Tot de Amerikaanse tussentijdse verkiezingen op 3 november praat NU.nl je wekelijks bij over de laatste ontwikkelingen. Met vandaag: op het verkiezingspad in Maine.
In deze update krijg je een overzicht van het grote nieuws. Ook behandelen we minder in het oog springende ontwikkelingen en zijpaden. We delen interessante bronnen en beknopte analyses om je meer context te bieden.
Deze editie van de Verkiezingsupdate is anders dan gebruikelijk. Vorige week was ik in Maine, de dunbevolkte staat aan de oostkust die mogelijk een doorslaggevende rol zal spelen in de strijd om de meerderheid in de Senaat. Mijn eerste reportage kun je vanaf zondagochtend lezen, een tweede volgt komende week.
In de tussentijd neem ik je graag mee op pad met een zogeheten canvasser in Lewiston en voor een kijkje achter de schermen bij mijn werk.
Lewiston is een voormalige fabrieksstad met een slechte reputatie in Maine: er is relatief veel armoede en criminaliteit. Kevin Ready (50) gaat hier de deuren langs om kiezers aan te sporen op de Democratische senaatskandidaat Troy Jackson en andere Democraten te stemmen.
Hij gebruikt een app met kiezersgegevens om zijn route te bepalen. Heel handig, maar niet altijd up-to-date. Zeker niet in een armere wijk, zoals die net buiten het centrum van Lewiston waar we die dag lopen. Veel mensen blijken te zijn verhuisd en midden in een van de straten is zelfs een compleet gebouw verdwenen.
Als een gebouw er wel staat, is ook vaak onduidelijk wie waar precies woont. Enorme houten huizen zijn opgedeeld in talloze appartementen en zaken zoals huisnummers, naamkaartjes of deurbellen ontbreken regelmatig. Duistere trappenhuizen nodigen niet bepaald uit tot verkenning. Bovendien is het vrijdagmiddag en zijn veel mensen gewoon aan het werk. In de drie uur dat ik met hem op pad ben, spreekt Kevin een handjevol mensen.
Achter de hordeur van een onopvallend wit huis ligt een omsloten veranda die is ingericht als een patriottistisch heiligdom. De muren zijn geplamuurd met Amerikaanse vlaggen en adelaars, en op elk plat oppervlak staan figuurtjes die met de Stars and Stripes zwaaien. Op de voordeur prijkt een grote sticker met de gezichten van president Donald Trump en vicepresident JD Vance.
Kevin kijkt bedenkelijk, maar klopt toch aan (met een hard plastic balletje, "geen pijnlijke knokkels"). Een vrouw van middelbare leeftijd doet open. Er volgt een licht ongemakkelijk gesprek. Nee, de kiezer die in Kevins app staat is niet thuis. Kent ze Troy Jackson? "Ja, maar dit is mijn president", zegt de vrouw veelbetekenend, wijzend naar de sticker op de deur. Kevin: "Ik probeer u nergens van te overtuigen hoor." De vrouw haast zich om te zeggen dat ze graag met mensen met andere politieke overtuigingen praat, Kevin beaamt dat het goed is om met elkaar in gesprek te blijven.
Kevin is chauffeur bij een postbedrijf. Hij werd actief binnen zijn vakbond om te pleiten voor betere kinderopvangregelingen. Zo rolde hij op onverwachte wijze de verkiezingscampagne in. De vakbond heeft zijn steun uitgesproken voor Jackson. "Er bleek een of andere obscure afspraak tussen de bond en mijn werkgever te zijn, ergens in een contract, dus ik ben twee maanden uitgeroosterd om dit te gaan doen. Mijn leidinggevenden waren daar niet blij mee." Hij gaat voornamelijk solo op pad en heeft verder niets te maken met de campagne van Jackson.
Dagen zoals deze, wanneer Kevin vooral flyers tussen deuren steekt (volgens de wet mogen ze niet in de brievenbus), zijn best demotiverend, zegt hij. "Dan haal ik mijn energie uit kleine interacties met mensen." Zoals die met de buurman van de vrouw met de Trump-veranda. Hij steekt zijn hoofd over de reling van zijn balkon als Kevin aanbelt. "Troy Jackson? Loop maar door, broeder, mijn stem hebben jullie! Bedankt voor jullie werk!"
Amerikaanse campagneteams hebben doorgaans weinig interesse in de aandacht van buitenlandse media. Als verslaggever uit het kleine Nederland moet je aardig je best doen om een woordvoerder te pakken te krijgen, laat staan de gelegenheid om de daadwerkelijke kandidaat een paar vragen te stellen.
Bij een verkiezingsbijeenkomst in Bath trof ik collega's van een Belgisch medium. Zij waren op de bonnefooi gekomen, want hun talloze mails naar het team van de kandidaat waren onbeantwoord gebleven. Dat gold ook voor mijn mails, maar ik had door puur geluk een sluiproute gevonden. Op de site waar kiezers zich kunnen aanmelden voor dit soort evenementen stond een knop waarmee je een bericht aan de organisatoren kon sturen. Wonder boven wonder kwam daar wel een reactie op.
Niet alle kandidaten houden zogeheten town halls, bijeenkomsten waar plaatselijke kiezers vragen kunnen stellen. De verschijningen van de tegenstander van Jackson, de Republikeinse senator Susan Collins, zijn strakker geregisseerd. Ze maakt bijvoorbeeld regelmatig haar opwachting bij brandweerkazernes die dankzij haar werk in Washington nieuw materieel hebben gekregen. De aanwezige pers is zorgvuldig geselecteerd. "Ik was er, en iemand van The New York Times", zei een fotograaf van persbureau Getty tegen me over een recent bezoek van Collins aan de agrarische jaarmarkt in Fryeburg. "Dat was het."
Het bovenstaande leest misschien een beetje als een klaagzang, maar dat soort uitdagingen zijn juist deel van wat ons werk zo leuk maakt. En als je toch ergens op de gok komt aanwaaien, kom je vaak wel binnen.
Bedankt voor je aandacht en tot volgende week! Heb jij vragen over de Amerikaanse midterms, een voorstel voor een onderwerp of andere opmerkingen? Stuur een mail naar matthijs@nu.nl.
Source: Nu.nl algemeen