Max Pam is schrijver en columnist van de Volkskrant.
Films over historische figuren mogen zich verheugen in een grote populariteit en ook ik ga er graag voor naar de bioscoop. Op het witte doek heb ik nogal wat Winston Churchills gezien: moedige, boze, speechende, maar ook etende, zwetende en in bad zittende Churchills. Ik heb hem gezien als piloot, parlementariër en als nukkige premier.
Tevens zag ik hoe hij zijn geschilderd portret verbrandde en was ik er getuige van dat zijn filmpersonage tijdens een kabinetsvergadering op een eeuwenoud tapijt waterde, omdat hij zo dronken was. In een van die films reed hij zelfs met het gewone volk in de ondergrondse, wat hij volgens mij nooit heeft gedaan. Er waren Churchills bij die niet op Churchill leken, maar een geweldige Churchill speelden – het omgekeerde was ook het geval. Churchill is een dankbaar personage, meer nog dan Stalin of Hitler. Met laatstgenoemde heb ik in films en romans altijd moeite. Of Hitler lijkt niet, of Hitler doet nog gekker dan hij in werkelijkheid was.
Historische films geven het gevoel dat wijzelf aanwezig zijn bij grote gebeurtenissen. We trekken op met Jeanne d’Arc (Ingrid Bergman), beleven een veldslag met Napoleon (Joaquin Phoenix) of liggen in bed tussen de vrouwen van Willem van Oranje (Jeroen Krabbé), om maar eens wat te noemen. Of het allemaal klopt is een tweede, maar het lijkt onvermijdelijk dat een historische figuur een eigenzinnig karakter bezit. Hij moet tegen zijn omgeving ingaan en dingen zien die anderen niet zien. Zijn profetische gaven worden in de loop van het verhaal geopenbaard. Wat dat betreft is het vijf uur durende tweeluik La Bataille de Gaulle een schot in de roos.
Charles de Gaulle was, om met de historicus H.L. Wesseling te spreken, ‘de man die nee zei’. Hij zei nee tegen de generaals die de Maginotlinie aanbevolen, hij zei nee tegen Vichy, hij zei nee tegen Churchill en Roosevelt, hij zei nee tegen de Atlantische gedachte, hij zei nee tegen zijn generaals in Algerije en hij zei zelfs nee tegen zijn eigen Franse volk. André Malraux, zijn grootste bewonderaar, schreef: ‘De Gaulle is alleen op zijn gemak als hij “non!” kan zeggen.’
Kortom, De Gaulle was een geweldige figuur – in het echt en voor een film.
Columnisten hebben de vrijheid hun mening te geven en hoeven zich niet te houden aan de journalistieke regels voor objectiviteit. Lees hier onze richtlijnen.
Een film over een historische figuur kan pas succesvol zijn als er ook een persoonlijk element in zit. Zo worden de vrouw van De Gaulle en zijn kinderen, in het geheim naar Londen gebracht. Heel even zie je zijn dochter Anne, die met het syndroom van Down was geboren, maar die door De Gaulle altijd is behandeld als een volwaardig lid van de familie. De koppige generaal krijgt daardoor iets menselijks, zelfs iets ontroerends.
Hetzelfde procedé wordt gevolgd in een andere historische film Pressure, die sinds kort ook in Nederland draait. Die gaat over de Britse meteoroloog James Stagg, die wordt geacht te voorspellen wat voor weer het wordt op D-day. Voor Eisenhower, hoogste generaal der geallieerde landingstroepen, is dat cruciale informatie. Om het spannender te maken ligt de vrouw van Stagg ter bevalling in het ziekenhuis en om het nog spannender te maken wordt dat ziekenhuis gebombardeerd door de Duitsers. Dat is niet volgens de werkelijkheid. Bovendien werd Stagg bijgestaan door de Noorse meteoroloog Sverre Petterssen, die in de film nauwelijks voorkomt. Staggs ruzie met de Amerikaanse weerkundige Irving Krick is, volgens kenners, ook te dramatisch aangezet.
Twee figuren komen zowel in La Bataille de Gaulle als in Pressure voor: de generaals Eisenhower en Montgomery, telkens gespeeld door andere acteurs. Laatstgenoemde is vanwege zijn dwarse houding een dankbare figuur in vele oorlogsfilms. Opperbevelhebber Dwight D. Eisenhower was daarentegen minder kleurrijk, vandaar dat de makers van Pressure een belangrijke rol hebben weggelegd voor Kay Summersby, zijn secretaresse, chauffeur en manusje-van-alles. Net als de kijkers na afloop hebben historici zich afgevraagd: deed hij het nou met haar of niet? Zelf heeft Kay er twee boeken over geschreven. In de eerste ontkent ze alles, in de tweede – vlak voor haar dood gepubliceerd – geeft ze toe dat ze hebben gekust. Overigens noemde zij hem liefkozend Ike, terwijl zijn eigen vrouw Mamie Doud altijd sprak over Dwight.
Beide films vond ik prachtig, hoewel De Gaulle in het echt meer gevoel voor humor had. Dat geldt trouwens ook voor Eisenhower. Die werd na de oorlog door Stalin uitgenodigd naar Moskou te komen. Ike mocht niet alleen een gymnastiekvoorstelling op het Rode Plein bijwonen, hij ontmoette ook zijn Russische evenknie generaal Georgi Zjoekov. Die liet hem filmbeelden zien van het veroverde Berlijn, waarop Eisenhower zei: ‘Verliest u ooit uw baan, dan kunt u altijd terecht in Hollywood!’ Zjoekov kon de grap wel waarderen, maar Stalin die erbij stond, antwoordde grimmig: ‘Maarschalk Zjoekov komt in de Sovjet-Unie nooit zonder baan te zitten.’
Geen column meer missen?
Volg uw favoriete columnisten via de app. Klik op het belletje naast de auteursnaam.