Energieleveranciers moeten vanaf volgend jaar verplicht biogas toevoegen aan het aardgas dat zij leveren aan hun Nederlandse klanten. De Tweede Kamer stemde dinsdag voor deze bijmengverplichting, met dank aan een late ommezwaai van Pro, dat vorige week nog tegen was.
is politiek verslaggever van de Volkskrant.
Wat verandert er door de nieuwe bijmengverplichting van groen gas?
Als de wet dit jaar nog door de Eerste Kamer komt, worden gasleveranciers met ingang van 1 januari verplicht een kleine hoeveelheid ‘groen gas’ toe te voegen aan hun aardgasleveringen in Nederland. Dit is te vergelijken met het bijmengen van biobrandstof in Europese benzine, die sindsdien vermarkt wordt als E10.
De bij te mengen hoeveelheid stijgt tot en met 2031 jaarlijks. Over vijf jaar moet daardoor het biogasverbruik in Nederland ruim verdubbeld zijn naar 840 miljoen kubieke meter. Groen gas heeft exact dezelfde eigenschappen als aardgas, dus de cv-ketel en andere gasinstallaties behoeven geen aanpassingen.
Wat is het doel van deze maatregel?
De twee hoofddoelen zijn de vermindering van de uitstoot van broeikasgassen en het verkleinen van de afhankelijkheid van buitenlands aardgas. Biogas wordt gemaakt van ‘verse’ organische reststromen als afgekeurd voedsel, rioolslib, landbouwafval en dierlijke mest. Omdat dit basismateriaal wordt beschouwd als een ‘hernieuwbare’ bron (net als de houtpellets die sommige elektriciteitscentrales verstoken), tellen de CO2-emissies van biogasverbranding niet mee in de landelijke broeikasgasuitstoot.
Het groene gas vervangt een deel van het aardgasverbruik, waardoor de landelijke CO2-uitstoot op papier daalt. Dat helpt bij het halen van de klimaatdoelen. De wet moet ook de binnenlandse biogasproductie stimuleren, waardoor Nederland minder afhankelijk wordt van aardgas uit de Verenigde Staten, het Midden-Oosten en Rusland.
Waarom zijn dan zoveel partijen tegen deze wet?
Het rechterdeel van de Tweede Kamer vindt de klimaatdoelen niet belangrijk. Dat argument overtuigt die fracties dus niet. Zij zijn tegen, omdat groen gas vanwege het ingewikkelde productieproces aanzienlijk duurder is dan aardgas. Die hogere kosten zullen de energieleveranciers doorberekenen aan de afnemers.
Een gemiddeld tweepersoonshuishouden met gasverwarming zal in 2031 daardoor 109 euro per jaar extra kwijt zijn aan energie. Voor een gemiddeld vierpersoonsgezin is dat circa 150 euro. Die kosten komen bovenop de stijgende aardgasprijzen en hogere netwerkkosten die de netbeheerders voorzien vanwege de kostbare versterking en uitbreiding van het stroomnet in de komende decennia.
Het linkerdeel van de Tweede Kamer, inclusief Pro, vreest dat de bijmengverplichting de landbouwtransitie kan frustreren. Omdat dierlijke mest een van de belangrijkste grondstoffen is voor mestvergisters die groen gas produceren, verbetert dit het verdienmodel voor de intensieve veehouderij. Als mestvergisting rendabel wordt (dat is het nu nauwelijks) dankzij de extra vraag die ontstaat als gevolg van de bijmengverplichting, kunnen grote veehouders wellicht verdienen aan hun mestoverschot.
Hoe meer mestvergisters er in Nederland worden gebouwd, hoe sterker de economische noodzaak wordt om de mestaanvoer, en daarmee de veestapel, op peil te houden. Het stikstofbeleid vraagt juist om een krimp van de veestapel, maar het stimuleren van de biogasproductie geeft een tegengestelde prikkel.
Waarom heeft Pro de wet toch aan een meerderheid geholpen?
De partij twijfelde, maar vindt de klimaatvoordelen toch zwaarder wegen dan het risico voor de landbouwtransitie. De Partij voor de Dieren maakte een andere afweging en stemde tegen. Pro gaat ervan uit dat veel mestvergisters ook met de bijmengverplichting onrendabel zijn, waardoor het niet zo’n vaart zal lopen met de groei van de mestvergistingsindustrie.
Veel plannen voor mestvergisters strandden de afgelopen jaren op vergunningsproblemen. Vanwege stikstof, maar ook omdat omwonenden die stankoverlast vrezen bezwaar maken tegen nieuwe mestvergisters. Bovendien is de bouw en exploitatie van biogasinstallaties vaak alleen rendabel met overheidssubsidies, en die zijn beperkt beschikbaar.
Een late toezegging van klimaatminister Stientje van Veldhoven (D66) gaf voor Pro de doorslag. Van Veldhoven beloofde vrijdag in een Kamerbrief de effecten van de bijmengverplichting op de veestapel te zullen onderzoeken. Mocht blijken dat de wet inderdaad positief uitpakt voor de intensieve veehouderij, dan ‘zal het kabinet de Kamer informeren of subsidiemaatregelen passend en/of nodig zijn’, schrijft Van Veldhoven.
Deze formulering verplicht het kabinet tot niets. De kans dat Van Veldhoven dan de subsidiekraan dichtdraait, lijkt niet groot, want de coalitiepartijen VVD en CDA wilden überhaupt geen onderzoek. Ze stemden vorige week tegen de motie die Pro daarover indiende. Van Veldhoven beloofde het gevraagde onderzoek een paar dagen later alsnog, omdat ze Pro nodig had voor een Kamermeerderheid.
Luister ook naar onze politieke podcast ‘De Kamer van Klok’:
Geselecteerd door de redactie
Source: Volkskrant