatie, VVD), die ook het overleg in het Catshuis bijwoont, heeft begrip voor hun zorgen, maar de vakbonden zijn faliekant tegen een kortere doorbetaling. Bijkomend nadeel: zieke mensen stromen dan sneller naar de overvolle WIA.
Veel sectoren zitten te springen om personeel en toch krijgen 200.000 mensen een werkloosheidsuitkering. Een van de ingetrokken voornemens van de coalitie is de WW-uitkering inkorten. In plaats van twee jaar zou die naar één jaar gaan omdat dit mensen zou prikkelen om werk te zoeken.
Maar het Centraal Planbureau concludeerde vorige maand dat de maatregel een „beperkt” effect heeft op de werkloosheid: die daalt structureel met achtduizend banen. Financieel gezien is het effect minder beperkt, want de verkorte WW-duur zou 1,2 miljard euro opleveren.
In hun verzet tegen de maatregel kunnen de vakbonden erop wijzen dat gemiddeld een werkzoekende minder dan zeven maanden in de WW zit. Met name 55-plussers hebben langer een uitkering, maar die groep is nu eenmaal moeilijker aan nieuw werk te helpen.
Naast intensievere programma’s om mensen sneller ‘van werk naar werk’ te begeleiden, zal ook de rol van AI op tafel komen. Vorige week nam de Tweede Kamer nog een motie van Pro en Volt aan waarin de regering wordt gevraagd serieus naar de gevolgen van AI te kijken voor „de toekomstbestendigheid van ondernemerschap en werkgelegenheid”. Dat advies wordt aan de Sociaal-Economische Raad gevraagd, waarbinnen werkgevers en werknemers een belangrijke rol spelen.
Pro-leider Jesse Klaver bezocht met Spekman dezelfde remise om de chauffeurs een hart onder de riem te steken.
Investeren in AI speelt ook een belangrijke rol in wat voormalig ASML-topman Peter Wennink de regering heeft aanbevolen. Om internationaal mee te komen, is niet alleen een economische groei van gemiddeld 1,5 procent nodig, maar ook een ingrijpende wijziging op sociaal-economisch vlak, bepleit Wennink. Want met bijna 1,5 miljoen mensen met een uitkering is het veel lastiger om structureel zo’n groei te bereiken, is de gedachte.
Soepeler ontslagrecht en kortere loondoorbetaling bij ziekte: die adviezen van Wennink klinken werkgevers als muziek in de oren. En ook het kabinet staat achter het rapport en heeft in het coalitieakkoord „conform het rapport-Wennink” de economische groei van 1,5 procent als uitgangspunt genomen.
Vakbonden werden in het rapport grotendeels over het hoofd gezien, maar dat FNV op een ander spoor zit, bleek eind vorig jaar wel uit haar reactie. Ze constateerde dat Wennink een „onjuiste tegenstelling” schetst tussen sociale zekerheid en het Nederlandse verdienvermogen. „Het rapport maakt de belangen van mensen ondergeschikt aan de economie.”
Bij Google kan je nu zelf aangeven welke nieuwsbronnen jij vaker wil zien in je zoekresultaten.Meer informatie