Home

Tatiana woont op oud voetbalveld: 'Terwijl ik naar Scheveningen kan, sterven er Oekraïense kinderen' - Omroep West

DELFT - Waar vroeger de voetballers van Delfia speelden, wonen nu Oekraïense vluchtelingen. Het terrein aan de Mozartlaan in Delft biedt sinds de zomer van 2023 plek aan 228 mensen. De meesten werken of gaan naar school. Hoe ziet hun leven eruit als ze 's ochtends de deur achter zich dichttrekken?

Met een brede lach wandelt sociaal beheerder Héctor (60) met zijn hondje Blake over het terrein. Hij groet iedereen bij naam en maakt een kort praatje.

Ook ouderen die geen Nederlands of Engels spreken, stelt hij met een zwaai of schouderklopje op hun gemak.

'Ik zorg voor mijn bewoners hier', vertelt hij. 'Als ze uitdagingen hebben, komen ze naar me toe. We proberen het dan samen op te lossen.'

Héctor kan zich nog goed herinneren hoe het terrein er een paar jaar geleden bij lag. 'Overwoekerde voetbalvelden waren het. Moet je eens kijken wat het nu is.'

Wel baalt hij ervan dat zijn kantoor in de voormalige Delfia-voetbalkantine een paar maanden geleden is afgebrand. 'De brandweer zegt dat het door een kortsluiting komt, maar er zijn in deze straat al zoveel branden geweest', verzucht hij.

Alleen al in de week dat zijn kantoor afbrandde, waren er vier branden in de Mozartlaan. Wat de reden daarvoor is, weet de sociaal beheerder niet. 'Ik hoop gewoon dat mijn kantoor weer snel wordt hersteld.'

Wie meteen opvalt tussen de sobere woningen, is de 12-jarige Sviatoslav. Met zijn rammelende stepje maakt hij rondjes over het terrein.

Al ruim drie jaar woont hij hier samen met zijn vader, moeder en broertje in een containerwoning. 'Als ik niet op school zit, dan game of kook ik', vertelt Sviatoslav bijna accentloos. 'Mijn favoriete recept is spaghetti bolognese.'

Ook Tatiana is graag in de keuken te vinden. Ze woont met haar dochter Veronika op een paar vierkante meter en heeft net koekjes gebakken en Oekraïense bloementhee gezet.

Terwijl ze inschenkt, vertelt Tatiana dat ze misschien wel de mooiste werkplek heeft van iedereen hier: De Nieuwe Kerk.

Drie keer per week maakt ze de iconische Delftse kerk schoon. Nu ze daar aan het verbouwen zijn, is dat ook hard nodig volgens haar. 'Vooral op maandag ligt er overal stof.'

Ook Sviatoslav heeft zijn draai gevonden in Delft. Vooral op school voelt hij zich thuis. Vanaf dit jaar zit hij op het Grotius College in de kopklas, tussen groep 8 en de eerste klas van de middelbare school in. 'Het is een soort groep 9', legt hij uit.

Als een van de eersten van de klas heeft Sviatoslav zijn schoolopdrachten vandaag af. Alleen de extra tekenopdracht wil hij niet maken. 'Waarom niet?', vraagt docent Manon. 'Omdat ik tekenen niet zo belangrijk vind', antwoordt Sviatoslav. 'Aan een vak als rekenen heb ik tenminste wat in de toekomst.'

Ondertussen loopt Tatiana met een stoffer tussen de kerkbanken. Haar gedachten dwalen af naar het scherpe contrast tussen Nederland en Oekraïne. Straks gaat ze in de binnenstad lunchen en misschien nog naar het strand in Scheveningen, terwijl in haar moederland verschrikkelijke dingen gebeuren.

'Er gaan op dit moment Oekraïense kinderen dood. Veel van hen zitten in kelders en zijn erg bang. Dat doet pijn in mijn hart', fluistert ze.

De schoolbel gaat en Sviatoslav is klaar voor vandaag. Lopend naar huis, vertelt hij over zijn droom in het leven: 'Ik wil heel graag meester worden bij de peuters.' Of hij dan veel aan zijn rekenkunsten gaat hebben? 'Misschien word ik wel rekenmeester bij de peuters', antwoordt hij met een serieus gezicht.

Een toekomst in Nederland is voor Sviatoslav en de andere Oekraïners nog geen zekerheid. Hun tijdelijke bescherming loopt tot maart 2028. Hoe hun leven er daarna uitziet, is nog onduidelijk.

Ondanks die onzekerheid vindt Héctor het mooi om te zien dat er dromen opbloeien in Delft. Hij weet zelf hoe het is om opnieuw te beginnen: op zijn twintigste verhuisde hij van Peru naar Nederland.

'Ik zat op een kamertje met vijf gulden en drie blikken bonen in tomatensaus in de kast', blikt hij terug. 'Met die ervaring kan ik nu anderen helpen.'

Voordat Héctor het terrein aan de Mozartlaan afloopt, roept hij nog 'spasiba': dankjewel in het Russisch. Een van de bewoners wijst hem erop dat hij daarmee de taal van de agressor spreekt. In het Oekraïens is het 'djakoejoe'.

Héctor doet zijn handen voor zijn gezicht: 'Oeps, sorry, djakoejoe dan!'

Source: Omroep West Den Haag

Previous

Next