LEIDEN - Een roos in de schoot van een vrouw kon in de zeventiende eeuw betekenen dat ze zwanger was en dat is lang niet de enige verborgen boodschap die bloemen in die tijd hadden. In de net geopende tentoonstelling 'Tuin der lusten, de zeventiende eeuw in bloei' in Museum de Lakenhal in Leiden ontdek je hoeveel verhalen er achter ogenschijnlijk gewone bloemen schuilgaan.
'Het is eigenlijk zo dat bijna iedere bloem op een schilderij een bepaalde betekenis heeft', vertelt Tanja Elstgeest, directeur van Museum de Lakenhal.
Wie naar zo'n schilderij kijkt, ziet misschien vooral een mooi boeket, maar bloemen vertelden in de zestiende en zeventiende eeuw iets over geloof, liefde, status en de dood. Tanja neemt ons mee langs vijf opvallende weetjes die laten zien hoe verrassend die bloementaal is.
Wie de symboliek niet kent, ziet misschien gewoon een schilderij van een dame met een roos. Maar die roos heeft een diepere betekenis.
Een roos in de schoot van een vrouw kon betekenen dat ze zwanger was. Bloemen vormden zo een soort beeldtaal die mensen in de zestiende en zeventiende eeuw konden lezen.
In het begin hadden bloemen vooral een symbolische betekenis binnen het geloof. Maar de kennis van de natuur werd steeds groter. 'Mensen werden heel erg nieuwsgierig naar de overzeese gebieden en de natuur daar', vertelt Tanja enthousiast. 'De wetenschap kreeg ook een heel belangrijke rol.'
Mensen gingen bloemen bestuderen en die heel precies naschilderen en natekenen. Zo kregen nieuwe bloemensoorten ook nieuwe betekenissen.
In bloemstillevens zie je soms iets wat in werkelijkheid helemaal niet kan. Op één schilderij staan bloemen bij elkaar die nooit tegelijkertijd bloeien.
Soms komen ze zelfs uit verschillende delen van de wereld. Op het doek vormen ze toch samen één indrukwekkend boeket.
'Die boeketten werden samengesteld uit allerlei bloemen die eigenlijk niet tegelijk zouden kunnen bloeien.' Dat was niet alleen bedoeld om iets moois te schilderen, licht Tanja toe.
'Het gaf de eigenaar een soort status. Die kon laten zien hoe internationaal hij of zij dacht en hoeveel kennis er was van de rest van de wereld.' Het bloemstilleven werd zo ook een statussymbool.
Niet iedere bloem bracht een vrolijke boodschap. 'Bloemen verwelken en uiteindelijk sterven ze', legt Tanja uit. Daarmee kan de bloem symbool staan voor de mens.
'Het symboliseert eigenlijk dat mensen ook sterven. De bloem is dan juist een verwijzing naar de dood en de eindigheid van het leven.'
Zo'n schilderij met een verwijzing naar de dood wordt vaak een vanitas genoemd. Op zo'n schilderij zie je bijvoorbeeld ook een schedel en andere symbolen die wijzen op de vergankelijkheid van de tijd. Vanitas verwijst naar de vergankelijkheid van het aardse leven en de zinloosheid van ijdelheid.
Ook de tulp is in de zeventiende eeuw veel meer dan alleen een mooie bloem. 'Die waren ongelooflijk duur', vertelt Tanja. Op een gegeven moment was een tulpenbol zelfs meer waard dan een grachtenpand.
Mensen speculeerden met de tulpenbollen. Ook de afbeelding van zo'n bijzondere tulp gaf de eigenaar prestige.
Leiden heeft bovendien een bijzondere band met de tulp. 'De eerste tulpenbol is hier in Leiden geplant door Clusius', zegt Tanja. Botanicus Carolus Clusius kweekte tulpen in de Leidse hortus en speelde daarmee een belangrijke rol in de geschiedenis van de bloem.
Bloemen konden ook verwijzen naar het paradijs. Vooral in een religieuze context stonden ze voor een ideale wereld en het geluk dat daarbij hoorde.
'Het paradijs is het symbool van het geluk, het eeuwige geluk', vertelt Tanja.
Dat laat zien hoeveel verschillende lagen bloemen in kunst kunnen hebben. Een bloem kan iets zeggen over liefde of rijkdom, maar net zo goed over geloof, leven en dood.
De bekende Belgische modeontwerper Walter Van Beirendonck verzorgt op geheel eigen wijze de inrichting van de tentoonstelling. Zo zie je paspoppen met bloemrijke kleding van modeontwerpers die zich nog altijd laten inspireren door bloemen en bloemstillevens.
De Antwerpenaar laat zich voor de inrichting inspireren door een houten blokkendoos, zo'n doos met gaten waar een kind de juiste vorm in moet stoppen. Die vormen zie je uitvergroot terug in de tentoonstelling.
Daar blijft het niet bij: aan de tentoonstelling hangt letterlijk een luchtje. 'Er is ook een tuingeur die je ruikt als je in de tentoonstelling loopt', vertelt Tanja. En om helemaal in de bloemensfeer te blijven, is er ook iets te horen. 'Er is een soundscape met vogels die je hoort.'
Bloemen spreken dus een eigen taal. Handig om die een beetje te kennen voordat je met een boeket voor de deur staat.
Meer verhalen over musea, cultuur en vrije tijd vind je hier
Source: Omroep West Den Haag